Bekijk het origineel

Het oordeel van Hem, Die de zeven geesten Gods heeft

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het oordeel van Hem, Die de zeven geesten Gods heeft

1 minuut leestijd

Dit zegt, Die de zeven geesten Gods heeft, en de zeven sterren: Ik weet uw werken, dat gij den naam hebt, dat gij leeft, en gij zijt dood.
Openbaring 3:1b

Op het moment dat wij tijdens een heldere nacht naar buiten gaan, zien we aan de hemel een ontelbaar aantal sterren staan. Ze staan flonkerend aan het firmament. Maar weten wij dat er sterren zijn die miljoenen lichtjaren van ons verwijderd zijn? Ze lijken licht te geven, maar ze zijn allang gedoofd. Dat is een vreemde gedachte. Wij zien het licht nog wel, maar de bron van het licht is verdwenen. Is de gemeente van Sardis niet te vergelijken met het genoemde voorbeeld van de ster? Dat is het oordeel dat Christus over deze gemeente uitspreekt! Het lijkt alsof de gemeente lichtdrager is, maar dat is ze allang niet meer. Ze is uitgedoofd. Een ernstig woord voor deze gemeente, maar ook voor ons.

De gemeente van Sardis. Een voor het oog rustige gemeente. Woorden vallen er niet. Elke rustdag komt de gemeente trouw op. In de leer is men behoudend. Misschien heeft de gemeente wel het hoofd geschud toen men hoorde wat er in de gemeente van Thyatira gebeurde. Daar leerde een profetes! Een vrouw die aanzette tot het eten van afgodenoffers en hoererij. Dat gebeurt in onze gemeente niet. Daar zijn we veel te orthodox voor. We hebben een naam. En dat laatste is waar. Christus weet dat deze gemeente de naam heeft dat ze leeft, maar, zo vervolgt Hij: gij zijt dood. Het woord ‘naam’ komt driemaal voor in deze brief. Binnen deze dode gemeente zijn er enige weinige namen die met Christus wandelen. Ze zullen door Hem bekleed worden met witte klederen. En dan voegt Christus eraan toe: (…) en Ik zal zijn naam geenszins uitdoen uit het boek des levens. Proeven we het grote verschil? Hier gaat het om het oordeel van Christus, Die de zeven geesten van God heeft. Hij kent het leven. Dat zal een scherp woord zijn geweest voor deze keurige gemeente. Zij hadden de Geest niet nodig. Ze dachten te leven, maar zijn dood.

Christus, Die de zeven geesten van God heeft, kent de gemeente van Sardis en ook onze gemeente(n) door en door. Voor Hem is ze als een dode. Is dit niet aangrijpend? En ze beseft het niet. Ze hebben zo’n fijne gemeente, maar ze zijn net als Simson. Nadat hij is ingegaan op de verleiding van Delila en in slaap gevallen is, wordt hij wakker gemaakt door Delila. Hij denkt zichzelf van de Filistijnen los te schudden, maar de HEERE is van hem geweken. Zijn wij als gemeente net als Simson? We kunnen het ook verder doortrekken naar onszelf. Misschien hebben we wel een bepaalde goede naam. Maar de mensen moesten eens in je hart kijken en in je privéleven. Het gaat niet om de schijn, maar om het zijn. Voor de mensen kunnen we een bepaalde naam ophouden, maar niet voor Jezus Christus. Hij kijkt dwars door al onze schone schijn heen. Hij wordt getekend in de brief aan Thyatira, dat Hij ogen heeft als een vlam vuurs. Niets ontgaat Zijn ogen. Hij oordeelt ons nu. De gemeente moet wakende zijn. Deze woorden van Christus vormen een toespeling op de geschiedenis van de stad. Ze dachten een onneembare vesting te hebben, maar tot tweemaal toe is deze ingenomen en verwoest. Door een gebrek aan waakzaamheid. Ook hier ligt onderwijs voor ons. Christus roept ons toe vanuit Zijn Woord: ‘Waakt dan; want gij weet niet, in welke ure uw Heere komen zal.’ De gemeente moet leven vanuit het besef van Zijn naderende komst. Horen wij de voetstappen van Christus al naderen? In de brief aan Filadelfia zegt Christus dat het nieuwe Jeruzalem afdaalt naar deze aarde. Uit het Grieks is af te leiden dat het nieuwe Jeruzalem al bezig is met het neerdalen. Nog even en we zullen de Zoon des mensen zien komen in een wolk, met grote kracht en heerlijkheid. Daarom zijn wij geroepen om te waken. Waken is alleen mogelijk als de gemeente leeft uit de opgestane Levensvorst. Daarom hebben we de wind van de Heilige Geest nodig. We zijn de gemeente van de levende Christus! Of heeft het zuurdesem van de wereldgelijkvormigheid onze gemeente(n) al zo doortrokken dat wij niet meer beseffen dat we Coram Deo leven, voor het aangezicht van God?
Wat hebben wij nodig? Wat is het kenmerk van een gemeente die leeft? Is dat niet wanneer ze leeft uit Christus? Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven! We moeten leven uit het Woord van de opgestane Levensvorst. Het volle Woord van God moet verkondigd worden. In zijn bedreigingen en beloften. Alleen in die schat is de spijze voor het eeuwige leven te vinden. Waar de gemeente die schat niet bewaart, daar gaat de gemeente verloren. Laten we er toch van doordrongen zijn dat het Christus ernst is. Hij wijst ons op de witte klederen waarin we alleen voor God kunnen bestaan. Na de eerste zonde merkten Adam en Eva dat zij naakt waren. Ze schaamden zich voor God en verborgen zich voor Hem. Hij heeft ze opgezocht en bekleed. In de ontmoeting met het oordelend Woord staan ook wij naakt voor de HEERE. Laten we dit Woord niet naast ons neerleggen. Wie zonder Christus sterft, die staat straks in het oordeel met al zijn zonde en schuld voor de ogen van de heilige God. Wie kan voor Hem staande blijven? Dit zegt, Die de zeven geesten Gods heeft, en de zeven sterren: Ik weet uw werken, dat gij den naam hebt, dat gij leeft (…). Wat is Zijn oordeel over ons?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 juni 2013

Kerkblad | 16 Pagina's

Het oordeel van Hem, Die de zeven geesten Gods heeft

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 juni 2013

Kerkblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken