Bekijk het origineel

De staatskontrole in de kerken van Hongarije

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De staatskontrole in de kerken van Hongarije

6 minuten leestijd

Tussen de hongaarse gereformeerde kerk en de nederlandse calvinistische kerken bestaan oude historische banden. Al vroeg nam het calvinisme naast het lutheranisme in het hoofdzakelijk r.-k. Hongarije een zeer duidelijke eigen plaats in, waardoor het een voor een oosteuropees land unieke kerkelijke ontwikkeling doormaakte. Ook de kerkelijke ontwikkeling onder het tegenwoordige kommunistische regiem heeft eigen, van die in de andere kommunistische landen verschillende, kenmerken. De naar russisch model in alle kommunistische staten doorgevoerde scheiding van kerk en staat betekent hier evenmin als elders, dat de kerken vrij hun eigen leven mogen leiden. De staatskontrole is integendeel in Hongarije zeer ingrijpend.

Het kontaktblad "Het Diakonaat" van deputaten voor de algemeen diakonale arbeid geeft daarover achtergrond-informatie. Het blad schrijft:
De grootste kerk, de r.-k. kerk, die de kontrole het minst verdraagt, heeft de meeste konflikten met de staat. Bekend is de kwestie-Mindszenty. Toen na lange en taaie geheime onderhandelingen de kardinaal in 1971 uit Hongarije naar Oostenrijk vertrokken was, verbeterde het klimaat enigszins. In vier van de elf vakante diocesen konden bisschoppen benoemd worden, in zes andere zijn in vakatures of ter vervanging van emeriti voorlopige bestuurders genoemd. Er is echter een groot priestertekort, niet alleen door natuurlijk verloop, maar ook door het weigeren van arbeidsvergunningen aan priesters door de regering. Bovendien maken vele r.-k. geestelijken als gevolg van de totaal andere beoordeling van hun werk en de moeilijke arbeidsomstandigheden in een kommunistische wereld èn tengevolge van de vragen, die door het tweede vatikaanse koncilie aan de orde gesteld zijn, een krisis door. Deze hele problematiek is enige maanden geleden voor het eerst openlijk aan de orde gesteld door T. Nyiri, hoogleraar in de dogmatiek aan de r.-k. theologische akademie in Boedapest. Zowel het episkopaat als de staats-kommissie voor godsdienstzaken waren over dit naar beide zijden kritische artikel ontsticht, zij het uiteraard om verschillende redenen, en de schrijver ervan werd dan ook bij beide instanties op het matje geroepen. Van regeringswege werd hem en de hoofdredakteur van Teologia, het tijdschrift waarin het artikel verschenen was, te kennen gegeven, dat zich geen herhaling mocht voordoen.

Onderlinge verdeeldheid

De protestantse kerken, te weten de gereformeerde kerk, de lutherse kerk en de kleinere protestantse kerken, hebben een goede verstandhouding met de staat. Vooral van de gereformeerde kerk kan men zeggen, dat ze het huidige regiem een goed hart toedraagt, al geldt dat in het algemeen meer voor de kerkleiding dan voor de predikanten en de gelovigen, waardoor er soms sprake is van een zekere vertrouwenskrisis tussen de kerkleiding en de dominees met hun gemeenten.
De episkopale organisatie van de hongaarse gereformeerde kerk draagt bij tot de verscherping van eventuele konflikten, omdat de kerkleiding eigenmachtig predikanten kan overplaatsen, die het regiem onwelgevallig zijn.
De genoemde sympathie voor de tegenwoordige regering heeft historische wortels, in zoverre, dat de gereformeerde kerk in de voorste gelederen stond bij de opstand tegen het r.-k. Oostenrijks gezag in de vorige eeuw en ook daarna steeds een zwak gehad heeft voor iedere niet-r.-k. regering.
De kontakten met de r.-k. kerk zijn, in overeenstemming met deze geestesgesteldheid, koel, wat de regering zeker niet onwelkom is.

'Verplichte' raad van kerken

Tussen de protestantse kerken onderling zijn de verhoudingen goed. De kleinere protestantse geloofsgemeenschappen zijn op wens van de regering verenigd in een Raad van vrije kerken, omdat een kommunistische regering liefst te maken heeft met voor haar overzichtelijke organisaties, die in tegenstelling tot losse, zelfstandige groepen of gemeenten, door haar makkelijker onder kontrole gehouden kunnen worden.
De staat bepaalt, waar, wanneer en hoe vaak bijbelkringen, gebedsbijeenkomsten enz. gehouden mogen worden. Dit leidt vanzelfsprekend ertoe, dat men het geestelijk hongerrantsoen aanvult door het houden van 'illegale' bijbelkringen.
Godsdienstonderwijs is toegestaan, maar er wordt druk op de ouders uitgeoefend om hun kinderen er niet naar toe te sturen. Predikanten hebben een arbeidsvergunning van de staat nodig, ook theologiestudenten moeten door de staat geaksepteerd zijn. Voor de bezetting van lagere kerkelijke ambten is sinds kort geen staatstoestemming meer nodig, maar voor hogere kerkelijke funkties moet men voorafgaande officiële goedkeuring hebben.
Eenmaal per maand worden kerkdiensten over de radio uitgezonden en vorig jaar is er een serie van acht t.v.- programma's over de bijbel uitgezonden om de kijkers te informeren over de inhoud, de betekenis, de invloed en het sociaal en politiek belang ervan door de eeuwen heen. Onder de medewerkers waren r.-k., protestantse en joodse geleerden.
De regering tracht echter de religieuze invloed in het leven van de burgers zoveel mogelijk terug te dringen door alternatieve ceremoniën in te voeren in plaats van de kerkelijke plechtigheden. Voor huwelijkssluitingen kan men b.v. terecht in de staats-familie-instituten en ook de begrafenis wil de staat graag met enige plechtigheid omgeven.
Het meeste sukses hebben deze pogingen nog bij de trouwlustigen. Toch schrijft men zelfs van regeringszijde het hand over hand toenemen van de echtscheidingen voor een belangrijk deel toe aan het losser worden van de religieuze bindingen.

Financiële steun

Toch zou een scheef beeld van de positie der kerken ontstaan als deze uitvloeisels van de principieel negatieve waardering van kerk en godsdienst door het kommunistische regiem niet met meer positieve feiten werden aangevuld. De kerken krijgen financiële steun van de regering voor zover en zolang als ze niet voldoende eigen inkomen hebben (over het hoelang wordt druk onderhandeld). In 1970 na de overstromingsramp ontvingen ze zowel van de staat als uit het buitenland hulp. Ook overigens mogen ze buitenlandse steun aanvaarden. Zo kon de gereformeerde kerk nog kort geleden een met nederlandse steun gebouwd huis voor gehandikapte kinderen openen. Er worden kerkelijke en theologische tijdschriften uitgegeven en bijbels zijn voor de kerken verkrijgbaar.
Officiële oekumenische kontakten met het buitenland, ook het westelijke buitenland, zijn talrijk, al wordt er van hogerhand scherp toezicht op gehouden, waarvoor men de kerk zelf ook inschakelt.
De staat stelt er prijs op, dat de kerken met hem samenwerken op de daarvoor geschikte terreinen. Daarom wordt deelname aan de Praagse Vredeskonferentie en andere oost-europese vredesbewegingen zeer gestimuleerd. In het algemeen geeft de regering graag blijk van een tolerante houding tegenover de kerk en is zelfs bereid, daarvoor een kampagne van Billy Graham in Boedapest toe te staan. Men zou kunnen zeggen, zoals een duits tijdschrift onlangs deed, dat het regiem probeert het einddoel: de atheïstische staat, door een langdurige co-existentie tie-strategie te bereiken.


Fotobijschrift:
De Donau maakt van Boedapest een tweelingstad: Boeda en Pest. In Boedapest (1.5 miljoen inwoners] staan ruim 60 gereformeerde kerkgebouwen. Hoofdkerk is de Calvijnkerk aan het Calvijnplein in het centrum van de stad.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 1973

Kerkinformatie | 20 Pagina's

De staatskontrole in de kerken van Hongarije

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 1973

Kerkinformatie | 20 Pagina's

PDF Bekijken