Bekijk het origineel

DE zending en het buitenkerkelijk initiatief.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

DE zending en het buitenkerkelijk initiatief.

6 minuten leestijd

Amsterdam, 27 November 1896.

De reden waarom alleen kerken, naar eisch, zending kunnen drijven, meenen we klaar en duidelijk te hebben uiteengezet.

De zendingslast eischt Doop. Doopen kan alleen de kerk van Christus. Derhalve kan ook alleen de kerk zending drijven.

Nog van geen enkele zijde is tegen deze o. i. onaantastbare stelling protest vernomen.

Ook met volkomen eerbiediging van deze stelling, kan intusschen de vraag worden gedaan, of dan niemand, hetzij persoonlijk, hetzij vereenigd met anderen, iets voor de zending doen kan, tenzij eenige kerk hem daartoe oproepe.

En hierop nu luidt ons antwoord: Zending drijven kan alleen een kerk, de zending steunen en bevorderen kan elk particulier en velerlei particuliere vereeni-giiig-

Doch vooraf een woord over de uitdrukking : zending drijven.

Die uitdrukking is gewraakt.

Dit is begrijpelijk, omdat men aan ihandel drijven" denkende, hierin een min edele uitdrukking zag, die te mijden scheen.

Toch meenen we, dat men wel zal doen, deze korte, duidelijke manier van spreken niet te laten varen.

Drijven zegt meer dan oefenen.

Er zit in drijven sterker aandrift, gelijk dan ook »drift" in aandrift van datzelfde woord drijven afkomt.

Sterk vooral gevoelt men dat aan het verwante Engelsche woord thrift, en het daarbij hoorende werkwoord to thrive, dat bloei, groei, energieke aandrift en ontwikkeling beteekent.

In geestdrift hebben wij hetzelfde woord.

Zending oefenen is alzoo meer kalm en rustig in het werk der zending verkeeren, Zending drijven is met edelen hartstocht, met heilige aandrift, in vuur van geest^; ^//? voor de zending ijveren.

Reeds in-de Middeneeuwen sprak men dan ook (zie Midd. Ned. Woordenboek II, p. 416) van ^eene bootscap driven", wat het woordenboek weergeeft door ^ e ene zending verrichten." Juist dus wat wij noodig hebben.

En dat het van oudsher ook in edeler zin gebezigd werd, blijkt uit de Middeneeuwsche uitdrukking: si wilden diezelfde ghelove driven, wat zeggen wil: zij wilden ijveren voor hetzelfde geloof (zie p. 417).

Wie met ons juist in het werk der zending om heilige d.di'o.drift en de bezieling der geestdrift vraagt, doet dus nog zoo kwaad niet, zoo hij ook spreekt van nazending drijven", ook al is deze zegswijze minder gewoon, en op sommiger lippen niets dan een germanisme, d. w. z. een Duitsche bedelbrok.

»Zending drijven" beteekent dan: het werk der zending verrichten met inspanning van alle kracht; en juist dat is het wat wij van onze kerken begeeren; en wat alleen de kerken doen kunnen.

Maar belet dit nu, dat iemand ook persoonlijk, of met anderen vereenigd, deze zending steune, helpe en bevordere?

Ons dunkt in geenen dcele.

Immers men kan op allerlei manier een Jood, een Heiden of een Mahomcdaan, die eerst vijandig tegen het Christendom overstond, tot andere overtuiging pogen te brengen, en hem trachten te bewegen, dat hij zijn ziel aan den Christus overgeve.

We doelen hier natuurlijk niet op het geven van geld voor de zending der kerk. Dat toch doet men als lid der kerk. Dat ; is en blijft dus de kerkelijke zending.

Maar geheel onderscheiden hiervan is i allerlei poging, om hetzij Joden, hetzij Mahomedanen, hetzij Heidenen voor den Christus te winnen.

Stel iemand, die te Amsterdam woont, en veel met Joden in aanraking kwam, sprak met hen over de dingen des Koninkrijks, en God gaf het hem aan één of meer Joden de oogcn te openen voor den waren Messias, dan deed hij dit particulier. Maarzoodra deze ééne of deze meerdere Joden tot virerkelijke bekeering kwamen, zou niet hij ze doopen, maar zou hij ze tot de kerk brengen, en de kerk zou ze opnemen.

Evenzoo konden ook eenige particulieren saam zich vereenigen, om door traktaatjes of geleerde weerlegging van het Rabbinisme, propaganda onder de Joden te drijven. Wat zou hier tegen zijn?

Maar ook dan zouden de hierdoor bekeerde Joden niet door deze vereeniging gedoopt worden, en deze vereeniging zou geen aparte gemeente van bekeerde Joden stichten, maar die bekeerde Joden zouden door haar aan de kerk worden overgedragen, opdat die ze doopen mocht en in zich opnemen.

En precies evenzoo nu kan ieder Christen, diCj in'; den Archipel of in Suriname woont, pogen om alle mensch, die nog buiten Christus staat, voor den Heiland te winnen. Zelfs verstaan we niet, hoe Christenen op Java jarenlang wonen konden en herwaarts terugkeeren, zonder dat ze ooit één enkelen Javaan voor den Christus poogden te winnen.

Maar ook in dit geval zou zulk particulier initiatief geen ander gevolg hebben, dan dat zulk'een Christen op Java den bekeerden Javaan bij de kerk aanbeval, dat de kerk hem verder onderwees, en dat de kerk hem doopte en in zich opnam.

Wil men nu met meerderen gezamenlijk, de middelen opsporen en aanwenden, om meer toegang tot de Javanen te erlangen, dan ligt het voor de hand, dat men daartoe óf op Java sckolen kan openen, óf in sommige hoofdplaatsen een dokter, met een hospitaal en een staf van^helpers en pleegzusters kan vestigen.

Dit alles is geen voltooide zending, geen zending op last van den Koning der kerk, geen zending in het ambt, maar het kan uitstekend en doeltreffend middel zijn, om het werk der kerk voor te bereiden en in de hand te werken.

Door onderwijs krijgt men gelegenheid om vormend op het jongere geslacht in te werken. Door geneeskundige hulp te bieden, ontsluit men het hart, wekt vertrouwen, en krijgt gelegenheid tot saamspreking.

En doordien dit alles buiten het ambt omgaat, is het niet aan de kerk gebonden, en kan ieder particulier er aan doen.

Maar al deze arbeid kan daarom nooit zijn doel treffen buiten de kerk om.

Als onderwijs en geneeskundige hulp aan het einde van hun taak zijn, moet de kerk optreden, om de bekeerlingen te onderwijzen en te doopen en in zich op te nemen.

Vandaar^., dat'wie niet in den wilde en in den blinde, maar in goed verband te werk wil gaan, liefst ook dezen arbeid in verband met de kerken zal beginnen, en dat de kerken zeker dezen arbeid evenzoo kunnen en mogen ondernemen.

Maar toch gevoelt een ieder, hoe op dit terrein juist het breede veld van werkzaamheid, voor het «zW-ambtelijk, d. i. particulier optreden ligt.

Vooral Christenen die van Godswege met rijke middelen gezegend zijn, en die naar Java willen vertrekken, om de zielen naar Jezus te lokken, kunnen handen vol werk vinden. En zoo mannen als vrouwen, zoo jongelingen als jongedochters, kunnen, mits alles goed in elkaar worde gezet, hier een levensroeping vinden die heerlijk is.

Java alleen heeft een bevolking van over de 24 millioen zielen. Bijna zesmaal meer dan ons heele land.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 29 november 1896

De Heraut | 4 Pagina's

DE zending en het buitenkerkelijk initiatief.

Bekijk de hele uitgave van zondag 29 november 1896

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken