Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een parel uit de schat der Kerk (53)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een parel uit de schat der Kerk (53)

7 minuten leestijd

GELOOFSLEVEN

Wat geeft het Avondmaal?

Kort en goed gemeenschap met de verne-.derde en verhoogde Christus. Daarbij blijft het niet. Vandaar de vraag: Wat hebben we nog meer in het Avondmaal en waartoe dient het ons verder? (346) Het geloof in Christus geeft rust en vrede in het hart. Het ware geloof brengt ook het verlangen mee om Christus meer en meer te leren kennen. We denken bijvoorbeeld aan de apostel Paulus. Hij kon zeggen: Ik ben met Christus gekruist en ik leef. Ik ben met Christus gestorven en opgestaan. Juist daarom verlangt hij: opdat ik Hem kenne en de kracht van Zijn opstanding. Tegen deze achtergrond wordt het antwoord dat Calvijn geeft duidelijk. Wat het Avondmaal verder geeft? Dit: dat deze gemeenschap met Christus krachtiger in ons wordt bevestigd en steeds vermeerderd wordt. Want hoewel Jezus Christus ons waarlijk wordt meegedeeld zowel door de Heilige Doop als door het Evangelie, blijft dit toch nog ten dele, niet vol.

In het Evangehe deelt God ons Zijn genadeverbond mee. In de Heilige Doop wil Hij dat genadeverbond bezegelen en bekrachtigen. Waar dit Evangelie, dat alle aanneming waard is, wordt geloofd en omhelsd, daar krijgen we deel aan Christus en al Zijn schatten en gaven. De Heilige Doop zegt ons dat we niet hoeven te twijfelen of God wil, om Christus' wil, onze eeuwige en genadige Vader zijn. Maar gezien we vanwege de zwakheid van ons geloof telkens weer tot aarzeling en vertwijfeling vervallen, verdriet het de Heere niet in het Heilig Avondmaal dit genadeverbond in Christus, nog weer zo lokkend en eenzijdig voor ons te doen spreken, dat daardoor de aarzehng. de twijfel overwonnen wordt. Zo wordt dan door het Heilig Avondmaal de gemeenschap met Christus bevestigd. En zo zeker als wij het gebroken brood en de vergoten wijn uit de hand van de dienaar ontvangen, mogen wij bij de gang naar het Avondmaal als met onze hand schrijven: ik ben des Heeren. Daar staat de Heilige Geest niet buiten. Hij werkt en versterkt het geloof. Want niemand noemt Jezus Christus zijn Heere en zijn God dan door de Heihge Geest.

De betekenis van het brood

In het vervolg van de behandeling van het Heilig Avondmaal gaat Calvijn dieper en afzonderlijk in op de betekenis van de twee elementen van het Avondmaal, n.l. het brood en de wijn. Eerst: Wat ontvangen we dus, kort samengevat in het teken van het brood? (347) Antwoord: Het lichaam van de Heere Jezus, zoals het eenmaal ten offer is geboden om ons met God te verzoenen, wordt ons nu gegeven om ons te verzekeren, dat wij deel hebben aan deze verzoening. Het brood is niet letterlijk lichaam van Christus, in tegenstelling tot de Roomse transsubstantiatieleer. Het betekent ook niet de lichamelijke aanwezigheid van Christus met, onder en in de tekenen van het brood, zoals de Lutherse consubstantiatieleer. Het is tegelijk heel iets anders dan een louter symbool (Zwingli). Het is in het Avondmaal zo goed als of ons het werkelijk lichaam van Christus wordt geboden. Het gebroken brood is teken en zegel van Jezus' kruisdood. De Heihge Geest bewerkt, dat voor het geloof Christus werkelijk present is. Maar niet op één of andere magische manier, doch om in het teken van Christus' verzoening ons te verzekeren: Ik ben uw heil.

De betekenis van de wijn

Wat hebben wij aan het teken van de wijn? (348) (We hebben er dit aan) dat de Heere Jezus ons Zijn bloed te drinken geeft, zoals Hij het eens uitstortte als prijs en voldoening voor onze zonden, opdat wij niet zouden twijfelen, dat wij er de vrucht van ontvangen. In dit en het voorafgaande antwoord valt op dat in het Avondmaal de verzoening met God en de vergeving van al onze zonden door Jezus' bloed, het hart van het Avondmaal is. Ook dat de Heere geen middel onbeproefd laat om ons van Zijn hartelijke liefde en trouw te verzekeren. Zou veel onzekerheid en onverzekerdheid, die we in de breedte van de gereformeerde gezindte aantreffen, niet samen kunnen hangen met het feit dat we het rechte zicht op het Avondmaal kwijtgeraakt zijn? Wij zoeken baat bij allerlei geestelijke remediën. Zelfs wordt verzekerdheid des geloofs als voorwaarde gehanteerd om aan het Avondmaal te mogen deelnemen. We willen bezitten wat God ons belooft te geven. Staan we op die manier de genade overvloeiende voor de grootste der zondaren niet in de weg? Het zijn vragen die we onszelf en elkaar gerust mogen stellen, niet om er in te blijven steken, maar om in gehoorzaamheid des geloofs te smeken: Leer mij, o Heer, de weg door U bepaald. De meest indringende vraag komt niet eens van onze kant, maar van de kant van Jezus Christus; Heb Ik u niet gezegd, dat indien gij gelooft, gij de heerlijkheid Gods zien zult?

Zie het Lam Gods

Samen met zijn catechisanten komt Calvijn nu tot de slotsom: Volgens je antwoorden verwijst het Heilig Avondmaal ons naar het lijden en sterven van Jezus Christus, opdat wij zouden deel hebben aan de kracht daarvan. (349) Het antwoord is een geloofsgetuigenis. Zeker. Want toen is het enig en eeuwig offer gebracht tot onze verlossing, zodat het er nu maar op aankomt, dat wij daarvan zullen genieten. Een bevrijdend getuigenis, dat ons verlost van de neiging om steeds maar in onszelf te graven. De zaak, daar gaat het om. Je hoort het nog weleens hier en daar. Maar , , de zaak" dat is heel persoonlijk betrokken te zijn op Christus en Zijn volbrachte werk.

En waar het op aankomt is: niets meer doen, niet verdienen, maar gehoor geven aan de roepstem: Kom tot de bruiloft van het Lam. En als we dan denken; ja maar, het bruiloftskleed, dan zegt de Heere, ook dat reik Ik u aan in de belofte: , , 0, alle gij dorstigen komt tot de wateren en gij die geen geld hebt; komt koopt en eet, zonder prijs en zonder geld." Wat doet een hongerige als hij eten krijgt? Er van genieten. Wat doet een dorstige als hij drinken krijgt? Er van genieten. Wat is Gods bedoehng als hij armen met Zijn goederen vervult? Dat zij van de geschonken rijkdom genieten. Dat laatste is een geloofservaring die niet te omschrijven is. Een weergave van dit genieten wordt verwoord in Psalm 36:

Hier ’t vette van Uw huis gesmaakt; Een volle beek van wellust maakt Hier elk in liefde dronken.

Cliristus’ offer is eenmalig

Eigenlijk zou Calvijn nu het onderwijs over de inhoud en de betekenis van het Avondmaal kunnen afsluiten. Maar hij heeft er blijkbaar behoefte aan om zijn onderwijs nog wat nader aan te scherpen. Hij doet dat in de kontekst van zijn tijd. Tegen de achtergrond van de Rooms-Katholieke Avondmaalsleer. O zeker, men sprak daar ook over het offer van Christus. Alleen, dat Christus' offer eenmalig is werd er niet beleden. Wel bestreden. Wilde het offer van Christus voor de gelovigen iets betekenen, dan moest Christus dagelijks geofferd worden. De mispriester bewerkt dat Christus Zich Zelf dagelijks weer aan de Vader opdraagt en offert. Daarmee wordt de uniciteit van het ene offer van Christus verloo- chend. Calvijn stelt deze kwestie als volgt aan de orde: Dus het Avondmaal is niet ingesteld om het lichaam van Jezus als offer aan Zijn Vader te brengen? (350) Waardig en duidelijk bestrijdt Calvijn deze gedachte op grond van de Schrift. Neen, want dit komt alleen Hemzelf toe (en niet aan de mispriester); daar Hijzelf Hogepriester in der eeuwigheid is. Maar Hij gebiedt ons alleen Zijn lichaam te ontvangen, niet het te offeren. De zaak is duidelijk, Christus heeft met één offerande in eeuwigheid volmaakt degenen die geheiligd zijn. Wat wilt ge meer dan dit ene: Het is volbracht? Hetgeen wij meer zouden willen dat berooft ons van de troost. Immers wie offert wekt de schijn, iets te , , hebben". Het Heilig Avondmaal weet maar van Eén die het heeft. Alle anderen kunnen alleen maar ontvangers, bedelaars zijn. Maar als bedelaars begenadigd in de GeUefde, in Welke wij hebben de verlossing door Zijn bloed, namelijk de vergeving van al onze misdaden, naar de rijkdom van Gods genade.

H.V.

Dit artikel werd u aangeboden door: https://www.hertog.nl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 januari 1997

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Een parel uit de schat der Kerk (53)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 januari 1997

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken