Bekijk het origineel

De diaken als motor van een diakonale gemeente

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De diaken als motor van een diakonale gemeente

4 minuten leestijd

God laat mensen tot hun recht komen. Dus mogen en moeten mensen elkaar tot hun recht laten komen. Christenen, als navolgers van de dienstverlener Christus, worden geloofwaardig door wat ze zijn en wat ze doen.

De oude diakonie

Het traditioneel calvinistische diakonaat had te maken met barmhartigheid, bedeling, armenzorg. De oude diakonie was een beherend en verdelend aanhangsel van de kerk. Met een apart college en een aparte begroting.

De oude diakonie heeft als ondersteuningsinstituut van de arme, de weduwe, de wees, de verdrukte en de vreemdeling in onze tijd functie verlies geleden. Kan de diakonie nu iets anders zijn dan een instituut? Vele diakenen denken nog in termen van beheerders van goederen en verdelers van het geld. En neem het ze eens kwalijk, want ze behéren. Vele kerkeraden bekijken hun diakonie zo. En vragen dus steun voor de kerkvoogdij, omdat het diakonale beheersinstituut een overschot moet heb ben.

Vele gemeenten bekijken de diakonie zo.

En in de samenleving is ‘diakonie’ een besmet woord, dat geassocieerd wordt met bedeling en publiekelijk bekende hulpverlening.

Wat wordt er tegenwoordig van een diaken gevraagd? Mijn antwoord is niet: dat hij kan beheren, maar: dat hij tijd en menselijke energie ter beschikking heeft. Altijd zal de diaken individueel en zonodig structureel voor het individu bezig zijn. Er is dat mooie voorbeeld uit het werelddiakonaat. Als iemand honger heeft, kun je hem een vis geven, maar dan staat hij morgen weer op de stoep voor een vis. En dan komt hij als mens, als schepsel Gods niet tot zijn recht. Je kunt hem ook leren vissen, dan komt hij als schepsel Gods wél tot zijn recht, want dan kan hij zichzelf redden.

Nieuwe relaties

Een goed diaken is iemand, die zo weinig mogelijk doet, maar zorgt dat er zoveel mogelijk gebeurt. Binnen de ge meente moet de diakonie de aandrager zijn van de vragen van buiten. Dat heeft tot consequentie dat er een heel andere werkrelatie zou moeten ontstaan tussen de ouderlingen, de diakenen en de predikanten. Verder een heel andere relatie of een nieuwe relatie met het jeugdwerk, met de vrouwenvereniging en zelfs een ander soort relatie met bejaarden. En een werkrelatie met dienstkringen en werkgroepen.

Hoe komt het dat er zoveel werkgroepen voor ontwikkelingssamenwerking in onze kerk functioneren, waar de diakonie helemaal buiten staat? Hoe kán dat? Een werkrelatie is ook nodig met de catechese en met de zondagsschool, opdat de dingen niet worden overgedragen uit een boekje, maar door de mensen, die er zelf mee bezig zijn.

Op provinciaal niveau zullen wij aan p.d.c.’s en welzijnsstichtingen moeten vragen dit gerechtigheids-diakonaat te bevorderen. En de provinciale diakonale kamers zullen hun toezichtstaak moeten inpassen in deze opdracht.

Landelijk

Aan de G.D.R. moeten wij vragen de samenlevingsbemoeienissen van de kerk duidelijker via één orgaan te laten lopen. Wat moeten wij denken als plaatselijke diakonie, wanneer het gaat om het, legaliseren van het soft druggebruik in Nederland? Kan de G.D.R. ons daar deskundig over adviseren? Moeten wij onze mond houden of heeft onze kerk er al iets over gezegd?

Meer duidelijkheid zou ook betekenen dat de publikaties en papieren, die we in de bus krijgen, wat gerichter en gestroomlijnder worden en misschien ook minder talrijk. Het houdt ook in dat we de G.D.R. moeten vragen, de zaak van het gerechtigheidsdiakonaat landelijk aan te kaarten via radio en t.v., en via bruikbare, leesbare informatie. Ik zeg niet dat er niets gebeurt, maar moet dit niet wat duidelijker gesteld worden? Moet dus zo de G.D.R. binnen de kerk niet een landelijk model zijn van dit gerechtigheidsideaal?

Gaan we te ver?

Maken we ons niet te breed? Zijn we niet te verkalkt?

Wanneer we gehoorzaam willen zijn aan de bijbelse opdracht van gerechtigheid, zal het moeten. Wanneer we geloven in de dienst, die Christus verleend heeft, zal het kunnen. We mogen zijn boodschap geloofwaardig maken. Aan hongerigen, dorstigen, gevangenen en vreemdelingen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 augustus 1975

Diakonia | 36 Pagina's

De diaken als motor van een diakonale gemeente

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 augustus 1975

Diakonia | 36 Pagina's

PDF Bekijken