Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De belijdenisgeschriften onzer kerk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De belijdenisgeschriften onzer kerk

7 minuten leestijd

DE DORDTSE LEERREGELS

I.

De naam.

Nadat we een artikelenserie gegeven hebben over de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Heidelbergse Catechismus rest ons nu nog de behandeling van ons derde belijdenisgeschrift: De Vijf Artikelen tegen de Remonstranten of ook wel genoemd de Dordtse Leerregels. Dit is over 't algemeen wel het minst bekende van onze drie belijdenisgeschriften, waarin de Nederlandse Hervormde Kerk haar geloof belijdt. Toch worden hier zeer gewichtige dingen in behandeld en het loont alleszins de moeite om hier nader op in te gaan. We vinden hier ook een geestelijke goudmijn, die voor vele mensen nog onontgonnen is. We hopen u mede door deze artikelen te prikkelen tot nader onderzoek van deze Dordtse Leerregels.

Zoals onze Heidelbergse Catechismus haar naam ontleend heeft aan de plaats waar ze is opgesteld, zo worden ook de Dordtse Leerregels genoemd naar de plaats waar ze zijn samengesteld. Dit geschiedde immers door de Nationale Synode van 1618—1619, die in de stad Dordrecht werd gehouden.

De oorspronkelijke titel van dit belijdenisgeschrift luidde: „Oordeel des Synodi Nationalis der Gereformeerde Kercken van de Vereenigde Nederlanden: gehouden binnen Dordrecht in den jare 1618 en 1619. Welke geassisteert is geweest met vele treffelicke Theologen uit de Gereformeerde Kercken van Groot Britagnien, de Cheur-Vorstelijcke Paltz, Hessen, Switserlant, de wedderravische correspondentie, Geneven, Bremen en Emden: over de bekende vijf hoofdstukken der leere, daer van inde Gereformeerde Kercken deser Vereenigde Nederlanden verschil is gevallen. Uitgesproken op den 6. Maij 1619". Dit is wel een breedvoerig opschrift, zoals men dat vroeger wel meer gewoon was. Het heeft echter dit voor, dat we terstond op de hoogte zijn van de zaken waarover het in dit geschrift gaat. Over bepaalde punten der leer was geschil gerezen. Die geschilpunten zijn op de Nationale Synode van Dordrecht behandeld. De afgevaardigden van verschillende buitenlandse kerken van gereformeerde belijdenis hebben mede beraadslaagd en hebben mede de Leerregels opgesteld, zoals die ons hier worden aangeboden. Dit alles wordt ons verhaald in het opschrift van de Vijf Artikelen tegen de Remonstranten of de Dordtse Leerregels.

Een belijdenisgeschrift.

We willen er hier nog eens nadrukkelijk op wijzen, dat we de Dordtse Leerregels te beschouwen hebben als een belijdenisgeschrift. Voor velen, die van de gereformeerde leer niet willen weten, zijn juist deze Dordtse Leerregels een doorn in het oog. En juist zij zouden gaarne dit derde belijdenisgeschrift maar geheel terzijde stellen. Zeker, we willen toegeven, dat het karakter van de Dordtse Leerregels anders is dan dat van de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Heidelbergse Catechismus. Trouwens, we hebben er destijds op gewezen, dat ook die twee belijdenisgeschriften van karakter verschillen.

De Dordtse Leerregels zijn een nadere verklaring van enkele punten, die weliswaar in de Nederlandse Geloofsbelijdenis behandeld worden, maar die toch nader moesten worden uitgelegd. Daarom wordt ook gesproken van: de Nederlandse Geloofsbelijdenis met de Dordtse Leerregels.

Nu stelt men het echter wel eens zo voor, dat die Dordtse Leerregels niet zijn opgesteld met de bedoeling, dat zij een derde belijdenisgeschrift zouden vormen en dat men derhalve in prediking en onderwijs niet gebonden was aan de nadere verklaring, die in de Dordtse Leerregels gevonden werd.

De Dordtse Synode heeft echter een ondertekeningsformulier opgesteld voor de predikanten waarin de volgende zinsnede voorkomt: „Wij ondergeschreve Dienaren des Godtlijcken Woorts, resorteerende on der classe van..., verklaeren oprechtelick in goeder conscientie voor den Heere met dese onze onderteeckeninge, dat wij van herten ghevoelen ende geloven, dat alle de articulen ende stucken der leere in dese Confessie ende Catechismo der gereformeerde Nederlantsche kercken begrepen, mitsgaders de verclaringe over eenige poincten der voorss. leere in den Nationalen Synode anno 1619 tot Dordrecht ghestelt, in alles met Godts Woort overeencomen "

Hier wordt derhalve de plechtige verklaring afgelegd, dat de leer der kerk, vervat in de Confessie (Nederlandse Geloofsbelijdenis), de Catechismus en de Leerregels in alles met Gods Woord overeenkomt. Gods Woord is hier derhalve gesteld als kenbron en regel des geloofs en de belijdenisgeschriften zijn derhalve onderworpen en moeten worden getoetst aan het Woord van God. De Dordtse Sy-

node liet echter verder geen mazen in het net. Bij de ondertekening moest verklaard worden, dat men de belijdenisgeschriften niet in geest en hoofdzaak, maar in alles overeenkomstig den Woorde Gods beschouwde. Dit is scherp en duidelijk uitgedrukt en laat geen enkele ruimte voor willekeur. En nadrukkelijk worden de Dordtse Leerregels hierbij genoemd.

Derhalve wijzen we de poging om in elk geval die Dordtse Leerregels alvast wat ter zijde te stellen, met klem af. Dit is de bedoeling der kerk nimmer geweest. Alleen in tijden van verval kan men pogen zich van dit belijdenisgeschrift te ontdoen. Zoals men ook verschillende malen gepoogd heeft en ook in onze tijd telkens weer tracht te doen. Wij komen daar met klem tegen op. Wij willen de kerk ook binden aan de Dordtse Leerregels, het derde belijdenisgeschrift onzer kerk, en we wijzen er op, dat we ook deze Leerregels moeten aanvaarden als volkomen overeenkomende met de Heilige Schrift, tenzij uit die Schrift anders zou worden bewezen.

Zelfgetuigenis.

Daar getuigt trouwens dit derde belijdenisgeschrift zelf van in de Inleiding en in het Besluit. De Inleiding begint als volgt: , , Onder de zeer vele vertroostingen, welke onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus aan Zijne strijdende Kerk in d& ze ellendige pelgrimage gegeven heeft, wordt deze met recht onder de voornaamste geacht, die Hij haar heeft nagelaten, als Hij tot Zijn Vader in het hemelsche heiligdom zoude ingaan, zeggende: Ik ben met U alle de dagen tot aan de voleindiging der wereld. — De waarheid van deze vriendelijke belofte is blijkbaar in de Kerk van alle tijden. Want alzo zij niet alleen door. openbaar geweld der vijanden en goddeloosheid der ketters, maar ook door bedekte listigheid der verleiders van den beginne is bestreden — voorwaar! indien de Heere haar ter eniger tijd van de heilzame hulpe Zijner beloofde tegenwoordigheid had ontbloot, zij zoude al over lang of door geweld der tyrannen verdrukt zijn geweest of door arglistigheid der bedriegers ten verderve verleid".

Vervolgens wordt dan meegedeeld hoe ook ten aanzien van de dwalingen, die in de Leerregels bestreden worden, de Heere zijn Kerk heeft willen leiden.

In het besluit wordt dan gezegd: „En dit is de naakte, eenvoudige, oprechte verklaring van de rechtzinnige leer der vijf artikelen, die in Nederland in verschil zijn en meteen de verv/erping der dolingen waardoor de Nederlandse Kerken een tijdlang zijn beroerd geweest, welke verklaring en verwerping de Synode oordeelt uit den Woorde Gods'te zijn genomen en met de belijdenis der Gereformeerde Kerken overeen te stemmen. Waaruit klaarlijk blijkt, dat dengenen, denwelken zulks het minst betaamde, tegen alle waarheid, billijkheid en liefde gehandeld hebben Ten laatste vermaant deze Synode alle mededienaars in het Evangelie van Jezus Christus, dat zij zich in het verhandelen van deze leer, beide in Scholen en Kerken, godvruchtelijk en godsdienstelijk gedragen; dezelve zowel met de tong als met

de pen tot Gods eer. heiligheid des levens en vertroosting der verslagene gemoederen. richten; dat zij met de Schrift naar de regelmaat des geloofs niet alleen gevoelen, maar ook spreken; en eindelijk van al zulke wijzen van spreken zich onthouden, die de palen van de rechte zin der Heilige Schrift, ons voorgesteld, te buiten gaan. en die de dartele Sophisten rechtvaardige oorzaak geven mochten, om de leer der Gereformeerde Kerken te beschimpen of ook te lasteren."

Wanneer wij derhalve over de Dordtse Leerregels gaan schrijven, dan staat voor ons vast dat de kerk dit belijdenisgeschrift

heeft aanvaard als geheel overeenkomende met den Woorde Gods. In de Gereformeerde Kerken is er echter altijd geweest gewetensvrijheid in gebondenheid aan het Woord van God. Er was derhalve — en dit moet zo blijven — altijd beroep mogelijk op dat Woord van God.

Tot recht begrip van de Leerregels cn van haar geschiedenis, zal het nodig zijn ons eerst in enkele artikelen bezig te houden met de gebeurtenissen, die vooraf gingen aan de Synode van Dordrecht, gehouden in 1618—1619. Daarmee willen we in het volgend artikel een begin maken. '

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 september 1950

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

De belijdenisgeschriften onzer kerk

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 september 1950

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken