Bekijk het origineel

Buifenland

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Buifenland

10 minuten leestijd

Duïtschland.Uit de broedergemeente. De afwijkende belijdenis, die de director Paul Kölbing van het Seminarie voor opleiding van predikanten der broedergemeente te Gnadenfeld heeft geopenbaard, in zake de Heilige Schrift, heeft eene bespreking in vele bladen uitgelokt. Het spreekt wel vanzelf, dat alle organen, die nog de Heilige Schrift als Gods Woord aanvaarden, het zeer betreuren, dat de man, die zulk een grooten invloed kan uitoefenen op de broedergemeenten, gemeene zaak heeft gemaakt met de Schriftbestrijders, Dat men dit in de broedergemeenten euvel duidt, bewijst, dat Kölbing in zijn opvattingen niet alleen staat. Daarom is het te betreuren, dat het orgaan der broedergemeente de Herrnhut de insinuatie' oppert, dat zeker kerkelijk blad, dat zich de bestrijding van den director Kölbing tot plicht gesteld had, het er om te doen is, om de broedergemeente en hare zending in discrediet te brengen. Dus houdt men het voor verdachtmaking, wanneer men voor de Schrift opkomt.

Daarentegen_^wordt|het"optreden van Kölbing geroemd door.... éé(Protestantsche Kirchenzetmng, het orgaan van den Duitschen Protestantenbond, terwijl het orgaan der Ritschliaansche richting de Christliche Welt met blijdschap van genoemde getuigenis |mt^de|sbroedergemeente kennis neemt, en zijnen lezers de bestudeering van Kölbings stuk warm aanbeveelt met de opmerkingj'^datjfdej.; schrijver ^[ïhetjbijbelvraagstuk op een vruchtbare wijze in een nieuw en dieper vaarwater brengt". Aldus schrijft de Ritschliaan Kattenbusch. Het is te hopen, dat de director van^het^Seminarie derjjbroedergemeente] het niet aangenaam ? al vinden dat hij door vertegenwoordigers van de richtingen, die kennelijk op den weg der ontkenning|zich bevinden, 'j]zulke warme handdrukken ontvangt. Maar het vermoeden, dat hetgeen Kölbing voorstaat, leidt tot het naakst ongeloof, wordt daardoor zekerheid. Het is een zeer bedenkelijke lof, wanneer ons van de zijde van ongeloovigen het brevet van|[eerlijkheidj en s^wetenschappelijkheid wordt uitgereikt.

^Mct dit al is het loslaten der Schrift door eengman3°fals3|Kölbing]^een'j.treurig teeken des tijds. Mocht hetji verzet inj^den boezem ; der broedergemeente tegen leeringen als die van genoemden]|predikantj m^omvang en kracht toenemen.

Franhpijk.l jVoorstel van de libe-r a 1 e n 'S, t a a n fd s e||o/1 h o^d o[x e n in de Staatskerk

De z. g. sEvangelische" Gereformeerdenj^die bij de Staatskerk behooren, toonen zich alraeer geneigdjipmjjfmet] de|liberalen] vrede|tej sluiten. Dit geeft aan enkele ernstige mannen, die van eene verbroedering van Evangelischen of orthodoxen en liberalen of modernen geen heil verwachten, ernstige bezorgdheid. Men is vol vreeze met het oog op de aanstaande officieuse|synode, waarin alle Evangelische kerken vereenigd zijn. Ja, die generale synode zal er opzettelijk voor samenkomen, ^omjde|voorstellen van verzoening, die uitgingen van de liberalen, in behandeling te nemen.

Men is niet gerust, !omdat'men injde particuliere synoden hetzelfde systeem gevolgd heeft, wat sedert drie jaren in de kerkelijke wereld van het Protestantsche Frankrijk in de mode was: om glimlachjes en knikjes te ^'wisselen met hen, ^die^menJalSjjVerwoesters ^van het huis^Gods moest tegenstaan.

Nu is er eene uitnoodiging van^de^liberalen' uitgegaan, om te Lyon eene conferentie, te houden, ten einde eene overeenstemming tusschen liberalen en orthodoxen tot stand te brengen. Gelijk wij meermalen hebben medegedeeld, is er sedert 1872 nog geen officieele, door de regeering erkende, synode der Fransch Gereformeerde staatskerk vergaderd geweest. De Fransche regeering heeft geweigerd, om tot het samenkomen van zulk een synode de noodzakelijke toestemming te geven, uit vrees, dat de meerderheid orthodox zoude zijn, v/elke meerderheid dan, als synode vergaderd, de macht hebben zou, om den liberalen het leven in de kerk onmogelijk te maken.

Nu hebben de orthodoxen gevaeld, dat het niet aanging, om zonder meerdere vergaderingen kerkelijk te leven, en daarom hebben zij heil gezocht in eene officieuse synodale organisatie, welke echter niet door de Fransche regeering erkend wordt, zoodat besluiten, door de officieus saamgekomen vergaderingen genomen, niet voor de regeering geldig zijn. Bijv. wanneer een of andere particuliere synode besluit een predikant af te zetten, dan stoort de regeering zich daaraan volstrekt niet, maar blijft dien predikant zijn tractement uitbetalen.

Ook de modernen meenden niet te kunnen leven zonder dat hunne krachten in eene vergadering werden geconcentreerd, en daarom stichtten zij de «delegation liberale."

Maar nu levert het Protestantisme eenltreurig schouwspel op tegenover de ééne, ongedeelde Roomsche kerk. De verdeeldheid in het kamp der Gereformeerden maakt, dat men van het Pratestantisme in Frankrijk niets weten wil. Men wijst altijd maar opnieuw op de jammerlijke tweespalt, die de Protestanten verdeelt, en dit werkt de propaganda voor het Protestantisme sterk tegen. Zoo oordeelen de meeste Fransche Gereformeerden. Daarom, toen de uitnoodiging kwam, om eene conferentie te Lyon te houden, ten einde te beraadslagen hoe men weer bij elkander zal komen, heette het uit het orthodoxe kamp: »Onze liberale broeders steken ons de broederhand toe... Welk eene eer! Welk een geluk! de liefde gebiedt ons dit of dat... Terecht maakt men tegenover die uitdrukkingen de opmerking, dat men, zoo sprekende, het woord sbroeders" en »broederlijk" misbruikt.

Nu is het nog zoo ver niet, dat de voorstellen der liberalen zullen worden aangenomen. Vele particuliere synoden hebben wel besloten om de geloofsbelijdenis (Declaration de foi) van 1872, en het officieuse synodale regime te handhaven, doch waarom wil men dan nog te Lyon eene conferentie houden ? Om enkele administratieve maatregelen vast te stellen, behoeft men toch geen conferentie, gelijk die wordt voorbereid.

Zulk eene conferentie kan in tweeërlei geest uitvallen. Of de discussiën nemen een scherp karakter aan en dan worden de vroegere pastorale conferentiën weder in het leven geroepen, die zoo weinig stichtelijks hadden, omdat steeds de zwaarden van orthodoxen en modernen door elkander kruistten; óf de besprekingen zijn welwillend en broederlijk en worden beheerscht door de gedachte, dat men de eenheid van het Protestantsche huisgezin naar buiten behoort te openbaren. Maar dan verloochent nien ook het orthodoxe standpunt dat men innam.

Daarom raadt de Eglise libre aan, om geen deel te nemen aan de conferentie te Lyon. Wanneer men er volstrekt niet buiten kan, dan wordt geadviseerd, om geen duim breed op het terrein van de leer gewonnen te geven. De redacteur Luigi zegt daarbij, dat nooit de duivel met meer|listizijn strikken gezet heeft, om het Christelijk!geloof te; verkeeren in ongeloof.

Wij houden het er echter voor, dat Satan zijn poging, om het Evangelie onkenbaar te maken, reeds eerder begonnen heeft. In 1872 hebben , !de< l!Evangelischen*fgeweigerd zich op het fundament te plaatsen, "waarop hunne kerk gebouwd werd, namelijk de confessie van La Rochelle, om eene korte verklaring op te stellen als verplichtend voor alle leden der kerk, in welke verklaring echter niels, dat specifiek Gereformeerd moet geacht worden, te vinden is. We zien het oogenblik^aankomen, dat de liberalen m massa zullen gaan verklaren, dat zij eigenlijk niets meer hebben tegen de «declaration" van '72, gelijk enkelen hunner dit reeds hebben uitgesproken.

— Cyprien'|Vji|gn; e; 5 uit de Cevennen. De gene-iingen door Cyprien Vignes op zijn gebed tot stand gekomen, hebben de aandacht gevestigd op het land en het volk, waaruit hij is voortgesproten.'^De'merkwaardige verschijning van genoemden man" kon ten deele verklaard. uit de omgeving waarin hij opgroeide. Daarom dunkt het ons niet ondienstig het een en ander mede te deelen van het verleden en het heden der Gereformeerde bevolking van het Cevennengebergte. Reeds vroeg werd de kerk in die landstreek gesticht, en toen de Albigenzen en Waldenzen in Dauphiné, Provence en Languedoc uitgeroeid werden, konden zij zich in het Öevennengebergte staande houden.

Toen in de i6e eeuw de reformatie kwam, was er in de Cevennen voor die geestelijke beweging een pad gebaand. De bevolking dier streek werd van groote beteekenis voor het Protestantsche Frankrijk, want terwijl de adel der Hugenoten en de rijke Protestantsche burgerij in de tijden van vervolging dikwijls aan hun geloof ontrouw werden, bleven de schaapherders en kleine boeren van de Cevennen trouw het zuivere Evangelie belijden.

Sedert de dagen der reformatie waren er in de Cevennen krachtige Calvinistische kerken. Zij hadden evenals de overige gemeenten die de dooUeer van Rome verwierpen, reeds in de i6de eeuw zware vervolgingen te verduren. Maar de verdrukking werd 100 jaren later het hardste. Reeds de zoon van Hendrik IV begon de vervolging en gaf te Nimes het z.g. genade-edict uit, waarin het edict van Nantes gedeeltelijk herroepen werd. Maar nog altijd hadden de Gereformeerden vrije uitoefening van hun godsdienst. Edoch, dit veranderde onder de regeering van Lodewijk XIV. Welke gruwelen toen bedreven werden, is uit de historie overbekend. Toen alle predikanten den marteldood gestorven waren, maakte een advocaat uit Nlmes, Brousson, zich op, om de herderlooze kudde in de Cevrennen te verzorgen. Maar ook hij werd eindelijk gevangen genomen en gedood. God verwekte nu uit de geitenhoeders en boeren bedienaars des Woords. Het scheen alsof de gaven die in den apostolischen tijd geschitterd hadden, weder geschonken werden. Vrouwen die tot hiertoe slechts in Provenciaalsch konden spreken, konden op eens in zuiver Fransch over geestelijke dingen getuigen. Kinderen noemden plotseling de namen der verraders, die de plaats van de samenkomst der gemeente aan de dragonders wilden bekend maken. Bij een samenkomst op den berg Bougès, gevoelden de aanwezigen zich op eenmaal door den Geest Gods gedrongen, eenige onschuldige vrouwen te bevrijden, die door den Jezuïtischen abt Du Chayla in zijn huis mishandeld werden, om haar te bewegen tot de Roomsche kerk weder te keeren. Die toeleg ge lukte, maar de Gereformeerden bevlekten zich met het bloed van den Roomschen geestelijke.

Deze gebeurtenis •^txA. de aanleiding tot een forraeelen oorlog tusschen de Roomsche regeering en de Calvinistische bewoners der Cevennen. Zeventien jaren hadden die bergbewoners de onderdrukking verdragen, nu wilden zij met het zwaard in de hand hun conscientievrijheid verdedigen. En zij hebben het gedaan. De Camisards hadden uitstekende aan voerders, die van geitenhoeders, voortreffelijke predikers en uitnemende soldaten werden. Vooral stak boven de anderen uit Jean Cavalier, die den eenen maarschalk des konings voor, den anderen na, overwon, tot hij in r704 eene eervolle maar overijlde capitulatie sloot. De voorwaarden der capitulatie werden echter ten deele door den koning geschonden. Weldra werd hun opnieuw het recht op vrije uitoefening van godsdienst ontnomen.

Een van de Camisards, zoo werden de strijders voor de vrije uitoefening der Gereformeerde religie in de Cevennen genoemd, met name Laurent Fages, schreef: »AUes wat wij deden was ons te voren door den Eeuwigen bevolen'en zijn Almacht openbaarde zich in ons voortdurend. Als het noodig was, dat wij van een plaats wegvloden, zoo gaf Hij daarvan aanstonds kennis aan onze profeten. Wij ontgingen op die wijze groote nederlagen, bij welke wij, trots al onze krachtsinspanning, vele strijders verloren zouden hebben.

Hoe menigmaal heeft ons de Geest Gods, wanneer wij, moede en afgemat, naar rust smachtten, als eene moeder die voor hare kinderen trouw bezorgd was, ons ingefluisterd: Slaapt rustig, Ik wil uwe wonden heelen; ik wil rond uw leger de wacht houden; de almachtige Schepper dekt u met zijn rondas.

Wij waren met ketenen beladen in het donkere kerkerhol en zeker van onze bevrijding, wanneer wij in het gebed ons met den Geest Gods verbonden hadden en Hij ons geantwoord had: > Ik zal u bevrijden, slaapt rustig." De Eeuwige werkte met zijne kracht op diegenen onzer broeders, welke als martelaars stierven. Zondereen zucht te slaken verdroegen zij, door den Geest gedragen, de folteringen en werden door de vlammen op het altaar verteerd, terwijl zij hun geest in Zijne handen aanbevalen."

Leden de Camisards een nederlaag, dan werd dit geweten aan het niet opvolgen van de leidingen van den Geest Gods; behaalden zij met een kleine schaar de overwinning, dan brachten zij op de knieën den dank aan den Heere der Heirscharen.

Nog 85 jaren hadden de Camisards zich staande te houden — totdat de Fransche revolutie hun vrijheid van godsdienst bracht. Maar in die 85 jaren hebben zij zooveel te doorstaan gehad, dat men zich verwonderen moet, wanneer men niet gelooft, dat Christus Zijne kerk in stand houdt, dat er nog eene Gereformeerde kerk in de Cevennen te vinden is.

WlffCKEI, .

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 9 augustus 1896

De Heraut | 2 Pagina's

Buifenland

Bekijk de hele uitgave van zondag 9 augustus 1896

De Heraut | 2 Pagina's

PDF Bekijken