Bekijk het origineel

De buitenlandse student in nederland

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De buitenlandse student in nederland

5 minuten leestijd

Een uitvoerig verslag dat ds. T. E. van der Brug gaf van zijn arbeid over het jaar 1972 geeft ons de gelegenheid wat uitvoeriger over deze zo belangrijke arbeid te rapporteren. In het verslag wordt gesteld dat de problematiek van de buitenlandse student een eigen karakter heeft en niet samenvalt met die van de Nederlandse student.

„Blijkbaar brengt het „buitenlander zijn” zoveel andere vragen met zich mee, dat een vanzelfsprekende integratie in Nederlandse structuren erg moeizaam verloopt. Taal, culturele achtergrond, religieuze instelling, angst en achterdocht van beide kanten blijken obstakels, die moeilijk te overwinnen zijn voor zowel de Nederlandse als ook de buitenlandse student. Uiteraard wordt in individuele gevallen wel hulp geboden, maar structureel, bv. via NCSV, VCSB, studentengemeenten of plaatselijke kerkelijke gemeenten, is de inbouw of integratie over het algemeen nog te mager. Daarnaast zijn er in de diverse plaatsen wel een aantal mensen, die zich beschikbaar gesteld hebben om op plaatselijk niveau mee te denken over dit werk en, waar nodig, hulp te bieden of iets te organiseren voor de buitenlandse student. In het algemeen moge dan de Nederlander open staan voor contacten met buitenlanders, in de practijk komen deze moeizamer tot stand dan men zou denken”.

Hoe de opvang van buitenlandse studenten verloopt wordt in het verslag aan enkele plaatselijke situaties geïllustreerd, waarvan wij de gedeelten betreffende Deventer en Barneveld overnemen.

Deventer (Rijks Hogere Tropische Landbouwschool) Alle buitenlandse studenten wonen in een nieuw gestichte studentenflat aan de Tjoenerstraat. Ongeveer 70% van de bewoners zijn buitenlanders en 30% Nederlanders, dit om jhettovorming af te remmen.

Door de concentratie in één gebouw is kamerbezoek eenvoudiger uit te voeren en de ongeveer 60 buitenlanders zijn dan ook allemaal op hun kamer opgezocht. Het individuele contact met de studenten wordt in het algemeen erg op prijs gesteld en is een voorwaarde voor het ontstaan van een vertrouwensrelatie. Door het samenwonen is er enerzijds géén vereenzaming, maar anderzijds soms wel een gespannen feefklimaat tussen mensen of groepen.

Een werkgroep in Deventer, bestaande uit ouderen en jongeren, doet veel ter verbetering van de situatie van de buitenlandse studenten, zoals het vinden van contactgezinnen, het verzorgen Van „social evenings”, excursies, etc.

Er is een goede samenwerking met de Rooms-Katholieke collega en een emerituspredikant, die beiden ook kamerhezoek doen en helpen waar dat nodig is.

Twee tot drie keer per jaar wordt een kerkdienst in de Engelse taal gehouden waarna een ontmoeting met de Nederlandse gemeenteleden plaats heeft.

EIk jaar (van september tot april) begeleid ikzelf een gespreksgroep (ongeveer 6 keer per studiejaar) waar allerlei onderwerpen ter sprake komen. Vaak onderwerpen van politiek-economische aard, ook dialoog over de verhouding Islam-christendom en wat verder ter tafel komt, veelal informatie over de Nederlandse situatie, die veraf staat van de gemiddelde buitenlander.

Barneveld

Hier is de Practijkschool voor Pluimvee en Varkenshouderij gevestigd. Dit is een korte, engelstalige beroepsopleiding (7 maanden) met deelname van ongeveer 35 buitenlanders. Vast punt is ook hier het individuele kamerbezoek, dat veel tijd kost, maar de ruggegraat van dit pastoraat vormt. De studenten waren tot voor kort ondergebracht in een hotel in Lunteren en daar zijn ook enkele gespreksavonden gehouden met als onderwerpen: cultuur-barrière en rassendiscriminatie. De verschillende kerken in Lunteren hebben elkaar gevonden in het organiseren van enkele engelstalige kerkdiensten en vele „social evenings”, die druk werden bezocht. Daaruit vloeide op een natuurlijke wijze voort dat vele contactgezinnen zich voor de studenten openstelden. Door de beperkte omvang van Lunteren kon hier een voorbeeldige relatie ontstaan tussen buitenlandse studenten en gemeenteleden, die in mijn ogen nog steeds uniek is. Ook de geringe omvang van de school in Barneveld diende de overzichtelijkheid.

Een merkwaardige ervaring is het altijd weer om in kerkdiensten ook vele moslims te vinden, waarschijnlijk bij gebrek aan een moskee. Uit hun participatie komen interessante vragen over het christendom voort.

In de universiteitssteden blijkt de opvang van de buitenlandse studenten en het leggen van pastorale contacten veel moeilijker te verlopen. Gemeenten en individuele kerkleden zullen gestimuleerd moeten worden om te helpen bij het opnemen van de buitenlandse student in de plaatselijke gemeente. Ook missionair is dat van grote betekenis. De gevoelens van de buitenlandse student worden als volgt omschreven:

„Er is veel verwarring en vervreemding in de wereld van de buitenlandse student. Zijn of haar onmiddellijke referentiekader ontbreekt en daardoor ontstaat een zekere hulpeloosheid en achterdocht. Ook achterdocht jegens de kerken, omdat deze Nederlandse kerken vaak niet beantwoorden aan het beeld, dat zij verwacht hadden vanuit hun eigen situatie. Zij vinden hier minder mystiek, minder piëtisme, minder godsdienstige ervaring. Anderzijds is er positieve verwondering over het „engagement” van de kerken, wat voor hen weer moeilijk te rijmen valt met de behoudende opstelling van hun eigen kerken thuis”.

Waar de relatie met de plaatselijke kerkelijke gemeente wordt gelegd, is er de mogelijkheid dat zowel student als gemeente de katholiciteit van de kerk ervaren en zo de gemeente ook behoed wordt voor een alleen naar binnen gericht zijn.

Naast het spirituele gedeelte van het pastoraat wordt een belangrijk gedeelte van de tijd van de studentenpredikant besteed aan maatschappelijke en diaconale aspecten van het „fenomeen” buitenlandse student. Hij is daartoe vaak in staat omdat men hem vertrouwen schenkt. „I trust you, because you are a chaplain” (Ik vertrouw u, omdat u predikant bent) is een meer dan incidentele uitspraak”.


Bovengenoemd verslag overtuigde de Raad er nog weer eens van, hoezeer dit pastoraat van grote missionaire betekenis is.

We geven graag adressen door van de betrokken studentenpastores:

ds. T. E. van der Brug, J. W. Frisolaan 10, Zeist en

ds. A. Hofman, Mgr. Nolenslaan 12, Amstelveen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 augustus 1973

Zendingsblad der Nederlandse Hervormde Kerk | 28 Pagina's

De buitenlandse student in nederland

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 augustus 1973

Zendingsblad der Nederlandse Hervormde Kerk | 28 Pagina's

PDF Bekijken