Bekijk het origineel

INGEZONDEN STUKKEN,

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

INGEZONDEN STUKKEN,

4 minuten leestijd

(Buiten verantwoordelijkheid van de Redactie.)

Hooggeachte Redacteur!

Gaarne wil ik mijne gedachten zeggen aangaande de samensmelting der Boeren-en Kleurlingengemeente te Humpata.

De gemeente der Trekboeren is niet zoo groot, dat een predikant niet tevens voor de Kafferchristenen kan zorgen, maar dat kan toch niet saamgaan, indien er niet eene zeer groote verandering in de denkwijze der Trekboeren komt.

Wel kan men in het dagelijksch verkeer weinig of niets merken van wat men rassenhaat noemt, want Boer en Kleurling gaan tamelijk vriendschappelijk met elkaar om. (Ik bedoel hier de z. g. «alkleurlingen en niet de wilde heidenen). Alleen laat de Boer zijne meerderheid blijken, doordat hij den Kleurling altijd eerst laat groeten, en hij wel terug groet, maar nimmer den hoed afneemt of hem de hand reikt. Ook za een Boer nooit aan dezelfde tafel met een Kleurling eten. Dit zijn echter kleinigheden, waarvan Boer noch Kleurling anders weet, of het behoort zoo.

Deze verhouding zal ieder wel kunnen begrijpen, daar er misschien in ons land ook tal van voorbeelden zijn, waar de verhouding tusschen heer en knecht evenzoo is.

Samen met dé Kleurlingen naar één kerk gaan, hiervan wil niemand der Boeren iets hooren. Ik geloof, dat zelfs de Kleurlingen er volstrekt niet mee ingenomen zouden zijn, en da ze veel liever zelf een leeraar zouden willen hebben.

Evenmin zullen de Trekboeren zwarte kinderen in een school toelaten, waar de hunne onderwijs ontvangen.

Afgedacht nu van deze verhouding tusschen Kleurling en Boer, zou het m. i. ook nog niet wenschelijk zijn, dat de beide gemeenten vereenigd werden, daar men zich toch niet alleen tot de makke bevolking moet wenden, maar ook de wilde negers en woeste Berg-Damara's trachten tot Jezus te brengen.

Gesteld dus, dat »di mak volk" werd toegelaten; de heidenen, die bijna ongekleed gaan, en de reukorganen der Blanken ten zeerste beleedigen, zouden dan nog buiten moeten blijven.

Bovendien kan een zendeling alleen onder de Kleurlingen ook werk genoeg vinden, wijl hij dagelijks de zwarte kinderen en volwassenen, dié er den tijd voor hebben, zal moeten onderwijzen.

Er zou wel een onderwijzer meê kunnen gaan, maar dan blijft er weinig werk voor den zendeling over, omdat de gemeente alleen des Zondags kan samenkomen.

'ü Avonds kan er geene vergadering gehouden worden, wijl de wegen en paden in he donker onbegaanbaar zijn, en ook is het e vanwege het wild gedierte dikwijls zeer gevaarlijk te loopen. Ieder, zoowel Blanke als Zwarte, blijft dan. thuis.

Indien de schooluren echter wal naar de omstandigheden geregeld worden, dan blijlt er ook nog wel lijd over om de kleurlingen in huis en hut te bezoeken.

Dat zich reeds drie predikanten hebben bereid verklaard om naar Humpata te gaan, is een zeer verblijdend teeken. Nu spreekt het vanzelf, dat niet alle drie daar heen kunnen gezonden worden; maar toch, indien deze Broeders ondersleuning kunnen krijgen, of zelf bemiddeld zijn, dan zou ik len zeerste aanraden: dooft dien zendingsgloed toch niet uit, want in de omstreken van Humpata zijn nog duizenden negers, die nimmer van den Zaligmaker hebben gehoord, In het Oosten en Noord-oosten van Humpata wonen negerstammen, die bijna on­ , telbare kudden vee bezitten, met welke negers - de Trekboeren dikwijls handel drijven, i.oodat een zendeling daar gemakkelijk kan komen en door bemiddeling der Boeren er 7nisschien vrien delijk zal worden ontvangen, In Humpata zou dan zoo iemand eerst eenigen lijd kunnen verloeven, om eenigszins met de taal dier volken op de hoogte te komen.

Voorzoover ik heb kunnen nagaan is de taal der negers van die streken nog niet in schrift gebracht. Spraakkunsten van negertalen en dialecten, die cenigé overeenkomst met die taal hebben, zijn uitgegeven in Portugal en Engeland, De overzettingen en andere kleine geschriften van de Finsche zendelingen, die onder de O/ambo ten Zuiden der Cunene-rivier werkzaam zijn, kunnen tevens van veel nut wezen.

Men geve derhalve den moed niet verloren, er is werk voor tientallen van zendelingen.

U dankend Mijnheer de Redacteur voor de opname,

Uw dw, dr,

P. BlEWENGA.

Zijldijk.

Verbetering.

In vorig nummer van de Heraut staat, dat de Synode der Geref. kerk in Z. Afrika begint: I Maart '98, moet zijn: i Maart '97.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 27 december 1896

De Heraut | 4 Pagina's

INGEZONDEN STUKKEN,

Bekijk de hele uitgave van zondag 27 december 1896

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken