Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Leiderschap in de kerk (1)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Leiderschap in de kerk (1)

Is er sprake van leiderschap in de kerk?

1 minuut leestijd

Wat heeft de kerk nu met leiderschap van doen? Misschien is dit wel dezelfde vraag als: Wat heeft de herder met zijn kudde te maken? De laatste jaren zijn er niet alleen veel publicaties verschenen over christelijk leiderschap in de wereld maar ook over leiderschap in de kerk. Ik denk hierbij aan de enorme populariteit van personen uit het verre verleden zoals Augustinus van Hippo (354-430), Benedictus van Nursia (480-547) en Franciscus van Assisi (1181-1226). Uitspraken en leefregels van hen worden momenteel veelvuldig geciteerd en/of toegepast. Het lijkt een reactie te zijn op het vanuit de Verenigde Staten overgewaaide virus van ‘organisatiedenken’ binnen de kerk. Er is het gevaar dat de kerk steeds meer gezien wordt als een bedrijf dat professioneel gerund moet worden. Kreten als leiderschaps- en communicatietraining, projecten en marketing bedrijven worden in de kerkelijke context steeds meer gemeengoed.

In het vorig jaar verschenen proefschrift van econoom en filosoof dr. Kees Boele, genaamd ‘Noordmans, de filosofie en christelijk leiderschap’, wordt tegen deze denkwijze geageerd. Boele geeft aan dat de kerk geen leiders kent maar ambtsdragers. Hierop volgden vele reacties van theologen en anderen. Anders dan dr. Kees Boele stelt, is christelijk leiderschap geen bedreiging maar een nuttig hulpmiddel voor de kerk, vindt dr. Robert Doornenbal. Dr. Paas gaf in een inleiding op een studiedag in missionair leiderschap aan: ‘Of je nu voor of tegen leiderschap in de kerk bent, het “gebeurt”.’ Hij noemde het ‘flauwekul’ te denken dat bekwame leiders in de kerk niet van belang zijn. ‘Ook als je in een organisatie geen leiders aanwijst, staat er altijd wel iemand op die de touwtjes in handen neemt. Leiderschap is dus niet te voorkomen.’ Het is een actueel onderwerp.

Wat zien we hiervan in de Bijbel terug? Aan het begin van het Mattheüs-evangelie blijkt al dat de Heere Jezus niet gekomen is om leider te zijn maar om zalig te maken. In hoofdstuk 1 vertelt Hij dat Hij gekomen is om Zijn volk zalig te maken van hun zonden. Niet een machthebber die de Romeinen verdrijft. De toenmalige Joodse leiders heeft Hij voortdurend ontmaskerd. Zijn discipelen gaf hij macht om ziekten en kwalen te genezen, dus om te dienen. We zien dat de apostelen Simon de tovenaar, die geld aanbood om macht te ontvangen, bestraften. Daar waar leiding geven geen dienend karakter meer heeft maar een macht wordt, verdient het de naam leiding geven niet meer.

Ook in de vroege kerk kwam christelijk leiderschap nauwelijks ter sprake. Ignatius van Antiochië schreef aan de Efeziërs: Hoe meer we de bisschop zien zwijgen, des te meer moet men eerbied voor hem hebben. Augustinus wilde geen leider zijn maar herder en leraar. In zijn agaf hij regels voor de leiding van het klooster maar wel vanuit dienstbetoon: ‘De man die bij u overste is, moet niet denken dat hij macht heeft en de baas is, maar acht zich gelukkig dat hij dient in de liefde.’ Calvijn kwam, als tegenhanger van de hiërarchie van Rome, met een kerkorde met summiere regelingen, zonder een al te grote verheffing van het ambt. Calvijn was niet tegen leiding in de kerk maar wel tegen vormen van totalitair en hiërarchisch leiderschap die het apostolische karakter van de kerk geweld aandoen. Calvijn noemt de predikant ‘een of ander mensje uit het stof opgerezen die in geen enkel opzicht boven ons uitsteekt’. Hij noemde de kerk en haar herders en leraars hulpmiddelen om onze zwakheid te hulp te komen, ter bevordering van de eenstemmigheid des geloofs en tot goede orde. Slechts daarom hebben we gezag.

De Nederlandse Geloofsbelijdenis (1561) belijdt in artikel 5 dat wij het gezag van de Heilige Schrift niet aanvaarden vanwege het kerkelijke gezag, maar vanwege het inwendig getuigenis van de Heilige Geest in onze harten. Daarom mogen wij geen enkel geschrift, noch menselijke gewoonte of concilie of besluit en decreet gelijk stellen met de goddelijke Schriften (artikel 7).

In alle levensverbanden hebben we te maken met structuren. Binnen de politiek, bedrijven, instellingen en in kerken heb je te maken met leiding door mensen. Hoe nodig is het voor ons allen dat er structuren zijn, afspraken gemaakt worden en dat er mensen zijn die beslissingen nemen. Zo ook in de kerkelijke gemeente. In 1 Timotheüs 3 en in Titus 1:5-9 lezen we over hen die een ambt bekleden. Een apostel, profeet, evangelist, herder of leraar kon zijn gaven besteden waar hij zich ook bevond, op elke plaats en in elke gemeente. Dat gold echter niet voor een opziener of dienaar. Deze was werkzaam in de gemeente waar hij was aangesteld en nergens anders.

Er is in de kerk ook iets opvallends aan de hand. Terwijl de roep om leiding groeit, neemt tegelijk de kritiek op leiders toe. Leiderschap staat ter discussie. Wereldwijd merk je dat het grote misbruikschandaal in de Rooms-Katholieke Kerk heeft geleid tot een kritisch kijken naar macht in de kerk. Ook de financiële schandalen rond Amerikaanse voorgangers hebben mensen kritisch gemaakt. Inderdaad is macht een gevaar dat in alle organisaties de kop op kan steken, maar zeker ook in de kerk. In onze eigen kerkelijke situatie wordt ook niet altijd op een goede wijze leiding gegeven. Ambtsdragers en predikanten lijken soms ver van de gemeente af te staan. De ene kerkenraad neemt besluiten waarbij te weinig wordt nagedacht hoe het besproken onderwerp bij de gemeenteleden leeft. Een andere kerkenraad neemt nauwelijks besluiten omdat men beducht is voor kritiek uit de gemeente. Het komt voor dat kerkenraden de kudde meer verstrooien dan dat ze haar vergaderen. Heeft dat nu alleen met de leiding van de kerk te maken? Zeker niet. Mondigheid gaat ook de kerk niet voorbij. Kerkenraadsleden en gemeenteleden zijn mensen van deze tijd. De vraag daarbij is wel hoe we met deze feiten omgaan en waar we ons als kerkenraad en gemeente door laten leiden. Wanneer de Bijbel en de God van de Bijbel ons richtsnoer zijn, bepaalt dat wat we doen maar ook hoe we leiding geven en ontvangen.

Of we nu wel of niet de hedendaagse term leiderschap willen gebruiken, de gemeente wordt geleid door de kerkenraad. Wat er gedaan moet worden en hoe er leiding gegeven moet worden zijn beide cruciaal. Is er leiderschap in de kerk? Jazeker, maar de vraag is wel hoe dat gestalte krijgt.

Hoe leiding geven?
Wanneer we de Bijbel lezen en de hoofdlijn in de kerkgeschiedenis over leiderschap overzien, moeten we de conclusie trekken dat de toepassing van seculiere leiderschapsmodellen binnen de theologische ruimte beoordeeld moet worden als een besmetting van de kerk door de wereld om zich heen. Boele zegt: ‘Elke vorm van christelijk leiderschap zou restloos moeten opgaan in prediking, herderlijke zorg, diaconaat, dienstbaarheid, catechetisch onderwijs en dat alles vanuit een dienende bisschoppelijke houding.’

De Bijbel zegt het een en ander over het leiden van de gemeente. We noemen hier één gedeelte. Er staat in 1 Petrus 5:2-3 wat van de ouderlingen (waaronder de dienaar des Woords) wordt verwacht: ‘Weidt de kudde Gods die onder u is, hebbende opzicht daarover niet uit bedwang, maar gewillig; noch om vuil gewin, maar met een volvaardig gemoed. Noch als heerschappij voerende over het erfdeel des Heeren, maar als voorbeelden der kudde geworden zijnde.’ De gemeente is niet van een dominee of een kerkenraad maar van de Heere. Hij is de grote Herder der schapen, het Hoofd van de gemeente. Hij is het ook Zelf Die voor het leiden en weiden van Zijn gemeente mensen roept. Mensen die het in eigen oog vaak niet kunnen. Kerkenraadsleden dringen zichzelf niet op, maar zij weten hoe dan ook van de roeping des Heeren. Zij kunnen niet en moeten toch.

In het formulier om dienaars des Woords te bevestigen staat: ‘Want gelijkerwijs het werk van een gewone herder is, de kudde te weiden, voor te staan en te regeren, alzo gaat het ook toe met deze geestelijke herders, die gesteld zijn over de gemeente.’ Wie is tot deze dingen bekwaam? Niet zij die dit van zichzelf vinden, maar zij die door de Heere geroepen zijn en geleerd hebben wat Hij heeft gezegd: ‘Ik ben niet gekomen om gediend te worden maar om te dienen.’

Leiderschap in de kerk

In een aantal afleveringen zal drs. W.K. Petersen uit Hoevelaken ingaan op het thema ‘christelijk leiderschap op het werk en in de kerk’. Wat zegt Gods Woord hierover en wat betekent dat concreet voor ons?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 2014

Kerkblad | 20 Pagina's

Leiderschap in de kerk (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 2014

Kerkblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken