Bekijk het origineel

Vernieuwingen in het zendingswerk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vernieuwingen in het zendingswerk

5 minuten leestijd

Een rapport, dat was uitgegroeid tot een boekwerkje van 155 pagina's met als titel 'Oriëntatie', legde de zending op de tafels der synodeleden.
Die uitgebreide rapportage was nodig omdat ditmaal voor het eerst alle zendingstaken èn de herstructurering van het zendingswerk op de synode ter sprake kwamen. Vroeger bleef het werk van de zogenaamde 'zendende kerken' op de synode buiten beschouwing; dat is nu in het totaal ingepast.
Er wordt gewerkt aan een nieuwe organisatie van de zending. Uit de beide belangrijkste organen, de Raad van Samenwerking (van de zendende kerken) en Generale Deputaten (benoemd door de synode) is een Voorlopig Centraal orgaan gevormd, waarin nu alle lijnen van het zendingswerk samenkomen. In de toekomst zal de generale synode de totale zendingsbegroting vast gaan stellen.

Beleidsnota
Vooruitlopend hierop brachten generale deputaten niet alleen verslag uit van het werk dat tot hun competentie behoort, maar van het totaal van het zendingswerk. Bovendien ging aan dit verslag een beleidsnota vooraf. Beide geschriften werden gebundeld in de uitgave 'Oriëntatie-1971,' die bestemd is voor zowel de synode als voor de gemeenteleden. (Het boekje is voor ƒ 4,75 verkrijgbaar bij het zendingscentrum te Baarn via giro 215600)
Uit het overzicht blijkt welk een vlucht het zendingswerk in de laatste jaren genomen heeft. In 1965 ging het om een budget van nog geen vier miljoen gulden, dit jaar is de acht miljoen bijna bereikt. Een verdubbeling in zes jaar tijds. Volgend jaar komt de 2e actie 'Kom over de brug' er nog extra bijl In totaal zijn 77 zendingswerkers uitgezonden waarvan er 42 in Indonesië werken, 12 in Afrika, 9 in Pakistan, 8 in Brazilië, 4 in Argentinië, terwijl er twee zijn uitgeleend aan andere zendingen.

Veranderingen
Er zijn tal van taken in de loop der jaren bijgekomen. Veel nadruk wordt op dit ogenblik geschonken aan de kadervorming overzee. Aan de andere kant hebben bepaalde werkvormen hun belangrijke functie verloren. Sommige taken konden ook door de kerken overzee overgenomen worden. Zo is reeds uitgesproken dat het directe evangelisatorische werk de verantwoordelijkheid is van de kerk overzee.
Er duiken vragen op. Moet de zending nog steeds docenten voor academisch onderwijs in dienst nemen? Of is het misschien mogelijk dat de Vrije Universiteit en de Theologische Hogeschool bepaalde taken overnemen? Een andere vraag die in de komende jaren beantwoord moet worden is of het christelijk onderwijs, zoals zich dat bijvoopbeeld op Midden-Java en op Soemba heeft ontwikkeld nog een essentiële taak van de zending is. Ten aanzien van het medisch werk wordt gevraagd waar de mensen overzee het meest mee gediend zijn, met hoog gespecialiseerde klinieken die kapitale investeringen vragen of met een 'geneeskunde van de armoede', die 'diep moet doordringen in de werkelijke noden van de gemeenschap en bereid moet zijn te helpen bij het wegnemen van de oorzaken van ziekte en sterfte'.

Nieuwe taken
Daar staat tegenover dat totaal nieuwe taken opduiken met geweldige mogelijkheden. De massacommunicatie neemt een hoge vlucht, maar stelt tegelijkertijd grote eisen. Zowel in Indonesië als In Latijns-Amerika bieden kleine plaatselijke radiozenders enorme mogelijkheden, die echter deskundig zullen moeten worden aangegrepen. Daarom wordt met instemming geciteerd: 'In deze tijd mogen de massa-media voor de kerken geen hobby zijn, maar moeten zij een onderdeel uitmaken van de strategie voor de jaren zeventig'.
In het internationale zendingsoverleg komt meer en meer de idee naar voren van het tweerichtingsverkeer, dat wil zeggen dat niet alleen de westerse kerken een taak overzee hebben, maar dat ook de zendingskerken veel kunnen betekenen voor het westen. Daardoor kan de samenwerking tussen oost en west in de zending een veel eerlijker basis krijgen.

Herverdeling
Nu de landen waar de zending werkt, tot zelfstandigheid gekomen zijn, is het nodig om een geheel land als zendingsterrein te zien. Dat betekent voor Indonesië bijvoorbeeld een herverdeling van de zendingsbieden, ook al omdat de interkerkelijke samenwerking dat vraagt. De generale synode wees bij deze ontwikkelingen toch wel tegelijk op de grote betekenis van 'eigen zendingsterreinen', waar de gemeenten zich nauw bij betrokken kunnen weten.
Bij een samenwerking in nieuwe stijl tussen oost en west horen ook andere financiële verhoudingen. De Indonesische kerken b.v. zijn voor hun intern kerkelijk leven nog te veel afhankelijk van Nederlandse steun. Daarom is een vijfjarenplan opgezet om te komen tot afbouw van dit soort financiële bijstand.

Tot zover het zendingsrapport. Ten aanzien van de reorganisatie van het thuisfront nam de synode nog een belangrijke beslissing. Drs. Chr. H. Steenwinkel werd ontheven uit zijn functie als directeur van het Zendingscentrum. Hij wordt, zoals het synodebesluit zegt: 'secretaris van een of meer organen'. De bedoeling is dat dit het 'Indonesië-orgaan' wordt, waarin zowel de Soemba-zending, de Makassar-Sumatra-zending en het werk op Midden-Java wordt samengebundeld. Naast ds. A. Vos zal een nieuwe adjunct directeur voor het Zendingscentrum worden benoemd.


Fotobijschrift

De zending presenteerde aan de synode een rapport dat uitgroeide tot een boekwerkje: Oriëntatie-1971.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1971

Kerkinformatie | 20 Pagina's

Vernieuwingen in het zendingswerk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1971

Kerkinformatie | 20 Pagina's

PDF Bekijken