Bekijk het origineel

Hulpverlening bij zwangerschap en alleenstaand ouderschap

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Hulpverlening bij zwangerschap en alleenstaand ouderschap

6 minuten leestijd

De ongehuwde-moederzorg anno 1976 ligt volledig ingebed in de hulpverlening bij problemen naar aanleiding van zwangerschap en alleenstaand ouderschap.

De ongehuwde moeder met haar kind(eren) behoort — samen met de gescheiden mensen, weduwen en weduwnaars met kinderen — tot de groep van één-ouder-gezinnen. De overheid noemt deze groep ‘onvolledige gezinnen’, waarbij de ‘onvolledigheid’ uitsluitend is gebaseerd op het niet of niet meer bestaan van een wettelijke huwelijksband.

Naar onze mening moeten echter andere — meer persoonlijke — criteria dan de huwelijksband bepalen of een gezin volledig is of niet.

De 25 bureaus en 14 tehuizen/opvangcentra, die zich voor hulpverlening inzetten, zijn verenigd in de Fiom. Deze vereniging is medio 1975 ontstaan uit een fusie van de Centrale vereniging van Organisaties voor hulpverlening aan niet-gehuwde Moeders (C.O.M.), de Nederlandse Federatie van Instellingen voor de Ongehuwde Moeder en haar kind (F.I.O.M.) en de Hendrik Pierson Stichting (H.P.S.).

Onbedoelde zwangerschappen

Ondanks alom verbreide sexuele voorlichting ontdekken dagelijks vele tientallen vrouwen en meisjes dat ze ongewild of onbedoeld zwanger zijn. Het preciese aantal onbedoelde zwangerschappen is niet bekend. Wel staat vast dat in 1973 (ruim) 600 vrouwen per dag zwanger werden.

Plotseling geconfronteerd worden met zwangerschap heeft voor de ongehuwde moeder meer indringende en meer gecompliceerde sociale consequenties dan voor de gehuwde vrouw.

Theoretisch heeft de ongehuwde vrouw, die ongewild zwanger wordt, de volgende keuzemogelijkheden:

— zwangerschap afbreken

— trouwen met de vader van het kind (vervroegd of gedwongen huwelijk)

— kind krijgen en het afstaan ter adoptie

— kind krijgen en het zelf verzorgen.

De mate, waarin de eerste drie mogelijkheden als een oplossing worden gezien, neemt geleidelijk aan af.

De belangstelling voor de andere mogelijkheid — het kind zelf verzorgen — vertoont daarentegen een tendens tot snelle stijging.

De vermoedelijke oorzaken daarvan kunnen worden gezocht in de ontwikkeling van maatschappij en samenleving.

Te denken valt aan:

— de toenemende belangstelling voor andere (relatie-)vormen van samenleven en samenwonen dan het huwelijk

—de geleidelijk aan groeiende aanvaarding van de ongehuwde moeder met kind(eren) als een één-ouder-gezin

—de groter wordende druk van belangenorganisaties en aktiegroepen om te komen tot verruiming van de voorzieningen t.b.v. het één-ouder-gezin in het algemeen, en toenemend begrip daarvoor bij de overheid

—de vestiging in Nederland van personen uit landen met een andere cultuur of een ander samenlevingspatroon

— de teruglopende vraag naar onderbreking van de zwangerschap door middel van abortus.

Hulpverlening bureau’s

Wat betreft de hulpverlening door de bureau’s: die strekt zich in het algemeen uit over twee probleemvelden, te weten de problemen n.a.v. zwangerschap en de problemen n.a.v. het alleenstaand ouderschap.

Veel voorkomende problemen zijn:

1. n.a.v. zwangerschap:

— wel of niet de zwangerschap laten voortduren

—wel of niet afstand doen van het kind

—ongehuwd zwanger-zijn met of zonder partner

— de relatie met ouders, familieleden, partner of vriend

— de houding van werkgever of school.

2. n.a.v. alleenstaand ouderschap:

— verwerken eigen rouwproces

—begeleiding rouwproces van de kinderen

— echtscheidingsproces

— alléén staan voor de opvoeding

— verlies sociale status

— eenzaamheid

— moeilijkheden rond werk, wonen, kinderopvang en financiën.

Een bijzondere groep wordt gevormd door alleenstaande ouders en kinderen, die in een acute crisissituatie zijn komen te verkeren.

Hulpverlening opvangcentra

De tehuizen/opvangcentra bieden, naast opvang en begeleiding van ongehuwde alleenstaande moeders, ook residentiële hulp (door een verblijfplaats) aan andere alleenstaande ouders en kinderen. Het gaat hier om mensen, die zich in een (psycho-) sociale crisissituatie bevinden als gevolg van relatieproblemen (voornamelijk huwelijks-, echtscheidings-, en samenwonings- problemen).

De opvangcentra beschikken veelal over kinderverblijven. De elders wonende alleenstaande ouder kan — bijvoorbeeld omdat er thuis onvoldoende woon- en leefruimte of onvoldoende kinderopvang is — overdag of zonodig dag en nacht de kinderen ter verzorging onderbrengen.

Huisvestingsprojecten

Binnen de Fiom hebben zich ook huisvestingsprojecten en begeleide woonprojecten ontwikkeld.

Bij de eerst genoemde ligt het accent op het bieden van een tijdelijke woonruimte aan moeders met kinderen om ervaring op te doen in het zelfstandig functioneren en om, in rustige sfeer, uit te kijken naar definitieve huisvesting en werkgelegenheid. Bij de andere woonprojecten speelt de begeleiding van moeder en kind door deskundigen een belangrijke rol.

In geen van deze gevallen is de verblijfsduur aan maxima gebonden. Toch hebben deze opvangmogelijkheden — zowel wat betreft de opvangcentra als de huisvestings- en begeleide woonprojecten — het karakter van een tijdelijke oplossing.

De Fiom vindt namelijk dat het blijvend bij elkaar laten wonen van alleenstaande moeders met kinderen gettovorming en isolement in de hand werkt.

Bovendien kan een dergelijke situatie, pedagogisch gezien, niet anders dan ongunstig werken op de ontwikkeling van de kinderen.

De betrokken één-ouder-gezinnen moeten zo spoedig mogelijk weer in maatschappij en samenleving kunnen functioneren.

Het één-ouder-gezin behoort de mogelijkheden te hebben om zich gelijkwaardig aan het ‘tweeouders-gezin’ te kunnen ontplooien.

Om dat te kunnen bereiken, zal men voorzieningen moeten treffen, zoals t.a.v. huisvesting, kinderopvang, financiën, de combinatie van werken en opvoeden, en sociaal contact.

De Fiom, Koningsweg 15, Den Bosch, tel. 073¬-128821, is graag bereid om aanvullende informatie te verschaffen.


Over abortus

‘Hoe graag wij ook iedere ongewenste zwangerschap willen voorkomen, het feit is niet te negeren dat dergelijke zwangerschappen ontstaan.

Enerzijds als gevolg van persoonlijke eigenschappen van de betrokkenen, anderzijds door de sociale druk, die uitgaat van de reakties op het loslaten van strenge regels, waardoor de oudere generatie zich zo belemmerd heeft gevoeld. Het eigenlijke probleem is dat van het (nog) niet verantwoord (kunnen) omgaan met de sexualiteit. Men weet, mede als gevolg van het tekortschieten van goede voorlichting en opvoeding, niet goed raad met de sexuele gevoelens’.

Dit is een citaat uit een aflevering van ‘Fiom-informatie’, die werd gewijd aan de vraag ‘Hoe staat de Fiom tegenover abortus?’.

De Fiom stelt zich in deze brochure, gedateerd augustus 1976, positief op tegenover een wettelijke regeling van abortus provocatus, en deelt mee zich bereid te hebben verklaard om mee te werken aan een nationale adviescommissie.

Die commissie zou onder meer moeten toezien op een goede kwaliteit van de hulp, die in ziekenhuizen en klinieken wordt gegeven. Nadrukkelijk zegt de Fiom erbij dat daar óók bij hoort ‘het scheppen en uitbreiden van mogelijkheden tot gesprek met en begeleiding van vrouwen, die om abortus vragen’.

Ook over diverse andere onderwerpen, die met de hulpverlening samenhangen, heeft men op het landelijk bureau brochures beschikbaar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1976

Diakonia | 38 Pagina's

Hulpverlening bij zwangerschap en alleenstaand ouderschap

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1976

Diakonia | 38 Pagina's

PDF Bekijken