Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

CHAOS OF DIKTATUUR

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

CHAOS OF DIKTATUUR

11 minuten leestijd

Geweldig waren de rollers van de Stille Oceaan, die als stoottroepen telkens uit de watermassa's opdoken, aanzwellend, steeds hoger, in een donderende stormaanval op de rotsen, om toch altijd weer te pletter te slaan en uit elkaar te spatten in schuim als blinkend witte vachten van wol. Wel twee uur had ik geboeid zitten kijken naar dat machtige schouwspel van Gods schepping. Het was of de oneindigheid over mij heen schoof, terwijl ik als stipje daar zat, weggesmeten in die grote wereldzee, op een eiland, nauwelijks groter dan Vlieland, op 4000 km. van Latijns Amerika.

De zon was intussen ondergegaan in bloedrood overvloeiende in donkerbruin. In de tropische landen wordt het dan snel duister. De schemering hoopt zich steeds meer op, vult zichzelf op, en maakt je steeds meer één met de hele omgeving. De lijnen vervagen en alles wordt rust.

Terwijl ik zo zat te mijmeren, hoorde ik ineens een stem achter me. Ik schrok even, want in dat soort landen moet je altijd oppassen. Het bleek echter een vriendelijke jongeman te zijn van naar schatting 25 jaar. Hij wilde blijkbaar een praatje met mij maken.

Hij vertelde mij het verhaal van zijn vrouw en zijn twee kinderen. Maar ik kan verder geen bijzonderheden hier weergeven, want dat zou gevaarlijk voor hem kunnen zijn. Want hij vertelde mij ook andere dingen, over Chili met zijn harde diktatuur, waar de vrijheid vertrapt wordt en de afzonderlijke mens tot nummer is gemaakt, méér niet. Hij stortte zijn verdriet en zijn woede over mij uit Hij wilde weg uit dat land, ver weg, om ergens zichzelf te kunnen zijn, mens te zijn met de mogelijkheid om te zeggen wat je denkt, zonder voortdurend schuw te moeten omkijken. Want zo zei hij mij, als de politie hoorde wat ik u allemaal vertelde, dan zou ik weldra spoorloos verdwijnen, zoals zovelen van wie men nooit meer iets gehoord heeft.

Ik luisterde en leefde met hem mee. Maar ik kon hem geen enkele raad geven voor het politieke probleem, waar hij mee worstelde en dat hem zozeer benauwde. Het enige - maar dat is dan ook het overweldigende - dat ik hem bieden kon, was het Evangelie van Christus. Ik probeerde hem dat zo helder mogelijk uiteen te zetten. Hij luisterde oprecht en probeerde het in zich op te nemen. Onwillekeurig was er een sfeer van wederzijds vertrouwen ontstaan, een vorm van helaas wat vluchtige vriendschap. En toen ik hem de volgende dag weer ontmoette, gaf ik hem een exemplaar van de Spaanse vertaling van „Wil je eeuwig leven?", dat ik had meegenomen. Ik raadde hem ook aan om de evangelische kerk op het eiland t e bezoeken. Ik weet niet of hij het heeft gedaan. Ik heb ook zijn naam later doorgegeven aan de predikant van het Paaseiland.

Voortwoekerende haat

In Argentinië ontmoette ik een Chileen. Hij is een gelovig iemand en doet prachtig werk onder de aan drugs verslaafden. Hij maakte een heel rustige indruk. Maar ineens kwam het er bij hem uit: „Via een vriend ben ik in de gelegenheid gesteld een concentratiekamp te bezoeken. Het was vreselijk wat ik er zag en hoorde. Het is beslist waar dat meisjes en vrouwen werden verkracht voor de ogen van hun verloofden en mannen".

Ook in Australië sprak ik met Chileense vluchtelingen van de gemeente van ds. Parraga en kreeg dergelijke vreselijke verhalen te horen.

In Chili zelfvertelden christenen, die overigens achter deze regering staan, dat de revolutie tegen Allende een stroom van bloed en haat en leed heeft veroorzaakt. Volgens de cijfers, gegeven door de regering Pinochet, zouden er slechts 15-000 doden destijds gevallen zijn aan beide zijden. Maar iedereen die ik hierover vroeg, zei: Nee, dat moeten er minstens 50.000 zijn geweest.

Die revolutie heeft diepe wonden geslagen en nog altijd wroet er ondergronds de haat. Die haat wordt in de gezinnen levend gehouden door de plaatsen, die leeg zijn gevallen : de man of een zoon, die omgekomen is bij de revolutie en soms op wrede wijze vermoord werd.

Een predikant van de pinksterbeweging, die een gemeente heeft in een van de armste buurten van Santiago, zei mij dat zijn houten kerkje in brand was gestoken door aanhangers van Allende vlak na de bloedige gevechten, omdat zij meenden dat ook hij achter Pinochet stond. Maar, zo verzekerde hij, ik heb mij nooit uitgesproken noch voor noch tegen Allende.

Als een Johannes de Doper?

Ik heb echter ook christenen gesproken die zich met alle beslistheid stellen achter deze regering Pinochet. De toestand was o^ den duur onhoudbaar. Men moest voor de meest elementaire levensbehoeften, voor brood en rijst, in de rij staan. Een professor van een universiteit beschreef de grote wanorde die daar was ontstaan. De studenten meenden te mogen beslissen wat en wanneer de professoren moesten doceren en verzuimden het bijwonen van de college's, wanneer ze maar wilden. Pinochet heeft orde op zaken gesteld. Nu heeft het land rust, al wordt die rust door middel van een ijzeren hand in stand gehouden. Maar dat kan nu eenmaal niet anders in een land als Chili.

De vraag is echter : Hoe kwam het dat op den duur alles uit de hand liep? Was dat misschien ook niet het gevolg van subversieve, misschien buitenlandse krachten? En hebben reaktionaire elementen in Chili zelf daar handig gebruik van gemaakt, omdat ze hoopten op een rechtse revolutie, die hun financiële belangen wee veilig zou stellen? Wie zal het zeggen? In elk geval is die mogelijkheid reëel. Verschillende predikanten die deze regering verdedigen, zagen toch ook wel he grote sociale onrecht dat in Chili heerst en sommigen zeiden: „Misschien kon spoedig de tijd dat ook wij als een Johannes de Doper de regering daarove moeten aanklagen en aldus eveneens ons leven moeten wagen".

In Argentinië echter zuchtte een predikant: „Wij, protestanten, kunnen niei doen, want wij zijn een verdwijnende minderheid, waarmee de regering geen rekening hoeft te houden. Geen roomse haan zal er naar kraaien, als een dominee wordt gelikwideerd". Maar in Chili is het protestantisme ziet zulk een te verwaarlozen minderheid. Minstens 13 % is daar reeds protestant.

De resolutie van de ICCC

In het licht van het bovenstaande is het voor mij onbegrijpelijk en totaal onaanvaardbaar dat de ICCC in een resolutie zich openlijk gesteld heeft achter deze regering Pinochet van Chili.

Natuurlijk heeft deze regering thans het wettige gezag en daarom is een poging om ze met gewapend verzet te verdrijven in strijd met Gods Woord (Rom. 13). Een andere predikant in Argentinië zei mij: „In de eerste plaats meen ik dat revolutie een ongeoorloofd middel is. Maar vervolgens is meestal dat middel erger dan de kwaal. In elk geval hier in Argentinië. De regering beheerst de toestand hier volkomen door middel van een uitgebreid, van moderne middelen voorzien politieapparaat en steunt bovendien op het leger. Een revolutie zou tot gevolg hebben dat tienduizenden zouden worden gedood". Overigens sprak ook hij zijn felle veroordeling uit over het huidige diktatoriale bewind in Argentinië. Er heerst terreur. Telkens verdwijnen mensen, die hun afkeuring van de regering niet langer meer in hun hart konden smoren en er openlijk lucht aan gaven. Ze keren nooit meer teurg.

Maar hoe kan dan een Internationale Raad van Christelijke Kerken openlijk haar steun geven aan de regeerders van Chili aan wier handen zoveel bloed kleeft van onschuldigen, die het wettige gezag van destijds met geweld hebben verdreven, waardoor minstens 50.000 doden vielen, met al de misdadigheid die zulk een revolutie vergezelt zoals verkrachting van vrouwen en meisjes?

De bijbelse christenen van Latijns Amerika hebben de strijd te voeren tegen de „theologie van de revolutie", die door veel priesters openlijk wordt aangehangen. Zij stellen Christus voor als een verzetsstrijder. Een priester had een Christusfiguur getekend met een geweer in de hand en op de achtergrond het kruis. Hij plakte dat aan in het portaal van zijn kerk en dook daarna onder om zich te voegen bij de guerillatroepen in de bergen.

Maar als dan een ICCC de rechtse revolutie in Chili verheerlijkt, waarom, zo zullen dergelijke priesters vragen, mogen wij dan niet de linkse revolutie prediken? In onze Spaanse editie proberen wij juist, samen met vooraanstaande theologen van Latijns Amerika, zoals dr. Rene Padilla, dr. Samuel Escobar, Ir. Pedro Arana en anderen, een bijbels antwoord te geven op de theologie van de revolutie. Daarbij wijzen wij elke gewelddadige revolutie af, maar prediken, als men dat zo noemen wil, een revolutie door het Woord Gods, de revolutie van de alles overwinnende liefde, waarbij men er niet voor terugschrikt om, wanneer dat zin heeft, een regering ook vanuit het Woord openlijk aan te klagen vanwege eventuele wandaden. Wij verkondigen de God die het opneemt voor de verdrukten, de weduwen en wezen, de armen. (Het viel mij deze dagen op dat midden in de zo prachtige en uitermate „bevindelijke" ps. 103 ineens staat te lezen : „De Heere doet gerechtigheid en gerichten al degenen, die onderdrukt worden"). Deze resolutie van de ICCC, die, naar ik vermoed, in de wereldpers terecht is gekomen, berokkent veel schade aan dit streven van de bijbelse christenen in Latijns Amerika.

Marcos of chaos

Dat christenen bij de vraag: „chaos of diktatuur" de kant soms kiezen van de diktatuur, heb ik beter kunnen begrijpen in de Philippijnen. Daar was er vóór de diktatuur van Marcos een diktatuur van de rijken. Die hadden toen ieder hun eigen legertje, dat beter was uitgerust met moderne wapenen dan het leger van destijds. Deze enkele rijke families namen het „recht" helemaal in eigen handen. Zij doodden of lieten doden wie zij maar wilden. De armen waren volledig aan hun willekeur overgelaten. Zij die ook maar iets aanmerkten op de uitbuiting door deze rijke families, werden zonder pardon uit de weg geruimd.

Daar is nu met de regering van Marcos in elk geval een einde aan gekomen, hoewel de toestanden daar van de armen vreselijk zijn: ellende, vervuiling en honger.

Wat kunnen wíj doen?

Die vraag kunnen wij niet naast ons neerleggen, wanneer wij de God van de Bijbel belijden, de God die opkomt voor het recht van de armen en verdrukten, van de weduwen en de wezen.

Gelukkig zijn er prachtige christelijke hulpverleningsinstanties zoals „Woord en Daad" en „EO-Metterdaad".

Maar eigenlijk zou er daarnaast nog een andere stichting of vereniging moeten komen, die zich tot doel stelt deze landen te helpen door schenkingen of leningen, die het mogelijk maken kleine industrieën, fabriekjes, op te zetten; natuurlijk niet via de desbetreffende regeringen, echter wel met de nodige officiële vergunningen.

Natuurlijk moeten instanties als „Woord en Daad" en „EO-Metterdaad" hun mooie werk van direkte steun blijven voortzetten. Maar daarnaast moet er een hulpverlening zijn, die erop gericht is : „Help jezelf helpen", die dus de middelen verschaft, waardoor zoveel mogelijk mensen door eigen werk in hun levensonderhoud kunnen voorzien, want dat is altijd meer verheffend dan wanneer je voortdurend de hand moet ophouden voor de aalmoezen van het buitenland. Ik heb hierover gesproken met dr. Rene Padilla in Argentinië en met prof. Godoy in Chili. Beiden vonden dat zulk een hulpverlening voortreffelijk zou zijn. De Adventisten hebben in heel Latijns Amerika fabrieken voor voedingsmiddelen, die uit mais worden gemaakt. Iets dergelijks zou ook door ons, christenen uit de Reformatie, moeten worden opgezet. Zo helpen we mensen aan arbeid en bovendien aan niet al te dure levensmiddelen.

Ik heb hierover al eens met enkele christenen in Nederland van gedachten gewisseld. Men was er enthousiast over. Maar … wie zal de kat de bel aanbinden, of juister uitgedrukt: Wie beschikt over tijd, bekwaamheid, een taai doorzettingsvermogen ondanks misschien aanvankelijke teleurstelling, om zoiets op te zetten? Zelf heb ik er de tijd en ook de zakelijke bekwaamheid niet voor. Maar daarom is het misschien toch zinvol om dit balletje in ons blad eens op te werpen. Wie weet wie er door geïnspireerd wordt. Hoe het ook zij, we moeten blijven nadenken wat wij positief kumen doen om iets van de nood te lenigen van de armsten in de arme landen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Saturday 1 September 1979

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

CHAOS OF DIKTATUUR

Bekijk de hele uitgave van Saturday 1 September 1979

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

PDF Bekijken