Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Leiding en bewaring

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Leiding en bewaring

11 minuten leestijd

MEDITATIE

„Maar God leidde het volk om... Hij nam de wolkkolom des daags, noch de vuurkolom des nachts niet weg van het aangezicht van het volk." Exodus 13 : 18a, 22

Reizen is in onze tijd geen uitzondering meer. Tal van mensen nemen drie of vier keer per jaar vakantie en bezoeken de meest vèrgelegen landen. Het is fijn, er eens uit te zijn, maar nog fijner weer behouden thuis te mogen komen.

Hier is een heel volk op reis. Een volk dat ontkomen is aan de slavernij en dat de vrijheid tegemoet gaat. Maar het is een gevaarlijke tocht waaraan dat volk begonnen is, en de reis zal lang duren. Ze zijn op weg naar de vrijheid, maar ze zijn nog niet thuis. Op die reis echter wordt dat volk geleid en bewaard.

1. Gods weg is een omweg

Eindelijk is het dan zo ver. De trotse Farao van Egypte is door de knieën gegaan. Tien plagen waren er nodig voordat hij toestemming gaf tot vertrek. En straks krijgt hij er nog spijt van, maar dan is het te laat. Gelukkig weet Israël het niet dat straks heel de legermacht van Egypte achter hen aankomt, want dan zou het volk misschien nóg op z'n schreden terugkeren. Nu weet het volk alleen nog maar dat de Farao hen wil laten gaan. En dat hoefde geen twee keer gezegd te worden. Ze pakten heel hun hebben en houden bij elkaar, en daar gingen ze, in diezelfde nacht nog...

Wat doen we, als we op reis gaan? Dan komt de atlas of de landkaart op tafel. Dan wordt de reisroute uitgestippeld. En dan zoeken we de kortste weg. Want we willen immers zo snel mogelijk op de plaats van onze bestemming zijn?

Toch gaat Israël niet de kortste weg. Dat zou de weg zijn vanuit het land Gosen naar de zee. De oude karavaanweg die ieder in die tijd nam. Die weg zou Mozes uit zichzelf ook wel gekozen hebben. Maar dat is niet de weg die de Heere heeft uitgestippeld. Hij neemt de weg naar het zuiden, de woestijn in, richting Schelfzee. Een flinke omweg dus.

Zou de Heere - we durven het bijna niet hardop te zeggen - Zich soms vergissen? Of zou Mozes abuis zijn? Dit is toch niet de weg naar het land Kanaan? Waarom wordt het volk niet op die weg geleid? Die vragen herkennen we... Of bent u het altijd eens met de weg die de Heere gaat? Zegt u nooit: ik had gedacht dat het anders zou lopen in mijn leven en waarom moet het nu zus en zo? Dat zit ons in het bloed, protesteren tegen de weg die we moeten gaan.

God leidde het volk öm... Waarom doet Hij dat? Want natuurlijk doet Hij dat niet zómaar. Daar heeft Hij een bedoeling mee.

Wanneer Israël de weg langs de zee nam, dan zou het geconfronteerd kunnen worden met de Filistijnen. En je moet er niet aan denken dat het tot een treffen zou komen met dat volk, dat zo goed bewapend is... Dat wil de Heere voorkómen. Daarom laat Hij het volk niet de kortste weg nemen, maar leidt Hij het langs een omweg, de woestijn in.

Dat is wijs van de Heere. Dat is Goddelijke opvoedkunde. Zijn volk dat Hij uit Egypte leidt, dat zijn nog kinderen, die kunnen nog niet vechten. Daarom is het beter dat zij uit de buurt van vijanden blijven.

Herkent u het? Gezucht onder de tirannie van de helse farao... Uitgeleid uit het diensthuis... Op weg naar de vrijheid... En toen hebt u gedacht: nu ben ik zó thuis! Nu gaat het in mijn leven van kracht tot kracht steeds voort. Langs de kortste weg naar Kanaan.

Maar in plaats daarvan kwam u in de woestijn terecht. Naar uw gedachten ging het precies de verkeerde kant uit. Zijn we nu daarvoor uit Egypte verlost? Is dat nu de fel begeerde vrijheid?

Het is al erg genoeg wanneer die gedachten bij ons opkomen. En dikwijls worden ze ook nog van buitenaf aangewakkerd. Door die mensen die denken dat het volgen van de Heere één groot feest is. Als je Jezus volgt, weet u wel, dan is succes bij voorbaat verzekerd. Dan zijn alle problemen opgelost, dan worden alle moeilijkheden overwonnen.

We komen er wel achter, dat Gods wegen niet altijd rechte wegen zijn. Veel wederwaardigheden, veel rampen zijn des vromen lot. We moeten door vele verdrukkingen ingaan in het Koninkrijk Gods.

En toch - moest Israël achteraf niet dankbaar zijn dat de Heere déze weg had uitgestippeld? Stel je voor dat het volk daar ineens had gestaan tegenover een overmacht van Filistijnen? De Heere maakt wel een omweg, maar dat doet Hij om voor erger te bewaren.

Laten we daar maar aan denken wanneer we een andere weg moeten gaan dan we hadden gedacht. Wanneer het niet loopt zoals wij hadden gewild. Wanneer ons dingen worden onthouden die we graag wilden hebben. Wie weet voor welke Fihstijnen we gespaard blijven...

Dat mogen we achteraf weleens zien. Zo, dat we zeggen: diepe wijsheid zijn Uw paden, wijsheid zonder eind of paal...

En vergeten we niet dat de Heere door alles heen trouw Zijn Woord houdt, ook wanneer Hij niet de kortste weg neemt. Want de Israëlieten dragen immers de kist mee met het gebeente van Jozef? Die is al 400 jaar geleden gestorven, maar hij heeft gezegd: God zal u gewis bezoeken, daarom zult ge mijn beenderen van hier opvoeren.

En nu is het zover. Daarom hebben ze haastig die kist opgepakt en meegenomen. Als een zichtbaar teken van de waarachtigheid van Gods belofte. Hij Die het beloofd heeft is getrouw. Hij zal het ook doen.

Ook al begrijpen we Gods weg niet, we dragen Zijn beloften mee, en aan die beloften mogen we ons vastklemmen. De Heere zal op mijn smeken geen hulp mij doen ontbreken. Hij houdt getrouw Zijn Woord.

2. Gods weg is een veilige weg

Het mag dan gaan langs een omweg, maar de Heere gaat mee. Hij is er Zelf bij. Hij gebruikt mensen, jawel, maar Hij heeft de leiding. En die leiding is zichtbaar, overdag in de wolkkolom en 's nachts in de vuurkolom.

Hoe belangrijk die wolk-en vuurkolom was, dat merken we door heel het Oude Testament heen. Mozes herinnert eraan bij zijn afscheid: Die voor uw aangezicht wandelde, des nachts in het vuur, des daags in de wolk. De psalmdichters zingen ervan: Hij leidde hen des daags met een wolk en de ganse nacht met een licht des vuurs. En wanneer Nehemia in zijn lange gebed de schuld van het volk voor de Heere belijdt, dan zegt hij: Gij hebt hen des daags geleid met een wolkkolom om hen te leiden op de weg waarin ze zouden wandelen. Zelfs in het Nieuwe Testament komt de wolk-en vuurkolom nog terug, wanneer Paulus aan de gemeente van Corinthe schrijft: dat onze vaders alle onder de wolk waren.

Ziet u hoe belangrijk die wolkkolom was? Het was het zichtbare teken dat de Heere Zelf erbij was, dat Hij met Zijn volk meeging en Zijn volk voorging.

Voor alle duidelijkheid: er was niet een wolkkolom èn een vuurkolom. Het was één en dezelfde kolom, die overdag als een wolk boven het leger hing en die 's nachts licht gaf. Die wolk was inwendig blinkend hcht en tegelijk vlammend en vurig. Overdag, als de zon aan de hemel stond zagen de Israëlieten alleen de wolk, maar 's nachts scheen het vurige licht door het omhulsel heen.

En naar de vorm was die wolk een soort zuil die zich uitstrekte van de aarde naar de hemel. Later rust het onderste deel van de wolk op de tabernakel en het boveneind reikt als het ware aan de troon van God. Het was een wolk die hemel en aarde. God en mens met elkaar verbond.

Die wolk was allereerst een wegwijzer, een gids. Als het volk die wolk maar in het oog hield, dan reisde het veilig. En door middel van die wolk gaf de Heere het sein tot vertrek, of beduidde Hij dat het volk moest blijven waar het was. Wanneer de wolk van plaats veranderde, dan moest het volk opbreken en verder reizen. Maar bleef de wolk op dezelfde plaats, dan moesten ze blijven waar ze op dat moment gelegerd waren.

De Heere Zelf is de Leidsman. Een betere Gids kun je je niet wensen! Maar in de woestijn zonder Gids... dat is levensgevaarlijk. Dan kun je verdwalen en omkomen. Dus als het volk maar lette op die wolk, dan kon er niets misgaan. Maar die wolk was ook gegeven tot beschutting, tot bedekking. De hele dag in de brandende zon... dat is niet uit te houden. Vooral in de woestijn, waar de zonnestralen zo kunnen steken. Maar nu wordt de hitte van de zon getemperd door die bedekkende wolk.

En 's nachts is die wolk er ook, maar dan als een Uchtzuil. Ja, in die wolk is vuur. Vuur dat het volk zou kunnen verteren. Maar door de ontelbare waterdruppels in die wolk wordt het vuur getemperd en straalt het als een vriendelijk licht. Het wordt nooit nacht, het is nooit pikkedonker.

Wat een bevoorrecht volk. Het staat onder de hoge leiding en bewaring van de Almachtige. Net als de Gemeente van Christus, van alle tijden. Want die is ook op weg door de woestijn van dit leven naar het Kanaan der rust. En die gemeente heeft ook dag en nacht leiding nodig.

Nee, we hebben geen wolk-en vuurkolom, zoals Israël. En toch hebben we een gids door de woestijn van dit leven. Een zichtbaar teken van Gods tegenwoordigheid. Het Woord, een lamp voor onze voet en hcht voor ons pad. Wij hebben het profetische Woord dat zeer vast is, en ge doet wel dat ge daarop acht geeft als op een licht schijnende in een duistere plaats...

Dat Woord wijst de weg. Langs de shngerpaden van dit leven. Over de onbegaanbare wegen door de woestijn. Met dat Woord als gids zijn ontelbare pelgrims getrokken door de woestijn en veilig aangekomen in het land der belofte.

Die gids hebben wij nodiger dan ooit tevoren. Want wat zijn er een vragen en een problemen in de tijd die wij beleven! Vragen op allerlei terrein. Vragen waarvan onze voorgeslachten geen idee hadden. En de samenleving heeft de antwoorden op al die vragen gereed. Er wórdt voor ons gedacht en je hebt maar te doen wat de grote massa doet.

En toch - staan we niet sterk met deze wolk-en vuurkolom? Nee, niet dat het Woord altijd meteen een pasklaar antwoord heeft op alle vragen. Maar zo, dat we ons door dat Woord laten leiden. Dat we met dat Woord in de hand vragen: Heere, wat wilt Gij dat ik doen zal? En vergeet dan niet dat die lichtende zuil er ook is voor de nacht. Want er zijn tijden waarin het donker is. Waarin het lijkt alsof de Heere Zijn aangezicht verbergt. Wat kunnen we ons dan verlaten voelen... Of we staan voor een moeilijke beshssing en we weten niet wat we doen zullen. We zien niet welke weg we moeten inslaan. Aan alle kanten donker.

En toch is er die vuurkolom. Het Woord dat schijnt als een licht in de duisternis. Het binnenste van die wolk was enkel vuur. De eeuwige Zoon van de Vader, God uit God en Licht uit licht. Hij is als God Zelf een verterend vuur en een eeuwige gloed bij Wie niemand wonen kan. Die vuurgloed zou ons in één ogenbhk verteren.

Maar Gode zij dank, het vuur is getemperd. Er is een wolk omheen. De menselijke natuur, waarin de Zoon van de Vader Zich heeft gehuld.

Hij is Eén van ons geworden. Hij heeft ons vlees en bloed aangenomen. Daarom kan Hij bij ons zijn, medelijden met ons hebben in al onze zwakheden. Daarom kan Hij ook voor ons uitgaan, ons leiden en ons bewaren.

Hij is op Golgotha in de inktzwarte duisternis geweest om ons te kunnen zijn tot een eeuwig Hcht. Hij is door Zijn God en Vader verlaten geweest om tegen ons, zondige en ontrouwe mensen te kunnen zeggen: Ik zal u niet begeven en Ik zal u niet verlaten.

Zo mag het volk, dat verlost is van de slavernij en dat op weg is naar het beloofde land, veihg reizen onder de wolk-en vuurkolom. Hij is boven ons en gaat ons vóór ook al zien we Hem niet altijd. Al is alles rondom ons een huilende wildernis. Dan nóg mogen we door het geloof, dwars tegen de harde feiten in, zingen:

Nu reis ik getroost, onder 't heiligend kruis.

Naar 't erfgoed daarboven, in 't Vaderlijk huis. Mijn Jezus geleidt mij door d' aardse woestijn. 'Gestorven voor mij' zal mijn zwanenlied zijn.

W.v.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 november 1996

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Leiding en bewaring

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 november 1996

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken