Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Hemelvaart

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Hemelvaart

7 minuten leestijd

Doch Ik zeg u de waarheid, het is u nut dat Ik wegga . . . Johannes 16 : 7a

De berichten over de hemelvaart van Christus zijn in de Bijbel erg sober. Het is alsof de evangelisten ons willen zeggen, dat het vanzelf spreekt, dat Christus ten hemel is gevaren. Nadat Hij zijn werk op aarde volbracht heeft is Hij teruggekeerd naar de hemel, naar zijn Vader, Die Hem gezonden heeft om Borg en Middelaar te zijn van een zondig en schuldig volk. Na wenend gezaaid te hebben mag Hij nu met gejuich wederkomen, dragende de schoven. Na de vernedering komt nu de verhoging, na het kruis komt nu de kroon.

Nu zijn er mensen, die menen, dat de Heere Jezus beter op aarde had kunnen blijven. Dan zouden we immers aan zijn voeten kunnen neervallen om onze zonden te belijden en te smeken om genade en ontferming. Dan zouden we het uit zijn mond kunnen horen, dat onze zonden vergeven zijn en dat Hij ons de eeuwige zaligheid zal doen beërven. Ook de discipelen hadden verdriet van de woorden van de Heere Jezus, dat Hij van hen zou weggaan, dat Hij zou wederkeren naar de Vader. Ze konden deze gedachte haast niet verdragen, dat ze toch weer zonder Hem door het leven zouden moeten gaan. Droefheid vervult daarom ook hun hart. Daarom zegt de Heere Jezus echter in onze tekst: Doch Ik zeg u de waarheid, het is u nut dat Ik wegga . . .

Het is duidelijk in aansluiting hierop, dat onze Heidelbergse Catechismus in zondag 18 deze vraag stelt: Wat nut ons de hemelvaart van Christus? En het antwoord op deze vraag is helder en klaar: Ten eerste, dat Hij in de hemel voor het aangezicht zijns Vaders onze Voorspreker is. Ten andere dat wij ons vlees in de hemel tot een zeker pand hebben, dat Hij als het Hoofd, ons zijn lidmaten ook tot zich nemen zal. Ten derde, dat Hij ons zijn Geest tot een tegenpand zendt, door wiens kracht wij zoeken wat daarboven is, waar Christus is, zittende ter rechterhand Gods, en niet wat op aarde is.

Een Voorspreker voor het aangezicht zijns Vaders.

We weten wel wat het onder de mensen betekent een voorspraak te hebben, iemand die een goed woord voor ons doet, iemand die met onze zorgen en moeilijkheden bekend is en zich ons lot heeft aangetrokken. En het is ons lang niet onverschillig wie onze voorspraak is. We hebben het liefst iemand die grote invloed heeft...

Onze beste Voorspreker is echter Christus, die voor zijn volk pleit voor het aangezicht zijns Vaders. Wat is 't groot, dat Hij naar de hemel is teruggekeerd om daar voor ons te pleiten. Waar wij voor Hem neerknielen en smeken om genade en ontferming, daar neemt Hij het voor ons op bij de Vader. Daar pleit Hij: Vader, Ik wil dat degenen die Gij Mij gegeven hebt ook bij mij zijn...

Nu is de Heere een heilig God. Zelfs de heilige engelen in de hemel roepen het uit: Heilig, heilig, heilig is de Heere der heirscharen. Maar hoe kunnen wij dan bij die heilige God wonen?

Die heilige God kan zondaren immers alleen verwijzen naar de buitenste duisternis? En wat zou de Heere Jezus nu voor ons kunnen doen, wanneer we het zelf belijden moeten, dat we tegen alle geboden Gods hebben gezondigd en een onmetelijke schuld op ons geladen hebben?

Wel, als onze Voorspreker zal Hij zeggen: Vader, hier is iemand die tegen al Uw geboden overtreden heeft, hij heeft er niet één gehouden, zijn hart is verdorven en hij is tot alle boosheid geneigd. Ik heb hem gevonden als een verachtelijk schepsel en niemand had medelijden met hem. Maar Ik had medelijden, Ik heb zijn zonde en schuld op Mij genomen en Ik ben voor hem gestorven en Ik heb verzoening voor Hem gevonden... Ik wil niet dat deze in het verderf nederdale...

Op grond van zijn Middelaarswerk mag Hij dit vragen en daarom hoort de Heere Hem ook altijd. Vandaar ook, dat de apostel Johannes in een van zijn brieven schrijft: Indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een voorspraak bij de Vader, Jezus Christus de Rechtvaardige en Hij is een verzoening voor onze zonde.

En deze Voorspreker kent ons zo goed. Hij weet hoe zwak van moed en hoe klein we zijn van krachten. Al hebben we nog zo menigmaal gezondigd, Hij bidt voor ons: Vader, wees niet toornig op hem, want Gij zijt toornig geweest op Mij. En wanneer ik twijfelmoedig en ongelovig terneerzit, vraagt Hij: Vader, laat zijn geloof toch niet ophouden. Ja, Hij is een Voorspraak voor het aangezicht zijns Vaders, zodat God ons dikwijls verhoort eer we roepen. Van deze kant bezien is de hemelvaart van Christus van groot nut voor al zijn kinderen.

Het antwoord van de Catechismus zegt vervolgens: Ten andere, dat we ons vlees in de hemel tot een zeker pand hebben, dat Hij als het Hoofd, ons zijn lidmaten ook tot zich nemen zal.

Toen de Zoon van God naar de aarde kwam nam Hij ons vlees aan. Hij is mens geworden, ons in alles gelijk, uitgenomen de zonde. En met ons vlees is Hij teruggekeerd naar de hemel. En Hij zal daar al zijn kinderen tot Zich nemen. Neen, dat is niet zo maar een mooi verhaal, maar dat is werkelijkheid. Al Gods kinderen zullen eenmaal met Hem wonen in de zalige hemel. En welke zekerheid hebben we daar dan voor? Wel, de Heere Jezus zelf. Hij is het Hoofd en wij zijn lichaam, voorzoveel we in Hem geloven. Want niet alle mensen komen in de hemel, maar dat volk, dat tot Hem gevloden komt, dat als een schuldig volk gevonden werd, opdat de Heere het genade zou kunnen bewijzen, dat komt in de hemel. Dat arme volk, dat hier niets heeft, dat hier vreemdeling en bijwoner is, dat volk komt in de heerlijkheid Gods. Ja, Paulus zegt er ergens van: Wij zijn met Hem gezet in de hemel. Onze voeten lopen nog wel op de aarde, maar dat is slechts een kwestie van tijd. Moeilijk kan het hier wezen, we kunnen door veel verdrukkingen heen moeten, maar straks is de pelgrimsreis vergeten en wij zijn met Hem in het eeuwig vaderland. Dat kan niemand tegenhouden. De duivel niet en de hel niet. We hebben ons vlees als een pand in de hemel. Hij ging voor en al zijn kinderen zullen Hem volgen.

En tenslotte wijst dit antwoord nog op de komst van de Heilige Geest. De Heere Jezus moest heengaan, opdat Hij de Heilige Geest zou kunnen zenden: Ten derde dat Hij ons zijn Geest tot een tegenpand zendt, door wiens kracht wij zoeken wat daarboven is, waar Christus is, zittende ter rechterhand Gods, en niet wat op de aarde is.

Van nature zoeken we de begeerlijkheden van deze wereld, de dingen van deze aarde. En we houden er niets van over. Straks staan we met lege handen. En met een leven vol zonde en bergen van schuld. Maar we hebben er geen erg in. Hoe nodig hebben we het werk van de Heilige Geest om ons te ontdekken aan onze zonde en schuld, ons te overtuigen van zonde, gerechtigheid en oordeel, opdat we zullen gaan zoeken de genade van onze Heere Jezus Christus, opdat we door een waar geloof met Hem verbonden mogen worden, opdat we zullen zoeken wat boven is, waar Christus is, zittende ter rechterhand Gods.

Wat is het groot, dat de ten hemel gevaren Christus vandaar zijn Heilige Geest gezonden heeft, zodat het Pinksterfeest geworden is. Van die Geest zegt de Christus: Die zal Mij verheerlijken; want Hij zal het uit het mijne nemen en zal het u verkondigen. Wanneer Christus niet ten hemel gevaren was had de Heilige Geest niet kunnen komen, die Heilige Geest, Die ons zo nauw bindt aan de Christus en ons doet uitzien naar de dag van zijn wederkomst, waarop Hij zijn ganse kerk eeuwig thuis zal brengen. Daarom zijn de woorden van de Heere Jezus zo waar: Doch Ik zeg u de waarheid, het is u nut dat Ik wegga; want indien Ik niet wegga zo zal de Trooster tot u niet komen; maar indien Ik heenga, zo zal Ik Hem tot u zenden. Zo kan het na hemelvaart Pinksterfeest worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 mei 1960

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

Hemelvaart

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 mei 1960

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken