Bekijk het origineel

Eene Extra-Collecte voor de Zending

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Eene Extra-Collecte voor de Zending

6 minuten leestijd

God heeft eenen blijmoedigen gever lief. 2 Cok. 9 : 7c.

Geliefde Broeders!

De Deputaten der Generale Synode voor de Zending komen u vragen of gij eene extra-collecte voor de Zending wilt laten houden.

In de Zendingsorde, verleden jaar door de Arnhemsche Synode vastgesteld, worden wij daartoe in bijzondere omstandigheden gemachtigd. Art. 24, de 2e helft, luidt namelijk: „Indien er geen genoegzame gelden voorhanden zijn om de aangegane verplichtingen te voldoen, zijn de Deputaten der Generale Synode voor de Zending bevoegd om eene extracollecte, ten behoeve van de Generale Kas, uit te schrijven.” Daar is dus aan Deputaten de bevoegdheid toegekend om, in spéciale gevallen, eene extra-collecte te vragen; en van die bevoegdheid meenen zij nu gebruik te moeten maken.

Zoo gaarne hadden zij het niet gedaan.

Zeer gaarne hadden zij gewild, dat het niet noodig ware geweest to het houden van zoo’n collecte eene uitnoodiging te zenden aan de Kerken; doch, broeders, wij binnen niet anders: de nood is ons opgelegd; als er geen extra-collecte door de Kerken wordt gehouden, dan — ja dan zal de Generale Kas voor de Zending weldra voor een aanzienlijk tekort komen te staan en de betalingen moeten staken.

Op de Synode te Arnhem is dat vermoeden reeds uitgesproken, en dat vermoeden blijkt nu zeer waar te zijn.

Met sprekende cijfers kunnen wij u dat zeer duidelijk maken.

Wij leggen u daartoe voor het „Kort overzicht van de ontvangsten en uitgaven der Generale Kas van 1 Juli 1902 tot 80 Juni 1903.”1)

ONTVANGSTEN:

Aan Pinkstercollecten van de Kerken, die nog geen „eigen zending” hebben ... ... ƒ 5236.551/2

„ Giften, Schenkingen, Legaten ... ... „ 4493.64

„ Bijdragen van de Zendende Kerken 10 % van hunne inkomsten voor de Zending ... ... „ 2943.741/2

„ Bijdragen van de Ned. Geref. Zendingsvereeniging ... ... „ 1950.—

„ Zuivere opbrengst van het „Mosterdzaad” ... ... „ 751.78

„ „ „ „ de „Heidenbode” ... ... „ 1263.921/2

„ Interest ... ... ... ... „ 282.40 1/2

Totaal ... ƒ 16972.05

UITGAVEN:

Buitengewone Uitgaven:

Aan de Kerk van Amsterdam voor repatrieeringskosten van Dr. J. G. Scheurer 2) ... ƒ 2200.—

Aan de Kerk van Rotterdam voor kosten van overtocht van Ds. G. J. Ruyssenaers 3) ... „ 1000.—

ƒ 3200.—

Gewone Uitgaven:

Per Traktementen, Wachigelden en Pensioenen ... ƒ 9150.—

„ Subsidie voor den Med. dienst te Djocja ... „ 3000.—

„ Keuchenius-school ... „ 4074.85

„ Subsidie aan de Kerken van Batavia-Soerabaja „ 3719.96

„ Zending Midden-Java ten Noorden ... „ 260.—

„ „ „ „ „ Zuiden ... „ 500.—

„ Kosten van Administratie, Beheer, Redactie van het Orgaan, Zendingsbibliotheek, verzendingen, vergaderingen enz. enz ... ... „ 1665.23

„ 22370.04

Totaal ... ƒ 25570.04

Het nadeelig saldo bedraagt derhalve ... ƒ 8597.99

Hierdoor is de reserve van de Gen. Kas zeer belangrijk verminderd.

De reserve bedroeg op 1 Juli 1902:

Een bezwaard kapitaal ad ... ... ƒ 1000.—

Beschikbare gelden ... ... „ 13869.231/2

Totaal ... ƒ 14869.231/2

Het laatste jaar is meer uitgegeven dan ontvangen „ 8597.99

De reserve op 30 Juni 1903 ... ... ƒ 6271.341/2

Deze cijfers zijn, naar wij ons vleien, voor u duidelijk genoeg. Er blijkt zonneklaar uit, dat ook wanneer de ontvangsten in het kornende jaar (van Juli 1903—Juli 1904) even hoog zijn als in het vorige, de Generale Kas 1 Juli 1904 geheel uitgeput zal zijn.

En geheel uitgeput alleen door de gewone uitgaven.

Zelfs van het reserve-kapitaal is dan niets meer over.

Doch nu komen in het jaar Juli 1903—Juli 1904 bij de gewone uitgaven nog buitengewone.

Gij weet immers, dat de Synode te Arnhem met algemeene stemmen besloten heeft tot reorganisatie van de Keucheniusschool. Yoor het welslagen der Zending is die reorganisatie dringend noodig. Er is nu sleehts een onderwijzer aan die school: er moeten er meer benoemd worden om een voldoend aantal „helpers” voor de missionaire predikanten te krijgen; ook om allengs te komen tot predikanten uit de toegebrachte Javanen zelf. En daarvoor zijn nu zeer aanmerkelijke buitengewone uitgaven noodig; uitgaven, die aan vergrooting, verplaatsing, reiskosten van onderwijzers naar Java enz., buiten de vermoedelijke Bijkssubsidie, wel ƒ 20.000.— zullen beloopen.

Het Staat dus kort gezegd zoo, Broeders, dat vermoedelijk van Juli 1903—Juli 1904 zal worden ontvangen ƒ 16500.— ; reken daarbij de ƒ 6000.— die nog in reserve is, dan wordt dit te zamen ƒ 22500.— ; en dat er moet worden uitgegeven omstreeks ƒ 22500.— : doch als de besluiten der Generale Synode in zake de Keucheniusschool ook zullen worden uitgevoerd nog minstens ƒ 20.000.— er bij : alzoo met elkander ƒ 42.500.—. Indien de ontvangsten dus niet zeer toenemen, niet minstens verdubbelen in het kornende jaar, zal er in 1904 een tekort zijn van ƒ 20.000.—.

Dit nu rijpelijk overwogen hebbende, meenden wij bijtijds maatregelen te moeten nemen, om zoo’n ontzettenden toestand, zoo maar immer mogeltjk, te voorkomen. En daarom durfden wij niet anders doen, dan te besluiten tot het uitschrijven van een extra-collecte.

Wjj hopen, dat gij, na lezing van de genoemde cijfers en overwegingen, met ons van de noodzakelijkheid van die collecte overtuigd zult zijn en haar dan ook gaarne zult laten houden. Wilt dan ook uwe gemeente bij wie gij dient, die noodzakelijkheid op het harte binden en de collecte hartelijk bij haar aanbevelen. Overal worde zij, indien maar eenigszins mogelijk, op denzelfden Zondag, ons dacht op 13 September a. s. gehouden, opdat zij niet in vergetelheid rake en de opbrengst spoedig bekend zij.

En de Heere geve, dat de extra-gaven voor de Zending mildelijk mogen vloeien.

Het is wel zoo, er wordt veel gevraagd; doch wij herinneren onszelf en ulieden:

Gij weet de genade van onzen Heere Jezus Christus, dat Hij om uwentwille is arm geworden, daar Hij rijk was, opdat gij door zijne armoede zoudt rijk worden.

Laat ons daarom, ook dit wetende, in deze gave voor de Zending overvloedig zijn.

Welaan, een iegelijk [doe] gelijk hij in [zijn] hart voor neemt ; niet uit droefheid of uit nooddwang ; want God heeft een en blijmoedigen geverlief .

Uwe mededienaren,

De Deputaten der Generale Synode voor de Zending:

Ds. H. DIJKSTBA, Voorz. Da. W. H. GISPEN Jr.

Da. H. HOEKSTBA, Assessor. Da. J. VAN HAEBINGEN.

20 Juli Da. W. BBEUKELAAB, Penningm. Dr. L. H. WAGENAAB.

1903. Da. J. D. v. D. MUNNIK. Da. J. M. MÜLDEB.

Da. H. SCHOLTEN. Dr. J. HANIA, Secret.

P.S. Men gelieve de collecte dadelijk toe te zenden aan den heer B. DE MOEN, 1e Penningm. van de Zending, te Doesburg.


1) Vgl. Acta Synode Arnhem, Art. 169 sub 10.

2) Zie Acta Gen. Synode 1902, Art 133, No. 5.l

3) „ „ „ „ „ „ „ „ 6.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 augustus 1903

Zendingsblad van de Gereformeerde Kerken in Nederland | 20 Pagina's

Eene Extra-Collecte voor de Zending

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 augustus 1903

Zendingsblad van de Gereformeerde Kerken in Nederland | 20 Pagina's

PDF Bekijken