Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Politiek en Kerk.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Politiek en Kerk.

6 minuten leestijd

Een gezonde ontwikkeling van het staatkundig leven eischt dat er partijen zijn. Al zijn we zonen van hetzelfde vaderland, er is een diepgaand verschil in levensbeschouwing tusschen antirevolutionair en liberaal, conservatief en radicaal, christen en socialist. De beginselen dwingen ons tegenover elkander te gaan staan. In den wedijver, wie het meest invloed zal hebben op den gang van 's lands zaken, is alleen die partij sterk, die beschikken kan over een krachtige organisatie, een wel-omschreven program heeft en in vol vertrouwen zich kan overgeven aan de leiders, die haar tolk zijn in [het Parlement. Zonder partij-organiseering is het politieke leven dood.

Wat echter op staatkundig gebied eisch is van het gezonde leven, is in de Kerk van Christus het meest gevaarlijke bederf. Niets toont droever in welken treurigen toestand de Hervormde Kerk zich bevindt, dan het partijwezen, dat daar alles beheerscht. Wie in één Kerk mannen van de meest verschillende beginselen wil saamhouden, dwingt vanzelf tot partij-formatie. Bij elke verkiezing van een predikant of ouderlingis het de hoofdvraag of het moderne, ethische of orthodoxe deel het winnen zal. In onze groote steden heeft men dan ook „kerkelijke" even goed als „politieke" kiesvereenigingen, en de dommekracht van het cijfer beslist. Waar de Modernen de meerderheid hebben, wordt geen orthodoxegekozen, en waar de orthodoxen het in stemmenaantal winnen, komt geen moderne op de lijst. En deze worsteling zet zich voort in Classicaal en Provinciaal Bestuur tot op de Synode. Wat werd er gejubeld enkele jaren geleden, toen eindelijk de Synode „om" was. Alsof men de overwinning op het electorale slagveld behaald had.

Dat alles vloekt tegen de ernstige vermaning des Apostels. Toen in de gemeente van Corinthe ditzelfde kwaad zich begon te ontwikkelen en drie partijen, naar Paulus, Petrus en Apollos zich noemend, tegenover elkander stonden, ging het woord des Apostels in heiligen toorn tegen dat partijwezen uit. „Is Christus gedeeld.' Is Paulus voor u gekruisigd.' Hetzij Paulus, hetzij Apollos, hetzij Cefas, zij zijn allen uwe. Doch gij zijt van Christus en ChrLstus is Gods.”

In Christus' Kerk is voor het partij wezen geen plaats. Wie het daar wil invoe • ren, verdeelt het lichaam van Christus en waar het lichaam van Christus Christus zelf is, is het een deelen en scheuren vanden Christus Gods. Waar de belijdenis van dien Christus verschil maakt, kan men tegenover de valsche of min zuivere Kerk genoodzaakt worden de ware Kerk te herstellen. Maar in de Kerk zelve, waar men één is in belijdenis, waar hetzelfde geloof de harten verbindt, kan van geen partij-organisatie sprake zijn, of men tast de eenheid van Christus' lichaam aan. Partij-organisatie in de Kerk loopt altoos op scheuring van de Kerk uit.

Niet ernstig genoeg kan daarom gewaarschuwd worden tegen al wat op „partijwezen" in onze Kerken lijken zou. Indien metterdaad onder ons geschil bestond omtrent het fundament des geloofs, dan zou een worsteling tot het bittere einde toe heilige plicht zijn. Men mocht dan niet rusten, totdat op de Generale Synode de strijd tot een beslissing gebracht was, en zou, zij het met bloedend hart, de eenheid der Kerk moeten opofferen aan de handhaving der belijdenis.

Maar gelukkig is er niemand onder ons, die aan zulk een fundamenteel verschil gelooft. Er moge verschil van inzicht wezen omtrent den doop, omtrent de verhouding van Woord en Wedergeboorte, omtrent de beste wijze van opleiding onzer predikanten, — zelfs de hartstochtelijkste drijver zal kwalijk durven beweren, dat dit articuli stantis aut cadentis Ecclesiae zijn; dat de Kerk met deze artikelen staat of valt. In de kringen van enkele sectarische kerken moge men om zulke bijkomstige geschillen tot eindelooze scheuring zijn overgegaan, de Gereformeerde Kerk was te ruim van hart om zulke geschillen binnen de grenzen der belijdenis niet gaarne te dragen. Juist in die verschillen kwam de verscheidenheid der gaven uit, die God tot opbouwing der gemeente in de waarheid schonk.

De Heraut heeft daarom steeds er voor gev/aarschuwd, dat men om deze verschillen geen partijschap in de Kerk verwekken zou. Waar twee kerken, elk met een eigen historisch verleden, saamvloeien, daar is de uiterste spankracht der liefde en een schier onuitputtelijk geduld noodig, om al wat tot dit partijwezen aanleiding kan geven te voorkomen. Bij de verkiezing van predikanten, bij het nemen van gewichtige beslissingen moeten niet A of B, maar moet het belang der Kerk den doorslag geven. Dat tegen dezen regel vaak gezondigd is, valt kwalijk te ontkennen voor wie geen vreemdeling is in ons kerkelijk Jerusalem.

Toch sloop dit kwaad dusver nog in meer bedekten vorm rond. Het openbaarde zich meer in partijdigheid, dan in partijorganisatie. Bij sternmingen besliste de persoonlijke sympathie, maar men vormde geen fracties, die als zoodanig tegenover elkander stonden. Het besef van onze kerkelijke eenheid hield van zulk een verkeerden stap terug.

In den laatsten tijd zijn er echter teekenen, die doen vreezen, dat de grens tusschen politiek en kerk dreigt te worden uitgewischt. Wanneer men comités van vigilantie gaat oprichten, overal agenten en correspondenten gaat aanstellen, vertrouwelijke circulaires laat rondgaan, volkspetitionnementen in het leven gaat roepen, dan doet dit meer aan een staatkundige dan aan een kerkelijke actie denken. Vóór de Synode is door ons reeds ernstig tegen deze handelwijze gewaarschuwd. Op de Synode zelf werd het droeve feit voor ieders oogen publiek. Bij de beslissing over het opleidingsvraagstuk stonden twee partijen tegenover elkander, die tenslotte elk afzonderlijk vergaderden en besluiten namen, welke op de Synode tot elkanders kennis werden gebracht. En nu brengt de pers weer het bericht, dat na de Synode op nieuw saamkomsten worden gehouden van een comité, dat daardoor almeer een zelfstandig karakter begint te krijgen en in het geheim besluiten neemt, waarvan niemand de rechte beteekenis weet. 1)

Het is noodig, dat hierover het volle licht opga. Een officieel démenti, omdat de Pers in enkele bijzonderheden minder juist was ingelicht, is niet voldoende. De kerken hebben het recht te weten, wat er omgaat.

Geheime vergaderingen behooren in Christus' kerk niet thuis.

Niet ernstig genoeg kan dan ook door ons worden ontraden, dat men van andere zijde dezen zelfden weg zou inslaan. Een organisatie in de Kerk van een bepaalde partij mag niet. Men vormt dan een kerk in de Kerk. En het einde van dezen weg zou een scheuring zijn, die door geen enkel hooger staand beginsel werd gemotiveerd.

1) Eerst bij het afdrukken van ons nummer ontvingen wij de publicatie van dit Comité, die in onze kolommen een plaats vindt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 12 oktober 1902

De Heraut | 4 Pagina's

Politiek en Kerk.

Bekijk de hele uitgave van zondag 12 oktober 1902

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken