Bekijk het origineel

De mattelaren

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De mattelaren

5 minuten leestijd

ccxxx.

NICOLAAS RIDLEY.

Zwaar is de weg geweest^ dien de lïeere met aijne kerk in Engeland heeft gehouden onder de regeering van Maria de bloedige. Mannen van naam, eer en wetenschap werden tot niet gering aantal naar de brandstapels gevoerd, omdat zij den naam des Heeren Jezus Christus voor deneenigen naam hielden, waardoor de mensch zalig kan worden. De edelsten van ons geslacht werden ter slachtbank geleid, alleen omdat zij Gods Woord steldenbovenhet woord der menschen. Een dezer aanzienlijken was Nicolaas Ridley geweest. Hij stamde af van eene oude familie uit Northhumber land; 't levenslicht zag hij in het begin der i6e eeuw te Wilmontswick. Zijn eerste onderricht ontving hij aan eene lagere school te Newcastle, waarna hij sach naar de universiteit van Cambridge begaf. Vervolgens kwam hij in Parijs en Leuven en studeerde er in de theologie. De talenten, die de Heere hem geschonken had, waren zoo groot, dat de aandacht van velen, ook uit de hofkringen, op hem viel. In 1537 werd hij een der kapelaans van Cramner, aartsbisschop van Canterbury. Kort daarna nam hem kctti'ng HenÜrik VI zelf in zijaen dienst. Hy was töén nog va» harte Roomsch, doch langzamerhand leerde hij de dwalingen van Rome's kerk zien. Hij onderzocht ijverig de Schrift en verwierp toen de leer der wezensverandering in het Avondmaal uit volle overtuiging. Zijne buitengewone belezenheid in de geschriften van de kerkvaders en scholastieken maakte hem voor Cramner bruikbaar bij de voorbereiding en voltooing der reformatie in Engeland. .Uiterlijk zou men zooveel gaven niet verwacht hebben van zulk een schijnbaar onbestudeerden man. Wie echter bedenkt, dat God vaak het onaanzienlijke voor de wereld verkiest, om er groote dingen meê te doen, weet, dat hij hier met een van zulke gevallen te doen heeft. Met voorzichtigheid ging hij onder de regeering van Hendrik VI voort, om het Woord van God op den kandelaar te plaatsen, roen Eduard YI op den troon gekomen was, werd hij bisschop van Rochester. Met Cramner heeft hij sinds de reformatie zijns vaderlands gediend door. de vervaardiging van de geloofsbelijdenis , der 42 artikelen en het gebedenboek (Prayerbook), belde getuigen van de Gereformeerde beginseleo, die Ridley en Cramner beleden. In April 1550 heeft de koning den eerstgenoemde benoemd tot bisschop van Londen in de plaats van den P, oonischen Bonner. Doch toen hij van hier weer verplaatst zou worden naar Durham, stierf Eduard VI. Hij stelde zich daarop aan de zijde van Northhumberland, toen die Jane Grey op den troon van Engeland wilde zetten. Derhalve viel hij, toen zijn beschermer viel. Hij werd stevangen genomen en in een donkeren kelder gesloten. Bovendien heeft men hem op allerlei wijze gekweld en gesmaad. Ondertusschen deden de vijanden der waarheid, met name Gardiner, bisschop van Winchester, hun best met beden en belcffton, om Ridley tot afval van het Evangelie f e b'ewegén. De koningin zou hem dan niet alleen begenadigen, maar ook rijkelijk beloonen. Toen zij echter zagen, dat zij hem van zijn geloof niet konden afbrengen, lieten zij hem naar Oxford, ongeveer twee dagreizen van Londen verwijderd, brengen. Én met hem móésten gaan de reeds genoemde Thomas Cramner en Latimer. De tijd in den kerker doorgebracht met zijnen vriend Latimer gebruikten deze twee, om elkaar te troosten en te sterken tot den strijd tegen hunne vijanden. Eindelijk verscheen Ridley voor de rechtbank der bisschoppen en verdedigde er zich met groote vrijmoedigheid en standvastigheid. Hoeveel beproevingen hij onder dit alles te verduren had, toch week zijn opgewektheid van geest niet van hem; zelfs niet op den laats.en avond zijns levens. Toen de vrouw van den schout over hem weende, troostte hij haar met de woorden; ïïk noodig u morgen uit tot mijne bruiloft. Wel zal ik een bitter ontbijt krijgen, doch des te heerlijker zal dan het feestmaal zijn, dat mij des middags wacht."

In den kerker stelde hij een geschrift op over het Heilig Avondmaal, waarin hij erkende vroeger een ander gevoelen te hebben aangekleefd aangaande de drie punten, waarover hij ondervraagd was. Deze putiten waren: DeRoomsche kerk leert ten eerste: In het Sacrament des altaars (het a\vondmaal) is wezenlijk onder de gedaante van brood en wijn tegenwoordig het natuurlijk lichaam van Christus, ontvangen van de maagd Maria, insgelijks zijn natuurlijk bloed, door de Iracht der woorden Gods uitgesproken door den priester". Ten tweede: Na de woorden der inzegening bestaat het wezen van het brood en den wijn niet meer, noch iets anders dan alleen het wezen van God en van den mensch" Ten derde: In de mis is eene levendmakende offerande der kerk VcrVat, die ée z; aaden vergëefii zoowel van levenden als van dooden. Dat deze drie punten in strijd waren met Gods Woord bewees Ridley klaar en duidelijk. Ten overvloede toonde hij daarbij aan, dat de eerste Christelijke kerk deze dwalingen niet gekend hesft, waai toe hij zich beriep op de kerkvaders zoowel der Grieksche als der Latijnsche kerk.

Toen het doodvonnis over den martelaar uitgesproken was, werd de 16 October r15 5 5 als dag van uitvoering hiervoor bepaald. E.idley, die dien dag als zijn feestdag beschouwde, kleedde zich met de grootste zorg in het gewaad eens bisschops, uit den tijd van Eduard VI, terwijl de blijmoedigheid, welke op zijn gelaat te lezen was, bewees, dat hij vrede in zijn gemoed had. Toen hij raet Latimer den brandstapel besteeg, riep laatstgenoemde zijnen jongeren vriend toe: s\Vees welgemoed, broeder! Vandaag ? , ulieü wij een vuur ontsteken in Engeland, dat, zooals ik van God bidde, nooit meer zal uitgaan." Ridley leed lang, eer de dood hem de hemelpoorten opende. Eene poging om zijnen dood te verhaasten gelukte niet. Het vuur verbrandde de onderste ledematen toen de bovenste nog ongedeerd bleven.

Lang hoorde men hem bidden: »In uwe handen beveel ik mijnen geest" en iHeere, erbarm u mijner" Eindelijk, toen hij onder de ondragelijkste pijn uitriep, dat hij niet kon verbranden, werd aan de vlammen een uitweg geopend, zoodat zij hoog konden opvlammen, waarna spoedig een einde kwam aaa het smartelijk lijden van dezes martelaar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 13 december 1896

De Heraut | 4 Pagina's

De mattelaren

Bekijk de hele uitgave van zondag 13 december 1896

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken