Bekijk het origineel

Voor de jeugd Toen de grond bewoog…

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Voor de jeugd Toen de grond bewoog…

5 minuten leestijd

Kijk toch eens naar Mustafa! Het puntje van zijn tong komt tussen zijn lippen gluren. Maar hij is ook heel druk. Want Mustafa schrijft een brief. Een brief naar zijn vader, die in een heel ver land woont. In Nederland. Hij werkt daar op een grote fabriek in Tilburg. Mustafa is een jongen uit Turkije. Hij woont in een dorp, dat Yollarbasi heet. Er zijn méér mannen en jongens uit zijn dorp naar verre landen gegaan om geld te verdienen. Vader is er al drie jaar.

Van tijd tot tijd komt moeder kijken hoe ver de brief al is. Zij zegt wat Mustafa moet schrijven. Dan gaat ze gauw verder om het eten klaar te maken. Dat is kebab; rijst, stukjes geroosterd schapevlees aan stokjes geregen en een rauwe ui. Grootmoeder is ook vol belangstelling wat er in de brief komt te staan.

Moeder vindt haar jongen heel knap. Zij is zelf nooit naar school geweest. Daarom kan ze ook niet lezen of schrijven. Maar Mustafa kan het wèl. Hij schrijft altijd de brieven naar vader in het verre Nederland.

Als er een brief terugkomt, moet hij die voorlezen. De eerste regels staan er al, boven aan het papier: Nasil-siniz? lyimisim Insjallah lyisindir. Zó begint een brief in Turkije altijd. Dat betekent: Hoe gaat het? Gaat het goed? Zo Allah wil gaat het je goed.

Bijna alle mensen in Turkije zijn moslim, ook Mustafa en zijn familie. Zij noemen God Allah.

Ja, de eerste regel staat er, maar hoe moet het nu verder? Mustafa heeft zoveel te vertellen, hij weet echt niet hoe hij moet beginnen. Daarom bijt hij op zijn pen, want hij denkt hard na. Wacht, hij zal wat anders gaan liggen en het kussen goed leggen, dan gaat het misschien beter. In de kamer zijn geen tafel en stoelen. Op de grond liggen wel een paar kussens en die zijn om op te zitten.

Maar nu hij zo’n lange brief gaat schrijven ligt Mustafa languit op de vloer. Want het wordt een héél belangrijke brief. Geloof gerust, dat vader erg blij zal zijn als hij de brief krijgt en leest, dat ze nog allemaal leven. Het had best gekund, dat Mustafa helemaal geen brief meer had kunnen schrijven.

En dat moeder nooit meer de kebab klaar kon maken. Of dat er van hun huis niets over was dan een puinhoop. Dank zij Allah is het toch allemaal goed. Je wilt weten wat er is gebeurd in het dorp van Mustafa…?

Nou, dat was drie dagen geleden, Mustafa vergeet het nooit. Toen begon de grond opeens te bewegen. Dat was een vreemde benauwde gewaarwording. De grond, die beefde en bewoog! Wat waren ze geschrokken! Moeder gaf een gil. De oude grootmoeder dronk juist een glaasje thee met veel suikerklontjes. Ze liet van schrik het glaasje uit haar hand vallen en voelde nauwelijks de hete thee op haar benen.

En Mustafa? Zijn haren gingen recht overeind staan, zo was die goeie jongen geschrokken. Hij voelde de grond onder zich golven, de vloer deinde… Toen was het opeens weer heel gewoon, net als tevoren, er viel niets vreemds te bespeuren, of het moest zijn, dat het bijzonder stil was geworden.

Je hoorde geen vogeltje fluiten. Het scheen of heel de natuur de adem inhield. Daarna kwam het terug, nog heviger dan de eerste keer. Het léék een half uurteduren, terwijl het nauwelijks een paar seconden was. Hun huisje kraakte of het in elkaar zou storten. Er was overal gerommel.

Moeder nam de baby in haar armen en vluchtte naar buiten. Mustafa volgde haar en ook de oude grootmoeder, die niet meer zo snel kan lopen. Buiten zagen ze niets door al het stof. Toen dat was opgetrokken bemerkten ze wat de aardbeving had gedaan: links en rechts waren er huizen ingestort. „Kijk eens naar de moskee!” riep Mustafa opeens. De moskee stond er nog, maar vreemd, de minaret was verdwenen. Het slanke torentje, van waar de muezzin (zo heet een geestelijke van de moskee) de mensen vijf keer per dag met zijn doordringende stem uitnodigt tot het gebed. Hij roept altijd: Allahoe akbar… Allahoe akbááár! Dat wil zeggen: God is groot! God is groot!

Dat torentje lag in puin, er was niets van over. Onder het puin van de huizen klonk gekerm, er werd gegild. Dadelijk begonnen een paar mannen te helpen, ook vrouwen hielpen. Misschien konden ze iemand redden. En Mustafa bleef heus niet aan de kant staan. Voor sommige slachtoffers kwam de hulp te laat. Er waren helaas vijf doden in het dorp. En veel gewonden. Zij zijn allemaal gespaard gebleven. En dàt gaat Mustafa nu schrijven in zijn brief, die hoog door de lucht naar het verre Holland gaat. Vader zal heel blij zijn, dat Allah hen spaarde. Nu buigt Mustafa zich weer over zijn papier en vertelt over de bange ogenblikken toen de grond bewoog.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 augustus 1973

Zendingsblad van de Gereformeerde Kerken in Nederland | 24 Pagina's

Voor de jeugd Toen de grond bewoog…

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 augustus 1973

Zendingsblad van de Gereformeerde Kerken in Nederland | 24 Pagina's

PDF Bekijken