Bekijk het origineel

INGEZONDEN STUKKEN.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

INGEZONDEN STUKKEN.

3 minuten leestijd

{Buiten verantwoordelijkheid van de - Redactie).

Poerworedjo^ 27 Oct. 1898.

Hooggeachte Redacteur!

Heden bracht de mail mij uw blad van 2 Oct. 1.1. Ds. Winckel deelde daarin iets meê van wat in een Engelsch en Fransch blad stond, met name, dat op een Zendingsconferentie geconstateerd was dat alle inlandsche ambtenaren op Java Mahomedanen moeten zijn en dat wanneer een hunner Christen wordt, hij aanstonds ontslag krijgt. Ds. W. voegde daaraan toe: „Deze mededeelingen zijn niet geheel juist.. Wij weten er althans niets van, dat wanneer een Javaan, die Mahomedaan of Heiden was, tot het Christendom overgaat, hij daardoor, als hij een ambt bekleedt, uit 's lands dienst ontslagen wordt. Officieel is dit niet voorgeschreven."

Zij het mij vergund naar aanleiding hiervan het volgende te ontleenen aan de Indische Gids van September blz. 1038: „Het is nog niet voorgekomen dat ook Inlandsche bestuursambtenaren met name Assistent-Wedono's enz. Christenen zijn geworden. Voor Regenten bestaat een wettelijk bezwaar, reeds meermalen besproken. Dit bestaat echter niet voor de andere bestuursambtenaren. In Oost-Java werd eenige jaren geleden een Javaansch Christen op de voordracht gesteld, om tot Assistent-Wedono 2de klasse benoemd te worden, welke voordracht door de Regeering niet is overgenomen, omdat zij een Christen gold. Het standpunt waarop de Regeering zich stelt, is, dat zij den tijd daartoe nog niet gekomen acht. Intusschen was de Gouverneur-Generaal van gevoelen, „dat Christeninlanders, die daarvoor bekwaam en geschikt zijn, niet behoeven uitgesloten te worden van het bekleeden van zoodanige landsbedieningen als pakhuismeesters en dergelijke, die niet geacht kunnen worden te behooren tot de Inlandsche bestuursloopbaan." Mr. F. C. Hekmeye, rechterlijk ambtenaar in Ned.-Indië, die dit schrijft, verwijst daarbij naar Bijlage C, Koloniaal Verslag 1890. Al is het dus niet officieel voorgeschreven, dat zulk een bestuursambtenaar, als hij Christen werd, uit 'slands dienst moet ontslagen worden, feitelijk komt het toch hierop neer, dat bestuursambtenaar zijn en in den Christué gelooven en dien belijden, voor den Javaan niet wel mogelijk is. De mededeeling in genoemde bladen is dus niet zoo geheel onjuist en het strekt zeker onze natie niet tot eere, dat er zóó in het buitenland geschreven kan worden. Dat hier onder de bevolking een zelfde meening bestiat, blijkt dunkt mij uit het volgend woord van bovengenoemden schrijver: „Soms wordt de leer verkondigd, dat het Gouvernement het „Christen worden" liever niet ziet, waartoe dan het feit, dat geen der hoofden Christen is, en de minder welwillende houding van een of ander bestuursambtenaar, als bewijzen worden aangehaald. De bestuursambtenaren hebben namelijk hun onzijdigheid op het punt van godsdienst wel eens zoo bewaard, dat de Inlander den indruk kreeg, alsof het Gouvernement het niet v/enscht dat de Inlander Christen wordt, " blz. 1032 t. a. p. Na de aanbieding mijner beleefde groete noem ik mij Uw broeder in Christus

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 18 december 1898

De Heraut | 4 Pagina's

INGEZONDEN STUKKEN.

Bekijk de hele uitgave van zondag 18 december 1898

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken