Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Voor een gesloten stad

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Voor een gesloten stad

8 minuten leestijd

UIT DE HEILIGE SCHRIFT

door K. ten Klooster, Ridderkerk

ÉN van de meest belangwekkende ge­ E beurtenissen in het boek Jozua is de val van Jericho. Israël staat voor de eigenlijke taak die na aUe voorbereidingen moet worden aangevat: het in het bezit nemen van de beloofde erfenis. We hebben gezien in het voorafgaande hoe de Heere hen door de Jordaan leidde, opdracht gaf tot de besnijdenis in Gilgal en ook tot het vieren van het Pascha. Ze mochten bovendien eten van het overjarig koren. Zo werden ze toegerust en konden ze gesterkt voorwaarts gaan. Mooie illustratie is dit alles van het begin van het christen leven. Dat de zondaar na het ingrijpen van God in zijn of haar leven gered en bevrijd, een nieuw leven begint. Israël heeft wel de woestijn achter zich gelaten, maar er zijn nog wel heel wat hindernissen te overwinnen. Wanneer God iemand genade bewijst, vrijspreekt en de zondaar zich overgeeft aan de Heere, zich onderwerpt aan Zijn inzettingen, dan kan en mag hij niet op zijn lauweren rusten. Dan gaat de strijd pas goed beginnen. Om als een goed soldaat van Jezus Christus God te verheerlijken, te dienen onder Zijn banier, de vijand te overwinnen om in het bezit van de beloofde erfenis te komen.

Ik ben de Eerste

Het eerste obstakel op de weg van Israël is Jericho, de sleutelstad. Een vesting die de toegang tot het land versperde.Voordat Israël ook maar enige vooruitgang zou boeken met betrekking tot het bezit van het land, moest het eerst deze stad veroveren. De inname van deze vesting (in de ogen van de Kanaanieten onneembaar) zou een geweldige bemoediging zijn voor Israël. De Heere is hier opnieuw de Eerste. Hij geeft aan Jozua de nodige aanwijzingen. Jozua had een ontmoeting met een Man, Die een uitgetrokken zwaard in zijn hand had (Jozua 5 : 13v). De vraag klonk: vriend of vijand? Jozua boog voor die Man, de Vorst van het heir des Heeren, hij aanbad Hem en vroeg: Wat spreekt mijn Heere tot Zijn knecht? Hij moet de schoenen van zijn voeten doen, omdat de grond heilig was. Zo kwam de Heere ook ooit tot zijn grote voorganger en leermeester Mozes (Exodus 3 : 5) om hem te laten weten, voordat hij de zware taak op zich nam, dat Hij met hem zou zijn. De Heere spreekt Zijn Woord. Daar zet de verovering mee in. Hier worden aan Jozua instructies gegeven mét de belofte dat deze Vorst hem en het volk tot de overwinning zou voeren. De strijd was des Heeren.

Nu had de inname van het beloofde land ook in zich het verdrijven van de Kanaanieten. Was dat een willekeurige wraakactie van Israël? Nee, Israël was een instrument in de hand van God om het oordeel te voltrekken. De ongerechtigheid van die volken was volkomen geworden (Gen 15 : 16). Het land van die lieden was onrein geworden (Lev. 18 : 25v). Die volken in Kanaan hadden zolang volhard in het bedrijven van zonde, dat God niet anders overbleef dan hun verdelging.

De Kanaanieten waren toegewijd aan de afgoderij, magie, waarzeggerij, betovering, het raadplegen van geesten enz. Mozes had al gezegd dat Israël niet mocht doen naar de gruwelen van die volken en dat de Heere omwille van die gruwelen de Heere hen uit die bezitting zou verdrijven (Deut. 18 : 9v).

Even terzijde: de schrik kan ons om het hart slaan als we zien naar de situatie van eigen land en volk. En dat des te meer als we beseffen hoe in tegenstelling tot die volken, hier het licht van het Evangelie heeft geschenen en schijnt!

Hoe dan ook de verovering van Kanaan en de verdrijving van de Kanaanieten heeft alles van doen met de strijd tussen licht en duisternis, de geestelijke strijd van het geloof. En dan laat Gods Woord ons zien in de verovering van Jericho met welk gemak de Vorst van het heir des Heeren de overwinning behaalt. En daarbij, hoe vruchteloos zijn de pogingen van allen die zich tegen Hem verzetten.

Wel is het opmerkelijk dat Jericho kennelijk de strijd niet wilde aangaan. Het is ook wel duidelijk dat de schrik er goed in zat. Ze beseften na alles wat de Heere voor Zijn volk had gedaan bij de Jordaan, dat er tegen die God niet viel te strijden. Hun hart was versmolten en er was geen moed meer in hen (Jozua 5:1). Daarom deden ze de poorten dicht. En ze namen daarbij geen halve maatregelen: Jericho sloot de poorten toe en was gesloten. De stad was dus goed vergrendeld, er ging niemand uit en er ging niemand in. De inwoners zaten opgesloten achter de massieve muren van de stad. Daarop, op de hoogte en de kracht van die muren was hun hoop gevestigd. En toch waren ze er niet gerust op. Als de Geest van God werkzaam is in het midden van Gods volk, dan worden zij niet alleen verootmoedigd, verkwikt en vertroost door zijn heiligende kracht, ook dat. Maar dat mist hoe dan ook zijn uitwerking niet naar hen die buiten zijn.

... en de Laatste

Maar de stad zat dus dicht. Dat zag Israël wel. De poorten werden niet geopend door een Goddelijke hand. De koning van Jericho was niet zó in paniek dat hij zich vrijwillig aan Israël overgaf. En dat betekende toch eigenlijk dat het voor een onmogelijke opgave stond.Waar komt het dan op aan? Het Woord van de Heere te geloven: Zie, Ik heb Jericho met haar koning en strijdbare helden in uw hand gegeven (Jozua 6:2). Een geweldige zaak dat de Heere al bij voorbaat Zijn Woord van genade en overwinning laat horen, terwijl nog niets erop wijst. Letten we erop dat Jozua uit de mond van de Heere niet hoorde: Ik zal geven, maar Ik héb gegeven! Als wil Hij zeggen dat Hij de overwinning allang behaald heeft.

Wat Israël onder aanvoering van Jozua te doen had - het is een doorgaande lijn - was nauwkeurig acht geven op wat de Heere had bevolen. Jozua zelf, de priesters en het hele volk waren de Heere gehoorzaam geweest toen het ging om de besnijdenis en het Pascha. Zo werkt de Heere, zo maakt Hij de weg vrij als het recht ligt tussen Hem en onze ziel.

Als Gods genade ons te beurt valt dan weten wij van de onmogelijkheid van onze kant, maar dan zullen we in het nochtans van het geloof op Christus zien, de meerdere Jozua. Geloven is niet zien op wat voor ogen is.Als Jozua en Israël dat gedaan hadden waren ze nergens aan begonnen. Ze moesten dan ook niet vleselijk redeneren, geen plaats geven aan wereldlijke methoden, maar eenvoudig handelen in de gehoorzaamheid van het geloof. Het geloof was een vaste grond van de dingen die men hoopt en een bewijs van de zaken die men niet ziet (Hebr. 11:1). Maar dan is er wel de verbondenheid aan de Heere en Zijn dienst. Dan is alles erop gericht de Geest niet tegen te staan en te bedroeven, maar de Heere te gehoorzamen, Christus te volgen en Zijn Naam en eer te bedoelen in alles. Die uiterst belangrijke les te leren dat alles aan de Heere moet worden toegeschreven en niets aan onszelf. Dat het om Hem en om Zijn Naam gaat en niet om mij en mijn naam.

Israël had nog geen stap gezet en toch kwam de Heere hen al voor met Zijn belofte: Ik heb gegeven. En dat sluit alle roem van mensen uit. Als God bevrijdt en redt doet de Heere dat en Hij doet dat alleen, om Christus' wil en uit genade. Christus heeft de sterk gewapende overwonnen. De vijanden zijn (beslissend) verslagen. Geloven is dan ook ingaan tot de overwinning die Christus heeft behaald. Hopelijk vi^eet u uit uw eigen leven hoeveel strijd dat met zich meebrengt. Wij geven nog zo maar niet alles uit handen en buigen zo nog maar niet voor en onder God en geven nog zo maar niet onze naam prijs.

Tenzij het Woord van God ons te machtig wordt, door de kracht van Gods Geest. En naar de mate ik kleiner wordt, al maar min­ der wordt, naar die mate wordt Christus al kostbaarder, al groter, al heerlijker.

Jericho was van Israël dankzij Goddelijke gave en genade. Israël moest het van de Heere hebben, van de Vorst van het heir des hemels. Hij ging voor, ze hoefden alleen maar te volgen. De weg achter de Heere aan is altijd begaanbaar. Gemakkelijk? Nee, dat niet, maar wel is de overwinning gewaarborgd. Dat blijkt wel uit het vervolg.

Dit artikel werd u aangeboden door: https://www.hertog.nl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 mei 2003

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Voor een gesloten stad

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 mei 2003

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken