Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het leven van de christen (2)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het leven van de christen (2)

5 minuten leestijd

Geestelijke leven

T. van Bruggen, 't Harde

Kruisdragen

Christus roept Zijn discipelen op tot kruisdragen (Matth. 16 : 24). Volgens Calvijn moeten allen, die de Heere heeft aangenomen en de gemeenschap van de Zijnen waardig gekeurd heeft, zich voorbereiden op een hard, inspannend, onrustig en met zeer vele en verschillende soorten van rampen vervuld leven. Het is de wil van de hemelse Vader om de Zijnen op die manier te oefenen en om een gewisse proef van hen te nemen. De Vader is hiermee begonnen bij Christus, Zijn Eniggeborene, en Hij gaat ten opzichte van al Zijn kinderen hiermee door. Het leven van Christus is niets anders geweest dan de betoning van een voortdurend kruis. Christus moest gehoorzaamheid leren uit hetgeen Hij geleden heeft. Al Gods kinderen moeten aan Christus gelijkvormig worden. Dit is troostvol, omdat het kruisdragen betekent dat we deel hebben aan het lijden van Christus. Zoals Christus door lijden tot heerlijkheid is gegaan, zo gaan de Zijnen door hun verdrukkingen heen tot de heerlijkheid. Kruisdragen versterkt de gemeenschap met Christus.

Onze Heere heeft het opnemen en dragen van het kruis slechts nodig gehad om aan de Vader Zijn gehoorzaamheid te betuigen en te bewijzen, maar voor ons is het om vele redenen nodig onder een voortdurend kruis te leven. Door de vernedering van het kruisdragen leren wij Gods kracht inroepen, die ons alleen onder het gewicht van de verdrukking staande doet blijven.

Het is voor de gelovigen, ja voor de allerheiligsten onder hen, nodig door de beproeving van het kruis een diepere zelfkennis te krijgen en tegelijk zich te begeven tot Gods genade om staande te mogen blijven. Calvijn verwijst naar Paulus' woorden aan het begin van Romeinen 5: '(•••), maar wij roemen ook in de verdrukkingen, wetende dat de verdrukking lijdzaamheid werkt. En de lijdzaamheid bevinding en de bevinding hoop" (vss. 3 en 4). God heeft beloofd dat HIJ de gelovigen zal bijstaan in de verdrukkingen. Dat ervaren we als we, door Zijn hand gesteund, met lijdzaamheid stand houden. Dat zouden we door eigen krachten niet kunnen. Kruisdragen leert de gelovigen om op God te vertrouwen. Wie van harte op Hem steunt en bouwt op Zijn hulp zal volharden tot het einde en overwinnen. De Heere wil ook de lijdzaamheid van de Zijnen beproeven en hen onderwijzen tot gehoorzaamheid. Abraham werd door de Heere beproefd. De apostel Petrus gebruikt het voorbeeld van het goud dat in de oven gelouterd wordt. Door de beproevingen leren we naar Gods wil in gehoorzaamheid te leven.

We hebben ook tuchtiging nodig vanwege de losbandigheid van ons vlees. Calvijn gebruikt het voorbeeld van een paard dat wild wordt als het niet steeds gebreideld wordt. De Heere weet dat wij tuchtiging nodig hebben. Daarom temt en beteugelt Hij de overmoed van ons vlees door middel van het kruis: (Ie) opdat wij niet door overmatige overvloed van rijkdommen verwilderen, (2e) opdat wij niet door eer die ons wordt toegebracht hoogmoedig worden, en (3^) opdat wij niet, opgeblazen vanwege de overige goederen van geest, lichaam of fortuin, overmoedig worden. De hemelse Geneesheer weet precies welk middel de Zijnen nodig hebben. We zouden dit Gods zorg op maat kunnen noemen.

God is de allergoedertierenste Vader. Hij acht het niet alleen nodig om onze zwakheid te voorkomen maar ook de vroegere zonden dikwijls te straffen opdat Hij ons in een passende gehoorzaamheid jegens Zich zal hou­ den. De Schrift leert dat de Heere ons tuchtigt, niet om ons te verderven of te doden maar veeleer om ons te bevrijden van de veroordeling der wereld. De Heere kastijdt degenen die Hij liefheeft. Zo maken de gelovigen vordering tot boetvaardigheid (bekering).

Er is een bijzondere vertroosting voor de gelovigen als zij om de gerechtigheid vervolging lijden. De apostelen verheugden zich dat ze waardig geacht werden om voor de naam van Christus smaad te leiden. Het getuigt van ondankbaarheid als wij, gezien de troostvolle beloften van God, ons lijden om der gerechtigheid wil, niet gaarne en blijmoedig uit de hand van de Heere aanvaarden. Er wordt van ons overigens niet een zodanige blijmoedigheid geëist die alle gevoel van bitterheid en smart wegneemt. Calvijn bestrijdt de opvatting van de Stoïcijnen die leerden datje onder alle omstandigheden (zowel in tegenspoed als in voorspoed) onbewogen moet zijn. Een christen-kruisdrager mag verdriet hebben. Dat er plaats is voor verdriet zien we ook bij Christus Zelf. Hij heeft gezucht en geweend om Zijn eigen en andermans rampen. Jezus leerde Zijn discipelen: 'De wereld zal zich verblijden, maar gij zult bedroefd zijn en wenen' (Joh. 16 : 33).

Er is sprake van een tweestrijd in het leven van de christen, namelijk tussen het verlangen om God te verheerlijken en het opzien tegen het lijden. Als wij Christus' discipelen willen zijn dan moeten wij ons erop toeleggen dat onze harten vervuld worden met een zo grote eerbied en gehoorzaamheid met betrekking tot God dat die alle daartegen strij- dende neigingen kunnen bedwingen en onderwerpen aan Zijn ordinantie. Het gaat er niet om dat wij God slechts gehoorzamen omdat het moet want dan zullen we ophouden te gehoorzamen wanneer we eraan kunnen ontkomen. De Schrift beveelt ons te letten op Gods rechtvaardigheid en billijkheid en vervolgens op de zorg voor onze zaligheid. De tegenspoeden overkomen ons niet zonder de wil en de voorzienigheid van God. De Heere doet niets zonder een zeer rechtvaardige besturing. De zeer goede Vader troost ons doordat Hij verklaart dat Hij door ons het kruis op te leggen, zorgt voor onze zaligheid. De verdrukkingen zijn heilzaam voor ons. Onze harten worden door de Bijbelse vertroostingen evenzeer door een geestelijke blijdschap ontspannen als ze in het kruis door het natuurlijk besef van bitterheid worden gedrukt. Daaruit volgt de dankzegging die er zonder vreugde niet kan zijn. Zo wordt de bitterheid van het kruis door geestelijke vreugde verzoet.

Met deze troostvolle gedachten, ontleend aan Calvijn en gebaseerd op Gods Woord, sluiten we dit tweede artikel af. (wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 2001

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Het leven van de christen (2)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 2001

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken