Bekijk het origineel

Werelddiakonaat als gemeente-zijn

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Werelddiakonaat als gemeente-zijn

7 minuten leestijd

Werelddiakonaat is, als diakonaat, een poging van de Kerk van Jezus Christus om ook als plaatselijke gemeente, uit drukking te geven aan het barmhartig regeren in gerechtigheid van onze Heer Jezus Christus. Namelijk aan dat regeren over ons van die Heer, die ons tussen Pasen en Wederkomst regeert in de gestalte van de lijdende knecht des Heren: ‘Hem heeft God uitermate verhoogd’.

De lijdende knecht des Heren, die dus kan méévoelen met onze zwakheden en die tegen de Vader gezegd heeft: ‘Kijk, daar op aarde is nood en schuld, dan zal Ik daar óók zijn’. Toen heeft de Vader gezegd: ‘Ga mijn Zoon’, en Hij liet zijn eniggeboren, geliefde, Zoon door. Hij deed een stap terzijde. En deze lijdende knecht Gods, Zoon van de Vader, zette dat door tot op Pasen, tot op Pinksteren. Tot de voleinding der dagen, tot de grote zomer, zal Hij bij ons zijn.

Dat is al een hele mond vol en naar ik hoop een niet al te theoretische mond vol. Laat me daarom enkele praktische consequenties daarvan kort aangeven:

1. Dat betekent allereerst - is het nodig dat nog te zeggen? — dat Werelddiakonaat niet zoiets beoogt als het Koninkrijk Gods uit de grond stampen(‘Christus tot opstanding te brengen’ of dergelijke), maar dat het in gehoorzaamheid aan de Grote Diaken iets wil laten zien van de manier, waarop Hij ons mensen barmhartig en gerechtig regeert.

En dat geeft ons direct consequenties voor de beoordeling van de vraag, of je als Hervormd Werelddiakonaat een stuk werk al dan niet aanneemt. Je stelt je namelijk de vraag: is dit echt diakonaal werk en ligt het op onze weg als kerk of niet? Natuurlijk komen daar heel zakelijke vragen aan te pas, zoals: deugt dit projekt, dat ons voorgelegd wordt? Is het wel nodig? Zit het planmatig goed in elkaar? Heeft het een plaats in groter verband? Zijn er zakelijk deskundige waarborgen? Waar haalt het nog meer geld vandaan? Hoe zit het met de exploitatie, de follow up? En zo voort.

Maar bij dit alles is de stuwende onderstroom, de grote vraag: is het echt integer diakonaal, dat is: drukt het iets uit van dat grote genadig regeren in gerechtigheid en dat rechtvaardige re geren in het kleed der barmhartigheid van die Heer, die het lijden tot in Gods hart absorbeert? Probeert een kerk (mogelijk christelijke instellingen of personen) daarvan iets te laten zien?

Maar mogelijk ook gaat het uit van niet-christenen, bijvoorbeeld de Boeddhisten in Vietnam. Niettemin blijft de vraag: drukt het Christus’ regeren uit in deze chaotische wereld?

Dat is één consequentie. Ik ben me bewust: denkstof voor een hele tijd, maar ik wil toch iets aanbieden.

2. Dan een tweede consequentie. Dit uitgangspunt, dit bijbelse zich opmaken van het Werelddiakonaat, heeft ook grote consequenties voor het wereld diakonaal werken met de partner kerken, de mede christenen ginds in de derde wereld, de ontwikkelingslanden. Het veronderstelt namelijk principieel al dat er een wereldwijde partnerschap, een broederschap is, die in gehoorzaamheid aan deze Heer er wil en er mag zijn in deze wereld.

Maar dat wil dan ook zeggen dat er ook ginds Kerk, gemeente, christenheid is, die op haar wijze in het leven van alle dag moet functioneren en met het evangelie er wil zijn.

Met andere woorden: ook daar is kerk, gemeente en niet een filiaal of reproductie van ons. Een kerk, die haar identiteit, haar eigen verantwoordelijkhied en persoonsuitdrukking als kerk van Jezus Christus heeft ontdekt of bezig is te ontdekken, naast bijvoorbeeld haar Afrikaanse identiteit.

Er is daarom een wereldwijde partner schap van de kerk van Jezus Christus die — in evenwijdigheid missionair en diakonaal — gemeente van Hèm wil zijn. Daarbij willen we elkaar helpen. In wederkerigheid. Om er rijker en niet armer van te worden. En dat ontdekken we niet pas gedwongen door de uiterlijke omstandigheid van dit na-koloniale en post imperialistische tijdperk, dat daagt ons niet pas na conferenties als die van Bangkok en Lusaka, maar dat konden we al weten. Er overkomt ons niets vreemds.

Een van de consequenties daarvan zou weer kunnen zijn, dat het hoog tijd wordt dat de Hervormde Kerk als kerk en niet uitsluitend langs het kanaal van ‘Raden’, van het ‘functionarissendom’, gaat praten met de kerk ginds over de grote vraag ‘wat doen we samen in de wereld?’. Dat er dus zoiets komt als een ‘dienst buitenland’ van de Hervormde Kerk of van de protestantse kerken hier.

3. Ken derde en laatste consequentie heeft te maken met de vraag: wat doen wij er in onze gemeente nu aan en hoe doen we dat?

Die consequentie is dat wij in onze eigen gemeente, helemaal in de lijn van het voorgaande, met behulp van een concreet stuk werk ons een tijdlang inleven in wat, het betekent ginds gemeente te zijn. Ik zou hier haast het wat dure woord ‘projectie’ voor willen gebruiken. Dat wil zeggen: je projecteert het diakonaal en missionair gemeente zijn daar, in dat land, in die situatie, op ònze reële situatie van het gemeente zijn. Dat wil ook zeggen: je vereenzelvigt je er een heel eind mee.

We besluiten b.v. een jaar lang of enkele jaren lang als gemeente, met behulp van ‘allerlei informatie (in het kerkblad, maar ook via prediking, ere dienst, vooral voorbede, mogelijk catechese en onderwijs) ons te verplaatsen in de vraag: wat betekent het nu voor de Presbyteriaanse Kerk van Ghana, dat daar landbouwwerk wordt gedaan, zo dicht bij de Sahel, of: wat betekent het nu dat een kerk, de Raad van Kerken in Indonesië, de plaatselijke Indonesiche kerken proberen het ziekenhuiswezen en de gezondheidszorg zó aan te pakken, dat dit bij de mensen in de dorpen komen? Dus gemeen schaps-gezondheidszorg en niet alleen steeds duurdere ziekenhuizen.

Of: wat betekent het voor de christen heid te lande, en voor haar niet alleen, dat er 500.000 wezen en 100.000 oude mensen boven de 70 zijn, die familie, kind noch kraai, dak noch brood hebben? (Z.-Vietnam) En wat kun je daar aan doen?

Of: wat betekent het voor de mensen in Oost-Europa of in Zuid Afrika, gemeen te van Jezus Christus te zijn in de moeilijke situatie daar?

Of … och, hetzelfde geldt voor het probleem van gevangenen, rampen, vluchtelingen etc. etc.

En dan steeds de vraag: wat kunnen wij in Nederland heel bescheiden daarbij helpen? En de vraag: wat zegt dat voor ons gemeente-zijn in onze situatie hier? Voor ons christen zijn in onze samenleving?

Ik meen dat er een werelddiakonaat mogelijk is en ook al in onze kerk beoefend wordt, dat op deze wijze in wederkerigheid en tot heil van beide partners — levend bij de thora, de wet, dat is evangelie — uitdrukking geeft aan de barmhartigheid en gerechtigheid — in één adem — van Christus over ons. En daar wordt je dan echt rijker van ook.

Bij heroriëntatie op het hele diakonaat komt in deze fase de wereld binnen de gezichtskring.

Met andere woorden: werelddiakonaat zet het hele diakonaat óók in eigen dorp of stad — op nieuwe sporen naar de toekomst.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 juni 1975

Diakonia | 44 Pagina's

Werelddiakonaat als gemeente-zijn

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 juni 1975

Diakonia | 44 Pagina's

PDF Bekijken