Bekijk het origineel

Halen we de eindstreep?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Halen we de eindstreep?

5 minuten leestijd

Hoe gaat het met de extra giften? Even ons geheugen opfrissen. Voor 1973 zou de zending een bedrag nodig hebben van ruim f 9,8 miljoen. Daarvan zou f 9,2 miljoen komen uit de „vaste inkomsten” – de zendingsquota – en de rest uit extra giften. We spraken af, dat het bijeenbrengen van de quota voorrang moest hebben, maar dat extra giften meer dan welkom waren.

Wat is een quotum? Een quotum is, watje moet betalen als aandeel, wanneer je samen een afspraak maakt over iets dat gefinancierd moet worden. Hoe het daarmee gaat, is per plaats zeer verschillend. Maar er bestaat gelukkig een heel net van „vrijwilligers”, die dat per plaats en classis en provincie in de gaten houden. Om een beetje stuur te geven aan de giften en aan te geven, waar die extra giften voor nodig waren, werd een „projecten-lijst” gemaakt. Die projectenlijst is gratis verkrijgbaar bij het zendingscentrum.

Wat is een project? Een project is een stuk werk van kerkenoverzee, dat naar hun mening en die van de gereformeerde zending beslist nodig is, maar waarvoor het geld niet beschikbaar komt uit de quota. Dat dus betaald moet worden uit extra giften. In goed vertrouwen, gesteund door ervaringen van vorige jaren, hebben we onze broeders en zusters overzee, beloofd, dat het geld er zou komen.

Hoe is het tot nu toe gegaan?

We schrijven dit begin juli. De helft van het jaar is om. Aan giften ontvingen we in totaal f 432.000.–. Dat is meer, dan in het eerste halfjaar van 1971 en belangrijk meer, dan in het eerste halfjaar van 1972, toen het aantal giften belangrijk terugliep. Dus alle reden voor dankbaarheid.

Hoe werd het geld verdeeld?

Een belangrijk deel van die giften, was nog bestemd voor projecten uit vroegere jaren. Voor de projecten, genoemd in het projecten-boekje, werd f 329.000.– ontvangen. Daarvan was f 28.000.– bestemd voor het Lectuurfonds. Hard nodig voor de verspreiding van het evangelie door het gedrukte woord en via radio of televisie.

Het Algemeen Giften Fonds kreeg f 110.000.–. Dat kan dus gebruikt worden voor urgente, onvoorziene zaken, die zich in het levende zendingswerk altijd weer voordoen.

Behalve deze twee fondsen, die onbeperkt geld kunnen gebruiken, stonden er in het projectenboekje nog 23 projecten. Daarvoor werd in totaal f 191.000.– ontvangen. De „eindstreep” voor het totaal van deze 23 projecten ligt op f 492.000.–.

Hoever zijn we nu? Op dit moment zijn reeds 10 projecten „volgeboekt”. In enkele gevallen is het geld nog wel niet geheel ontvangen, maar toch wel beloofd. Vooral het Vrouwenzendingsthuisfront heeft zich duchtig geweerd.

Welke projecten vragen extra aandacht? Soms sta je wel eens voor raadsels. Er wordt steeds gezegd: de mensen willen duidelijk omschreven doelen voor ogen hebben, zodat ze precies weten „daarvoor is ons geld besteed”. We zullen het er nu niet over hebben, of dat de juiste houding is. Maar als dat werkelijk leeft, waarom hebben we dan nog geen gulden ontvangen voor project 27: een auto (eenvoudige VW-kever) voor de studentenpredikant in Djokjakarta.

En project 22? Hulp bij huisvesting en vervoer op Midden-Java: kerkjes, pastorietjes, fietsen of een stevige brommer, zodat dominee-daar meer gemeente-leden kan bezoeken over de vaak erg slechte wegen. Er is f 56.000.– voor nodig. We kregen f 350.–. Wie gaan daar wat aan doen?

En als er bij alle dankbaarheid, toch ook wat bezorgdheid mag doorklinken, laten we dan ook de studiebeurzen noemen.

Een van de beste bestedingen van geld, is het opvoeren van kennis die in het land blijft. Studiebeurzen kennen we in Nederland ook. Onder allerlei voorwaarden kan hier een student, meestal van de staat, een bedrag ontvangen, voldoende om van te kunnen leven. Tegenwoordig is dat meestal zo’n f 6600.–.

In Indonesië zijn de kerkelijke beurzen, zo’n f 650.–. Soms veel lager f 540.–, f 395.–, f 380.–. Ja, voor een heel jaar. Dat hangt ook af van de plaats waar gestudeerd wordt. Die studenten daar, kunnen dus leven van een tiende van wat hier nodig is. Iemand die dat ontdekte, zei: daarginds is onze gulden een tientje waard. Zo is het. Er is f 180.000.– nodig, om al die jongens en meisjes daar, die van ons afhankelijk zijn om te kunnen studeren, ook werkelijk die kans te geven. We ontvingen voor dit doel tot nu toe f 56.000.–.

U wilt er nu toch meer van weten? Dat kan. Uw zendingscommissie kan u inlichten. Even een berichtje naar het Zendingscentrum en men ontvangt de nieuwste, bijgewerkte projectenlijst. En voor een actie alle beschikbare informatie.

Of denkt u: „ik weet al wel genoeg”? Het gironummer is 533.000 t.n.v. Zendingscentrum-Giftenrekening, Wilhelminalaan 3, Baarn. Dank voor uw hulp.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 september 1973

Zendingsblad van de Gereformeerde Kerken in Nederland | 24 Pagina's

Halen we de eindstreep?

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 september 1973

Zendingsblad van de Gereformeerde Kerken in Nederland | 24 Pagina's

PDF Bekijken