Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Buitenland.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Buitenland.

8 minuten leestijd

Engeland.

Vrucht van Spurgeons strijden tegen het uitbrekend modernisme.

Meermalen hebben wij geschreven in dit blad over het optreden van Spurgeon tegen het modernisme, of, zoo hij het noemt, tegen de «Down grade"-beweging. Vele predikanten, die den naam hadden van rechtzinnig te zijn, werden in den laatsten tijd openbaar als ethisch op het moderne af, en dit nog wel in vrije kerken. Spurgeon, die zich losmaakte van de Unie der Baptistische kerken, omdat deze zelfs geen minimum van eene geloofsbelijdenis wilde aannemen, waaruit bleek, dat de meerderheid niet verlangde een dam op te werpen tegen den wassenden stroom van het ongeloof, is nu bij velen de booze man geworden. Zelfs voormalige leerlingen vielen hem aan; doch met on verstoorbare kalmte gaat hij voort met »Down grade" of de opkomende moderne theologie te bestrijden. Gelukkig is de beroemde prediker na ten afwezigheid van elf weken, die hij in het zuiden van Frankrijk doorbracht tot herstel zijner keel, tot zijne gemeente wedergekeerd, en mocht hij den strijd hervatten, waarvan het Maart-nummer van zijne Zwaard en Truffel het getuigenis brengt. Met geestdrift is de geliefde leeraar door zijn gemeente ontvangen, al moest men daarbij den dood van vele medearbeiders door de heerschende ziekte betreuren.

In genoemd maandschrift vinden wij door een diaken vermeld, dat sommige »Downgrade''-predikers het in hun belang beginnen te vinden, om hunne gevoelens te verbergen, vooral wanneer het er om te doen is een vacante plaats te verkrijgen. Deze diaken meldt, dat er zulkeen in zijne gemeente kwampredi ken, en dat deze zich beijverde, om zijne prediking zoo in te richten, dat niemand er eenige aanmerking op maken kon. Daar hij een bekwaam man en een goed spreker was, had hij bijna het beroep ontvangen; maar door eene uitdrukking, die hem ontviel, verried hij zijn ware gevoelens. Toen de vrienden zijne prediking eens nagingen, kwamen zij tot het besluit, dat alles wat hij gepredikt had even goed door een Unitariër kon gezegd zijn. (Unitariërs zijn zij, die het stuk van de heilige Drieëenheid loochenen.) Geen woord had hij gerept van verzoening, van het werk van den Heiligen Geest, van de eeuwige straffen, van de opstanding, noch van de ingeving der Heilige Schrift. Gelukkig gingen de oogen der gemeente open, en de man kreeg het beroep niet. Genoemde diaken schreef daarom aan Spurgeon: »Het is duidelijk, dat wfl in deze dagen niet alleen te letten hebben op hetgeen er gepredikt wordt, maar nog meer op hetgeen men niet heeft hooren verkondigen. Indien deze man ook maar eenigszins gerept had, dat hij een of andere Schriftuurlijke leer niet beleed, zouden wij dadelijk op onze hoede geweest zijn; maar met de meeste omzichtigheid vermeed hij dit en bijna deed hij ons in de val loopen."

Op zichzelven moge deze mededeeling weinig belangrijk schijnen, doch wij kunnen er toch uit zien, dat door het noodgeschrei van Spurgeon de gemeente wakker is geworden, althans dat men begint den slaap uit de oogen te wrijven en dat daarom sommige mannen het noodig achten hunne gevoelens te verbergen. Dit is althans reeds de vrucht van Spurgeons schrijven tegen de »Down-grade". Den Schotschen hoogleeraar Bruce wordt het daarom door zijne geestverwanten niet weinig kwalijk genomen, dat hij in zijn werk over »het Koninkrijk Gods", zich zoo duidelijk doet kennen als een aanhanger der Tubingsche school, die getracht heeft door het ontleedmes der critiek het Nieuwe Testament aan stukken te snijden en aldus te vernietigen.

Rusland.

Prediking van Rabinow i t z.

In October van 't vorige jaar hield de bekende Joseph Rabinowitz, die onder de Joden van Béssarabië arbeidt, te Londen, en Edinburg onderscheidene voordrachten, om het Christelijk publiek met zijn streven op de hoogte te stellen. Een onmiddellijk gevolg van zijn spreken was, dat de commissie der Vrije Schotsche kerk voor de Zending onder de Joden besloot, voor Rabinowitz te Kischinew een nieuwe groote kerk te bouwen. Tegenwoordig wordt daarvoor een gebouw gebruikt, dat den naam van Bethlehem draagt; het nieuwe, waarvoor reeds belangrgke giften inkwamen, zal men naar den overleden prediker Dr. Somerville noemen, die met Rabinowitz bevriend en een voorstander van zijn arbeid was.

Al wist Rabinowitz te Kischinew ook geen groote gemeente te verzamelen, dit bewijst niet, dat zijn arbeid tot hiertoe een ploegen op rotsen geweest is. De Russische regeering wilde hem geen verlof geven om te doopen; vandaar dat hij slechts een kleine gemeente doch een groot gehoor heeft. In No. 8 van de door den heer Faber uitgegeven «Berichten uit het Joodsch instituut te Leipzig'' leest men een schets van een zijner preeken, door een der jonge zendelingen van het Joodsch instituut opgeschreven. Om een denkbeeld te geven van den arbeid van Rabinowitz, deelen wij het volgende daaruit mede:

Het is de gewoonte van Rabinowitz om in zijne godsdienstoefeningen, die hij op eiken Sabbat houdt, drie plaatsen uit de Heilige Schrift voor te lezen: en uit de boeken van Mozes, éen uit de profetische Schrift en éen uit het Nieuwe Testament. Toen wij den 7den September hem hoorden, koos hij, in overeenstemming met hetgeen in alle synagogen dien dag gelezen werd, Deut. 21 : 18—21, waar geschreven staat: Wanneer iemand een moedwilligen, weerspannigen zoon heeft, die de stem van zijnen vader en de stem zijner moeder niet gehoorzaam is; en zij hem gekastijd zullen hebben en hij naar hen niet hooren zal, zoo zullen zijn vader en z^ne moeder hem grijpen; en zij zullen hem uitbrengen tot de oudsten zijner stad, en tot de poort zijner plaats; en zij zullen tot de oudsten zijner stad zeggen: eze onze zoon is afwijkende en wederspannig, hij is aan onze stem niet gehoorzaam ; hg is een brasser en zuiper. Dan zullen alle lieden zijner stad hem met steenen overwerpen, dat hg sterve, en gij zult het booze uit het midden van u wegdoen, dat het gansch Israel hoore en vreeze." Daarna las Rabinowitz Jesaja 65 en vervolgens uit het Evangelie van Lukas de gelijkenis van den verloren zoon. Al deze Schriftuurplaatsen las hij eerst in de Hebreeuwsche, vervolgens, opdat zij door allen zouden verstaan worden, ook in de Russische taal. De prediking hield hij in het eigenaardig Joodsch-Lluitsch, de taal die in het dagelijksch leven door de Joden van Zuid-Rusland gesproken wordt. Wie had gedacht, dat dit Jargon, dat wij tot hiertoe slechts uit den mond van verachte, negotie doende Joden gehoord hadden, dat wonderlijk mengelmoes van Hebreeuwsch, Russisch, Poolsch en verouderd Duitsch, kon gebruikt worden, om met kracht tot boete en bekeering te roepen, om te vermanen, en met zulk eene weekheid en warmte kon lokken, gelijk wij het van de lippen van Rabinowitz hoorden!

In zijn prediking, die hij aan de voorgelezen plaats uit Deuteronium vastknoopte, schilderde hij met treffende woorden de innerlijke zedelijke slapheid, die achter de uitwendige onderhouding van de wet Gods der tegenwoordige Joden verborgen ligt. «Wanneer tegenwoordig een Joodsch kind op den dwaalweg geraakt en zich aan spelen en drinken overgeeft, en altijd dieper en dieper wegzinkt, wat doen dan de ouders? — Zij vermanen, waarschuwen, bidden, maar alles tevergeefs. — Wat geschiedt dan met zulk een eigenwilligen zoon ? Dan trekken de ouders de schouders op en zwijgen; de wereld moet er niet van hooren, welk eene schande de zoon der familie heeft aangedaan I Maar wat eischt God in zijn heilig gebod, waarin zich de ernst en de gestrengheid zijner heiligheid openbaart? Voert hem naar de poort van de stad, opdat hij gesteenigd worde, en doet aldus het booze uit uw midden weg! Ja, de wet kent geen erbarraing, eischt den dood van den zondaar." •

Daarna ging Rabinowitz spreken over een plaats in den Talmud, waarin twee geleerden met elkander disputeeren. ET wordt daarin opgeworpen, of wel ooit in Israel zulk een wederspannige zoon door de eigen ouders aan het gericht was overgegeven moeten worden. De eene Rabbi springt op en roept: «Dat zij verre, dat het ooit in de heilige gemeente van Israël daartoe heeft moeten komen! Neen, dat kan niet zijn!" Maar de andere, Rabbi Jonathan, antwoordt: «Toch is het voorgekomen; er is zulk een zoon geweest; ik heb zelf op zijn graf gezeten!" «Maar" roept de eerste: «het is toch zeker nooit zoover gekomen, dat eene geheele stad in Israel, door enkele kinderen Belials verleid, andere goden gediend heeft en daarom verbannen en verbrand geworden is met vuur, zoodat zij eeuwig in een puinhoop ligt, en nimmermeer gebouwd wordt (Deut-13 ; 12—18) !" Maar wederom valt hem Rabbi Jonathan in de rede door te zeggen: «Toch is er zulk eene stad geweest, en ik heb zelf op hare puinhoopen gezeten."

Toen Rabinowitz zoover gesproken had, hield hij een oogenblik op, en zeide daarna tot de Joden, die met groote inspanning naar hem luisterden: «Die Rabbi Jonathan was een Christen In den Talmud vinden wij Christelijke gedachten ! Ja, de wederspannige zoon, op wiens graf de Rabbi gezeten heeft, dat is het geheele Joodsche volk, gelijk in Jesaja geschreven staat: Kinderen heb Ik opgevoed en verhoogd, en zij zijn van Mij afgevallen. Een os kent zijn bezitter en een ezel de kribbe zijns Heeren; maar mijn volk heeft geen kennis en mijn volk verstaat niet." De afgodische stad is Jeruzalem, op wier puinhoopen de Rabbi treurde, de heilige, heerlijke stad Om hare zondeis geen steen op den anderen gebleven. Want de wet van den ijverigen God kent geen ontferming.

Daarna ging Rabinowitz het Evangelie • verkondigen.

Dit artikel werd u aangeboden door: Vrije Universiteit Amsterdam

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 9 maart 1890

De Heraut | 6 Pagina's

Buitenland.

Bekijk de hele uitgave van zondag 9 maart 1890

De Heraut | 6 Pagina's

PDF Bekijken