Bekijk het origineel

Toch nog langer gewacht dan vader Jacob

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Toch nog langer gewacht dan vader Jacob

5 minuten leestijd

Toen mevrouw M. J. van der Veen-Schenkeveld nog mejuffrouw kand. M. J. Schenkeveld was, heeft ze wel eens verzucht dat, als zij ooit dominee zou worden, zij de éne zondag intree zou doen en de zondag daarop meteen afscheid zou moeten preken wegens emeritering. Met andere woorden: wanneer het zover is dat in de gereformeerde kerken vrouwelijke predikanten mogen werken, zal ik een oud mens zijn.
Het is een beetje meegevallen, al heeft mevrouw Van der Veen langer op het ambt moeten wachten dan indertijd vader Jacob op zijn vrouwen. In 1951 deed zij kandidaatsexamen en negentien jaar later werd zij predikante van de gereformeerde kerk te Krimpen aan de IJssel. Er staat tegenover dat zij aanzienlijk sneller dan Jacob in het huwelijk kon treden.
In 1955, vier jaar na haar kandidaats, trok zij met ds. S. van der Veen als predikantsvrouw de gereformeerde pastorie te Arum in.
Er was wel enige reden voor de verzuchting van kandidate Schenkeveld. Nog tijdens haar studietijd was er enige heisa in de gereformeerde kring toen bekend werd dat in Bandoeng in de gereformeerde kerk een vrouw gepreekt had, dat wil zeggen: een stichtelijk woord gesproken had. Het betrof hier mejuffrouw kand. J. C. Schreuder.
De Eindhovense zendingssynode kwam er aan te pas en de broeders legden er zich achteraf bij neer (ze konden ook moeilijk anders), nadat duidelijk was vastgesteld dat het daarginds in Bandoeng een 'noodsituatie' had betroffen. Dr. Schreuder (zij promoveerde later bij professor Berkouwer aan de VU) is hervormd predikant geworden en op het ogenblik is zij verbonden aan de theologische faculteit van de VU en werkt zij, zoveel jaar na 'Bandoeng', mee aan de vorming van aanstaande gereformeerde dominees. — Maar dit terzijde.
Mevrouw Van der Veen heeft overigens gedurende de vele jaren van haar kandidaatschap niet werkeloos uit het venster zitten kijken of er een gunstig bericht over de vrouw-in-het-ambt aankwam. Ze werd om te beginnen secretaresse van de (voormalige) bond voor gereformeerde jeugdorganisatie, waartoe zij op De Witte Hei (eens gereformeerd jeugdcentrum) zetelde.
Daar deed zij haar werk, onder het directeurschap van Ad Kuiper.
Ook als 'gewone' domineesvrouw, eerst in Arum, later in Zwijndrecht en in Delfshaven, verdeed zij haar tijd niet met treuren over het uitblijven van openstelling van de kansel voor de vrouw. Het tegendeel was het geval en een Delfshavenaar die haar van nabij meemaakte, verklaarde: ik was eerst behoorlijk tégen de vrouw in het ambt en zeker tegen vrouwelijke dominees, maar toen ik zag hoe mevrouw Van der Veen in de gemeente bezig was, ook pastoraal, ben ik volledig omgezwaaid.
Eind 1969 nam de generale synode de beslissing, welke mevrouw Van der Veen in staat stelde van kandidaat predikant te worden, en in het najaar van 1970 gebeurde het, dat haar man haar bevestigde tot predikante van de gereformeerde kerk te Krimpen aan de IJssel. Behalve dominee werd zij voorpaginanieuws en object van cartoonisten (bijgaand plaatje is uit Trouw), want dit was nog niet eerder in het vaderland vertoond: man en vrouw beiden predikant en werkend in één en dezelfde gemeente.
De onvermijdelijke interviews volgden en je kon in de krant lezen dat mevrouw Van der Veen al op haar twaalfde dominee wilde worden, dat ze op school lieve vlechtjes droeg doch geen lieverdje was, dat het van vader Schenkeveld (een in gereformeerde kring niet onbekende Alkmaarse advocaat) eigenlijk erg aardig was om deze dochter te laten studeren in een vak, waarmee ze, zoals het er toen uitzag, weinig uit de voeten zou kunnen. . . Leuke verhalen, met een opmerkelijke mengeling van nuchterheid en warmte, die naar het getuigenis van kerkgaande Krimpenaren, ook haar preken en pastoraal optreden kenmerkt.
In Krimpen, zo kun je vernemen, zijn ze best tevreden met de domineesvrouw, die tegelijk hun dominee is. Zij komt altijd op tijd, meldde iemand geestdriftig. Dit is natuuriijk een geruststellende, maar niet zo verreikende gedachte. Maar er was en is meer, en dan komen lofzangen op de preken van mevrouw Van der Veen. 't Zijn vooral praktische preken, rechtstreeks gericht op de concrete toepassing van wat je gelooft en belijdt, luidt het waarderende oordeel. Een van haar gemeenteleden omschreef het heel aardig: je kunt merken dat ze via de keuken naar de kansel gaat. Intussen vraagt het samen dominee zijn in één pastorie heel wat stuurmanskunst.
Maar ze houden elkaar in evenwicht en zijn een hulp voor elkaar. Voor enkelen is het een stil verdriet dat mevrouw Van der Veen bitter weinig onder de indruk komt van de wijdlopige verfijningen welke de mannen-broeders zo graag in hun kerkeraadsoverleggingen aanbrengen. Ze noemt dit futiliteiten, is op zo'n moment geneigd heel onaardig over gans het mannendom te denken, en presenteert op 't onverwachtst een snelle oplossing, die niemand met goed fatsoen kan afwijzen.
Maar de mooie debatteerkluif is dan wel weg.
Ook buiten Krimpen is mevrouw Van der Veen werkzaam in de kerk, onder andere als deputate voor de zending. Haar afvaardiging naar de assemblee van de wereldraad van kerken in Nairobi voerde haar als predikant buiten 's lands grenzen en haar benoeming tot lid van het centraal comité (bestuur) van de wereldraad bracht haar naar een groter soort kerkeraadskamer.
Zou ze daar de wenkbrauwen ook wel eens ongeduldig hebben moeten fronsen?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1976

Kerkinformatie | 28 Pagina's

Toch nog langer gewacht dan vader Jacob

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1976

Kerkinformatie | 28 Pagina's

PDF Bekijken