Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

JUAN DE VALDÉS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

JUAN DE VALDÉS

5 minuten leestijd

19 april 1566 stierf Giulia Gonzaga, de beroemdste leerlinge van Juan de Valdés. De later heilig verklaarde (!) Pius V was woedend, toen hij over haar hoorde en verzekerde dat hij haar levend zou hebben laten verbranden, wanneer hij haar te pakken had gekregen. Enkele maanden later werd Pietro Carnesecchi, die eveneens had behoord tot de kring van Juan de Valdés en Giulia, gevangen genomen en onthoofd in Rome.

Aldus prof. dr. J. N. Bakhuizen van den Brink die daarbij een artikel van E. Boehmer citeert, in Juan de Valdés, reformateur en Espagne et en Italië", p. 1 ( uitg. Librairie Droz - 1969 - 11, Rue Massot Genève).

3 juli 1570 stierf eveneens de martelaar Aonio Paleario. Hij was op last van dezelfde heilig verklaarde Pius V veroordeeld tot de dood door de strop en tot verbranding van zijn lijk. De reden: zijn boekje over de rechtvaardigmaking door het geloof: „La giustificazione per la fede". Ik heb dat destijds voor u uit het Italiaans vertaald en het is gepubliceerd in IRS nov. 1973.

Wie is Juan de Valdés?

Hij is geboren in Spanje, maar in 15 30 werd de grond van de Spaanse Inquisitie te heet onder zijn voeten en vluchtte hij naar Italië. In Napels wist hij een kring van gelijkgezinden rondom zich te vergaderen, die zich echter er wél voor wachtten zich een kerk of gemeente te noemen.

„De leden van deze groep waren voorname lieden, aristocraten, humanisten, prelaten, die zich van het paganisme (=heidendom) der Italiaanse Renaissance afwendden en in de eenvoud van de oorspronkelijke christelijke geloofsgemeenschap de innerlijke vrede zochten, welke noch de schittering der kunsten noch de rijkdom der antieke beschaving hun vermocht te geven". Aldus dr. J. Brouwer, Verzameld Werk; De achtergrond der Spaanse Mystiek, uitg. Van Oorschot, Amsterdam, 1957, p. 86.

Zijn eerste belangrijke werk: „Alphabeto Christiano" werd in 1546 in Venetië uitgegeven en in 1549 op de Index (= de lijst van de door Rome verboden boeken) geplaatst. Over dit boek schrijft Brouwer:

Hoe kom ik tot rust?

Het Alphabet - verschenen in 15 36 - is een gesprek van Juan de Valdés en Giulia Gonzaga, de om haar schoonheid beroemde hertogin van Trajetto, een van die illustere vrouwen uit de Italiaanse Renaissance. Zij is bezongen door dichters als Tasso en Ariosto. Giulia Gonzaga, die als zovele anderen in die tijd door innerlijke aanleg of bijzondere ervaringen - zij was reeds op vijftienjarige leeftijd weduwe zich afkeerden van de paganistische levensbeschouwingen en geestelijke troost in mystieke bespiegeling zochten, was door de prediking van pater Bernardino Ochino diep bewogen. Deze Franciscaan was door Valdés, naar verluidt, bekend geworden met de geschriften van Luther, Calvijn, en andere hervormers. Giulia openbaarde aan Juan de Valdés de verwarring en onrust van haar ziel, deels ontdaan van vrees van het hiernamaals, en deels gegrepen door de bekoring van de aardse genietingen.

Het „Christelijk Alphabet" zijn de in vragen en antwoorden vervatte besprekingen van Juan de Valdés en Giulia Gonzaga over de vragen: „Hoe kom ik tot geestelijke rust? Hoe kan ik bevrijd worden uit de verwarring der tegenstrijdige neigingen?"

Het antwoord op deze vragen is: De tweeslachtigheid van onze ziel vindt haar oorsprong in de eigenliefde, die ons weerhoudt van de navolging van Christus en ons insgelijks vervult van vrees voor de straffen in het hiernamaals. De innerlijke onrust wijst op de begeerte naar geestelijke goederen, maar dit verlangen wordt verstoord door de overgave aan het tijdelijke. De tweeslachtigheid kan alleen opgeheven worden als het beeld Gods in ons, dat verduisterd is, de oorspronkelijke luister herkrijgt. Dit geschiedt door het betrachten van de barmhartigheid, de waarheid, de vroomheid, de gerechtigheid, en door het doden van de verlangens die naar het tijdelijke zijn gekeerd.

God openbaart zich in de ziel die zich vrij heeft gemaakt van de stoffelijke verlangens en het onzuivere leven der zinnen. De weg tot de kennis van God is drievoudig. Allereerst de weg van het natuurlijke verstand, waardoor wij de wijsheid, de goedheid, en de almacht Gods leren kennen. Dan door de Bijbel, de bijzondere openbaring. Tenslotte door de Christus. De mystiek van Valdés is, zoals wij zullen zien, Christocentrisch.

Het „Christelijke Alphabet" is een diepgaande, zielkundige beschrijving van de mystieke weg. Het uitgangspunt is de mens, het middel is Christus. Het einddoel is rust en vrede in God.

Aldus dr. J. Brouwer a.h.w. p. 220-221.

Zijn praedestinatieleer

De „praedestinatieleer" van Valdés is het dankgebed van de gelovige voor het hem geschonken geloof.

Hiermede houdt ook verband de rechtvaardigingsleer van Valdés. Het middelpunt van zijn theologie en mystiek is Christus, de verlosser, de voldoener van de schuld. De woorden van Paulus „gestorven en opgestaan zijn in Christus" zijn de kern van zijn geloof. Het geloof wordt de mens gegeven. Alles komt voort uit God, zegt Valdés. Het quietistisch gevaar van deze uitspraak voorziende, zet Valdés uiteen dat zelfkennis tot erkenning van onze zwakheid leidt, en dat ook in de goede werken baatzuchtige beweegredenen zijn. (p. 227 - 228).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

JUAN DE VALDÉS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

PDF Bekijken