Bekijk het origineel

Europese kerken ontmoeten elkaar in Moskou

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Europese kerken ontmoeten elkaar in Moskou

9 minuten leestijd

De Conferentie van Europese Kerken, In de wandeling vaak de KEK genoemd (een afkorting van de Duitse benaming: Konferenz Europaischer Kirchen) is een van de oecumenische organisaties, die een bescheiden plaats in het kerkelijk leven innemen. Zij is ruim twintig jaar geleden opgericht om tussen de kerken in ons werelddeel een sterker verband te leggen.

Haar ledental wordt nu gevormd door een gemeenschap van 108 kerken, die zich bij deze conferentie hebben aangesloten. Veel jaren is zij vooral ontmoetingsplaats van kerkelijke afgevaardigden geweest. De kerken in Oost- en West-Europa kenden elkander nauwelijks; zij wisten vrijwel niet wat er in de verschillende delen van ons continent aan confessie, traditie en kerkelijk leven in de praktijk te vinden was.
Toen de band eenmaal gelegd was groeide de ontmoeting tot kennismaking en deze ontwikkelde zich door studiegroepen en conferenties tot een gemeenschap, die de verplichting ging erkennen om voor elkander verantwoording af te leggen van de inhoud van eigen geloof en geloofsinhoud; om met elkander te onderzoeken wat in al deze vormen van kerkelijk leven en handelen verbindt en/of gescheiden houdt.
Eenmaal in de vier jaren wordt een grote assemblee gehouden, waar afgevaardigden van alle aangesloten kerken bijeenkomen. De laatste van deze vergaderingen is enkele jaren geleden in Engelberg (Zwitserland) gehouden; de eerstvolgende (vermoedelijk in 1978) is alweer in voorbereiding.
Tweemaal per jaar komt het presidium bijeen; een college van zeven leden, vier uit West-Europese, drie uit Oost-Europese kerken. Een van deze beide vergaderingen wordt gecombineerd met een bijeenkomst van de adviescommissie; deze telt 22 leden, zoveel mogelijk vertegenwoordigend alle confessies en landen in Europa.
Na de voorbereidende vergadering van het presidium (in Bad Gandersheim, Harz, Duitsland) in januari van dit jaar werd de gecombineerde vergadering van presidium en adviescommissie in mei op uitnodiging van de Russisch-Orthodoxe Kerk in Moskou gehouden. Enkele jaren geleden heeft het presidium ook een vergadering in Rusland gehouden, destijds in het beroemde klooster van Zagorsk. Daar is echter geen accommodatie voor vrouwelijke afgevaardigden; bovendien ging het deze keer om een veel groter aantal bezoekers(-sters).
Wij werden daarom ontvangen in Hotel Ukranja, een van de zeven kolossale gebouwen, die in de tijd van Stalins oppermacht in Moskou verrezen zijn om de hoofdstad van het land duidelijke symbolen van grootheid en macht te geven.
Op 18 en 19 mei kwam het presidium bijeen; van 19 tot en met 23 mei het gecombineerde gezelschap van ongeveer 45 personen.

Gastvrijheid
Een ontvangst in Rusland betekent het ondergaan van grote gastvrijheid en hartelijkheid. Het is moeilijk om eigen initiatieven uit te voeren. Elk hoekje en gaatje wordt gevuld met mogelijkheden om met gidsen en helpers van alles te zien. Voor uitstapjes, bezoek aan musea, voor gebruik van taxi's staat altijd iemand klaar.
Ik was niet de enige die toch van de gelegenheid gebruik maakte om de stad in te gaan en het gewone leven van elke dag eens mee te maken. Bezoek aan een groot warenhuis — een Amsterdamse Bijenkorf in het héél groot — bood daarvoor een zeer geschikte kans. Tussen duizenden mensen, die druk bezig zijn rond open winkels met eetwaren, muziek, lectuur, sieraden, kleding, krijg je een indruk van het dagelijkse leven. Je wordt op een moment aangeschoten door een onbekend persoon, die je fluisterend vraagt: 'Change dollars' en je weet niet of je getest wordt dan wel of je met de zwarte markt te doen hebt. Mij valt de welstand van de mensen op. Ze hebben blijkbaar de mogelijkheid niet alleen om belangstelling te tonen maar óók om vrij kostbare zaken aan te kopen.

De KEK komt samen
De leden van de KEK kregen een zwaar programma voorgezet. De president, die de vergadering leidde, zette meteen fors in.
Dr. Appèl, een Fransman, president van de Ev. Kerk in de Elzas, wees erop dat dit de eerste bijeenkomst van de KEK is na het beraad dat in Buckow (DDR) gehouden werd naar aanleiding van de ondertekening van de Helsinki-verklaringen. Van Russische zijde is de KEK herhaaldelijk aangemoedigd om ertoe bij te dragen, dat deze verklaringen ondertekend zouden worden. Nu zijn de verklaringen over de vrijheden en rechten van de mensen door veel regeringen ondertekend. Helsinki ligt enige tijd achter ons, maar de toestand in de wereld is er niet duidelijker, niet rooskleuriger op geworden. Van ontspanning is geen sprake. Als voorbeelden noemde hij de toestand in Portugal, Spanje, Italië, Frankrijk, Noord-lerland. Dat is dan nog alleen Europa. Wat in Angola gebeurde is van de verplichtingen, die in Helsinki zijn aangegaan, beslist niet los te maken.
De voorzitter wees voorts op de groeiende economische zorg, die ook de oecumenische organisaties voor al groter problemen stelt. De belangstelling van de eerste tijd en de daarmee samenhangende bereidwilligheld er ook een offer voor over te hebben, zijn niet meer 'in de lift'.
Een laatste punt van zijn inleiding handelde over de informatie. Ondanks een stroom van informatie, die van alle kanten loskomt, blijft de klacht over de betrouwbaarheid van de gegevens, die door de kerkelijke en wereldlijke pers verspreid worden. Later, in een andere bespreking, kwam dit punt nog eens aan de orde toen het ging over de vraag of de strijd in Libanon inderdaad een strijd is tussen DE christenen en DE islamieten. Het gaat aan weerszijden om bepaalde groepen, die fel tegenover elkaar staan. Hetzelfde beeld kwam te voorschijn uit de berichtgeving over Noord-lerland.
Hoe technisch volmaakt en ontwikkeld de pers moge zijn, aan duidelijkheid en helderheid schort nog veel. Is aan dit probleem, bijvoorbeeld door betere coördinatie, iets te doen of blijven we overgeleverd aan de nieuwsbewerking?

De KEK-assemblée in Zwitseriand ligt alweer enkele jaren achter ons. Na grondige peiling van de vele opmerkingen en kritieken is de overtuiging gebleven dat de KEK op de goede weg is. In Engelberg en opnieuw in Nairobi is gebleken dat zulke grote bijeenkomsten lijden onder een te veel aan onderwerpen en als gevolg daarvan aan een te weinig aan concentratie.
Er zullen prioriteiten gesteld moeten worden.
In Nairobi is ook de regionalisering aan de orde geweest; d.w.z. moet niet meer gestreefd worden naar samenkomsten in kleiner, in regionaal verband? Er zijn momenteel reeds acht van dergelijke organisaties in de wereld. Over de wenselijkheid van samenkomsten in kleiner verband is in Nairobi niets besloten. Hoezeer duidelijk is dat in Geneve zekere vrees bestaat voor het opkomen van zulke kleinere organen, deze zaak moet toch met de Wereldraad opgenomen worden. Ze leeft ongetwijfeld bij de kerken. Duidelijk is dat de basisvragen in de wereld overal dezelfde zijn; maar wat daaruit voortkomt en als actueel probleem zich aandient, verschilt van continent tot continent. Hier liggen taken voor een gemeenschap als de KEK, die, hoezeer delicaat, niet verwaarloosd mogen worden.
In Europa nemen de kritische stemmen t.a.v. de tot nu toe gevolgde koers toe. Een van de leidende Duitse afgevaardigden illustreerde dit met een verwijzing naar de huidige situatie in Afrika: Hoeveel miljoenen zijn via de Wereldraad bijgedragen om volken in Afrika te helpen om tot zelfstandigheid te komen. Het resultaat, dat thans voor ieder zichtbaar is, treedt aan de dag in meer dan twintig landen, die als jonge staten, zich slechts met de macht van een leger en door dictatuur overeind kunnen houden. Wij mogen daar de Wereldraad de schuld niet van geven, maar feit is niettemin dat in Duitsland de kritiek van de zijde der 'Evangelikalen' toeneemt en gehoor vindt.

Studiesecretariaat KEK
In Engelberg is besloten dat het werk van de KEK moet versterkt worden met een studiesecretariaat. Daarvoor is de Hongaarse hoogleraar prof. G. Nagy voor drie jaar aangetrokken. Hij kreeg als opdracht enkele uitspringende problemen in kleine kringen van deskundigen te bespreken om daardoor de volgende assemblee voor te bereiden. Bovendien is hij bezig een documentatiedienst op te bouwen om de kerken te informeren over activiteiten en te helpen aan mogelijk studiemateriaal van andere leden/ kerken.
De gelden voor dit studiesecretariaat worden vrijwel geheel door de Duitse Evangelische Kerk opgebracht. De Nederlandse afgevaardigden in Engelberg hebben indertijd eenparig tegen dit voorstel gewaarschuwd en bij de eindstemming zich van stemming onthouden. Zij hadden bezwaar tegen het fmancieren van een bepaald project door één kerk. Niettemin hebben de Nederlanders hun steun nadien zonder reserve gegeven. Aan de uitvoering van het project hebben zij meegewerkt.
Zoals gewoonlijk met zulke zaken blijken de kosten van de studie ook bijkomende kosten te vragen. Daarvoor wordt nu het kleine reservefonds van de KEK aangesproken. Om bijzondere bijdragen is wel dringend gevraagd; tot nu toe zonder veel resultaat.
In verband met het zoeven genoemde is ook grote nadruk gelegd op de noodzaak om zich in het studiewerk te beperken en vooral niets te gaan ondernemen dat reeds door een of meer andere organen aan de orde is gesteld. Door voortgaand overleg moet overlapping en dubbel werk voorkomen worden. De Zwitserse afgevaardigde constateerde het feit, dat enorme hoeveelheden materiaal op kerkelijke tafels worden gedeponeerd, die zonder enige bespreking weer van de tafel genomen worden. De gemeenten worden overvoerd en kunnen het niet meer aan. Er moet op verstandige wijze en selectief informatie en voorlichting worden gegeven.
Een beknopt gehouden overzicht kan niet alle punten noemen die in Moskou aan de orde kwamen. Ik laat zelfs na die één voor één op te sommen.
Moskou bood een week van hard werken; met op momenten zeer openhartige en voor ieder duidelijke standpuntbepalingen; óók momenten waarop de spanning waaronder de geestelijke gemeenschap in deze kring wordt beleefd, diep gevoeld werd. Ik denk aan het gesprek over ambt, sacrament en mysterie.
Moskou bood ook de gelegenheid voor goed contact met Baptisten in die stad.
Een hele avond in de mudjevolle kerk vergeet je niet gauw. Een liturgische dienst in de Russisch Orthodoxe kerk onder leiding van de Patriarch geeft een diepe indruk van de totaal andere beleving van de religie; maar zeker een vorm, waarin de gemeente uren achtereen veel groter aandeel heeft dan in onze vormen van eredienst.
Te noemen is ook het contact met de Lutheranen in Estland en de studenten van Zagorsk.
Wie een weg wil bouwen moet eerst de bestekken voorbereiden en uitzetten.
In Moskou is voorbereidend werk verricht.
Een pelgrimsstap, Deo Volente.

(Dr. Kunst is deputaat oecumene buitenland).


Fotobijschriften
V.r.n.l. de kring rond: Metropoliet Alexej vice-president, dr. A. Appèl, president, dr. Glen Garfield Williams, alg. secretaris, een notuliste, dr. Werner Krusche, bisschop Ev. Kirche DDR, lid presidium, dr. P. G. Kunst (op de rug gezien) en rechts onderaan prof. G. Nagy, studio-secr.

Plaats van samenkomst in Moskou: het Ukranja-hotel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 1976

Kerkinformatie | 24 Pagina's

Europese kerken ontmoeten elkaar in Moskou

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 1976

Kerkinformatie | 24 Pagina's

PDF Bekijken