Bekijk het origineel

't Komt altijd aan op het gewone: die ene mens

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

't Komt altijd aan op het gewone: die ene mens

Ds. Mak in sluitingswoord synode:

11 minuten leestijd

Bij het sluiten van de generale synode van Maastricht heeft de praeses, ds C. Mak Azn, veel woorden van oprechte waardering mogen horen. Allereerst van dr. B. Rietveld, die namens de synode sprak en de verkiezing van deze praeses dé goede keus noemde. Als een echte pastor hebt u de kudde geleid, constateerde hij onder meer, bekwaam, met een natuurlijk overwicht en een innerlijke rust die de goede sfeer in de vergaderingen bracht. Eén ding, zo voelden we dat aan, zat voor bij u: de kerken samen te binden en te houden achter de Heer. Werkelijk, u hebt het voortreffelijk gedaan, besloot hij zijn woorden, die door een lang applaus werden onderstreept.
Prof. dr. J. Firet vertolkte de gevoelens van de pre-adviserende hoogleraren, die voortaan, behalve de hoogleraar kerkrecht dr. J. Plomp, niet meer bij toerbeurt regematig, maar ,,op afroep" ter synode zullen verschijnen. Hij moest dus in zekere zin een definitief afscheidswoord spreken. Dr. Firet vond het fijn in deze synode te hebben mogen werken, noemde de relatie met het moderamen uitstekend en kwalificeerde ds. Mak als een voorbeeld van wat een praeses in een niet-hiërarchische gemeenschap moet zijn: een herderlijke leider die over een ingebouwd mechanisme tegen welke beïnvloeding ook blijkt te beschikken, iemand, met respect voor elk mens.

Antwoord van praeses
Ds. Mak reageerde daarop onder meer als volgt: Zusters en broeders. Ik bewaar de beste wijn tot het laatst. Dat is het Woord van God dat we aan het eind van deze synode met elkander zullen lezen en daarom begin ik met mezelf. Ik ben dankbaar voor de woorden die zoeven gesproken zijn. Niet omdat een mens het zo nodig heeft om geprezen te worden, maar wel omdat ik begonnen ben als praeses in vrezen en beven. Na mijn verkiezing heb ik gezegd: ,,Dit had ik verwacht noch gehoopt". En ik heb het gedaan omdat u er mij toe riep. En dan ben ik dankbaar dat mensen die ik hoog acht, die ik liefheb om hun persoon en hun inzicht hebben gezegd wat ze tegen mij hebben gezegd. Ik denk aan de pre-adviseurs. Aan hen allemaal, maar dan toch vanmiddag aan de twee die hier zijn. Prof. Firet, die ik pas goed heb leren kennen op deze synode. Prof. Plomp, met wie ik op sjouw ben geweest. Hij was hier altijd. Dat moest hij wel, omdat hij helaas geen collega heeft in het kerkrecht, maar hij wàs er dan toch maar. Lijfelijk aanwezig, met zijn hart en zijn liefde altijd beschikbaar, ook voor mij.
Ik dank de voorzitters van de synodecommissies die altijd maar weer, aangevuurd door ,,Leusden" zoals dat heet, gezorgd hebben dat wij een agenda hadden en dat we konden werken.

Band gegroeid
Dan dank ik, en zeker niet in de laatste plaats, maar bijna in de zin van lest best zeer van harte mijn mede-moderamenleden, voor alles wat zij voor mij en zeker ook voor de synode zijn geweest. De bedachtzame Van Benthem, de zelfstandige Rietveld, de solidaire Van Halsema, de ijverige Weijland, en de punctuele Hazelaar. Er is een geweldige band gegroeid, en als u mij wilt prijzen, dan moet u hen prijzen.
Zusters en broeders, wat hebben we gedaan? Wat hebben we gekregen? Wat hebben we meegemaakt op deze synode? Ik noem in een bonte volgorde allerlei dingen, zomaar zoals ze een paar dagen geleden bij mij opkwamen. U zult zien dat wij ongetwijfeld voorzichtig hebben gemanoeuvreerd. En dat wij ook toch veel hebben gedaan, wij als leden van de synode. Komt het ook weer bij u boven als ik wat namen noem? Nairobi, we waren daar. De G.O.S., we waren daar. De Dopper-Synode, we waren daar. Wiersinga, Kuitert, gemeenschappelijke vergadering van hervormden en gereformeerden in Utrecht, opening van het Dienstencentrum, januari-conferentie over kerk en theologie, PCR-zaken, liedboek, nieuwe verhouding van Zending en Evangelisatie vanwege: ,,het evangelie wordt in zes continenten doorgegeven, " Schaafsma werd afgewisseld door Weijland, en Weijland had kracht om zijn taak te gaan verrichten en voort te zetten.
Er is veel méér te doen geweest, maar als u deze dingen ziet, dan ziet u licht en donker bij elkander. Ik heb mij de laatste weken afgevraagd: hoe staat zo'n synode nu in onze kerken? Hoe functioneert zon synode nu bij onze mensen? De leden van onze plaatselijke gemeenten? Ben ik verkeerd, als ik zeg dat een synode steeds minder een plaats heeft bij het kerkvolk?

Jij bent géén De Moor . . .
Toen ik praeses van de synode was geworden, reageerde mijn moeder: er verandert toch wel heel wat, jij bent nu praeses van de synode, maar toen ik nog jong was hadden we een De Moor. En jij bent lang geen De Moor . . . Goed, dat is dan een moeder tegenover haar zoon, die zegt: kèn dat nou wel allemaal? Dat vind ik geweldig. Dat houdt je nederig. Maar ik geloof dat het wel een beetje een symptoom is van het feit dat zo'n kerk en degenen die lid zijn van de gemeenten wel wat anders aankijken tegen zo'n synode. Het lijkt me ook wel goed.
Toch vind ik het ook jammer. Want wij werken en soms zwoegen wij. Voor de kerken. Het is waar: de kerkeraden zijn belangrijker dan de synode, maar als de kerkeraden dan niet willen mee-pakken en niet willen meenemen wat de synode naar voren brengt voor die kerkeraden en voor die gemeenten, dan is dat toch jammer.
Lezen de mensen te weinig de krant? Doen de predikanten in de diensten 's zondags te weinig voorbede voor de synode? Ik denk het. Het is ook vreemd, hoezeer je kunt constateren — en ik noem maar een enkel voorbeeld — dat wàt men dan oppakt in het land van de synode zo gauw wordt opgevangen in de agressiviteit.
Wij nemen een besluit over kindercommunie en u weet het: wij zeggen dat kan niet en we geven dat terug aan de kerken. Binnen twee dagen hoor je van links en rechts, wij hebben het wel gezien. Nu gaan ze de kindercommunie invoeren. Wij zeggen: noodgemeenten, dat kan de wil van de Heer niet zijn. Prompt in de krant: mensen zorg dat er noodgemeenten zijn! Wij zeggen: niet toelaatbaar. En je hoort het van alle kanten en je ziet het ook op papier: wèl toelaatbaar! Dat mag allemaal. Je mag het allemaal doordenken, je mag het zeggen. Maar de besluiten zijn er nog niet. Wat er precies is kàn soms nog niet bekend zijn. En: men wéét het al precies.

Te weinig vanuit de blijdschap
Waarom leven wij in zulk een agressiviteit? Niet alleen tegenover de synode, ook tegenover elkaar? Wie weet dat niet als ambtsdrager in de gemeente: als één ja zegt dan moet de ander vanwege zijn status, zijn image, toch echt wel nee zeggen.
Wat doen wij daaraan als leden van de synode? Hebben wij dan misschien te weinig terwijl de synode bezig was en tussen de synode-weken in, vanuit de blijdschap geleefd van de koinoonia: van de gemeenschap met elkander waar de Geest wil zijn en waar iets van wijsheid en licht voor allen kan werken? Hebben wij te weinig gedacht aan de opdracht van de Here Jezus, misschien ook wel eens te weinig gedacht aan de opdracht die we als afgevaardigden hebben geformuleerd gezien in onze credentie-brief? Zijn wij zélf teveel mensen geweest, die op een synode zeggen: dat is mijn mening en dat zeg ik, zonder dus dat je zegt: we zijn met elkander aan het beraden, om te kijken wat we er samen van maken. Als wij dat beter hadden gedaan wellicht, misschien dat anderen dan iets minder in een agressieve sfeer in de gemeente ook wel eens tegenover de synode hadden geleefd.
Misschien dat we dan ook minder last vandaag de dag hadden gehad van een om zich heen grijpende polarisatie. Dat woord is wat versleten. Maar de zaak staat als een dreiging om ons heen. In de polarisatie heeft de mens waar hij staat, links of rechts, geen handen meer vrij en geen tijd meer over voor de koinoonia, de gemeenschap, voor het samen zich beraden op wat wijs en goed is voor allen.
Ik zie aan de ene kant in onze kerken mensen die zó veel tijd nodig hebben om toch maar de confessie te doorlichten op zijn houdbaarheid, om toch maar te ontdekken waar we fout zijn geweest toen en toen, vandaag en morgen, dat ze eigenlijk geen tijd meer hebben voor het gewone waar de Heer toe roept.
Ik zie aan de andere kant mensen die een zee van tijd laten wegvloeien doordat ze maar in de gaten houden wat Jan zegt en wat Piet zegt. Wat in dit krantje staat, wat in dat synode-besluit staat . . .: is het niet een afdwalen van de waarheid Gods?
Ook dezen houden weinig tijd over voor het gewone.

De Heer dienen
Wat is het gewone? Dat is het pastoraat. Het gewone is niet het synodewerk, het gewone is niet ter linker of ter rechter zijde de broeders en zusters in de gaten houden en er over schrijven. Nee, het gewone is dat je de Heer dient op de plek waar je bent. Het pastoraat. Het herder-zijn.
Niemand heeft ooit, dunkt mij, toen hij theologie ging studeren gedacht: ik doe dit om nog eens in de synode te komen. Ik heb nooit gezegd: dat zou wel wat zijn. Ik denk over mijn vak, dat ik van kinds af aan gedacht heb, ik wil graag dominee zijn, ja, omdat ik mensen wil leren kennen en in gemeenschap met kinderen van God iets wil ontdekken van de liefde Gods voor al die andere mensen die niet weten dat ze kinderen Gods zijn en dat wellicht ook niet zijn. Ik denk dat het altijd weer aankomt op de ene mens: je eigen vrouw, je eigen kinderen, en mensen waar je een dominee op af ziet gaan, of een ouderling, of een diaken.
Dat moeten we leren. Ik denk dat we dat vandaag allemaal in onze kerken, waar we dan ook staan, ieder met zijn eigen etiket op zijn voorhoofd, moeten leren: dat het gaat om de grote Herder der schapen die voor ons uit de dood is teruggekeerd hier wat te laten zien. En mensen wat te helpen in de naam van de Here Jezus, als dat kan.
Hebt u plezier in het synodewerk? Vind je het leuk om lid te zijn van de synode, misschien wel praeses van de synode? — Ik heb God lief. En ik heb zijn mensen lief. En als dan in die liefde tot de mensen het synodewerk een plaatsje heeft nu, dan doe ik het met plezier. Denkt u er ook zo over? Nou, dan hebt u toch, als die synode voorbij is een fijn en blij gevoel al bent u geestelijk en lichamelijk misschien afgedraaid. Het staat in de opdracht: mensen bereiken! En als de kerken dat meer zouden willen ontdekken, dan begrijpen ze wellicht wat meer van wat wij hier doen. En dan wordt die synode misschien nog iets meer dan wat deze vandaag is: een kracht, die God geeft aan gewone mensen in Nederland om de Heer wat beter te volgen en wat blijer te dienen!

De beste wijn
Ik lees u, en dat is de beste wijn, het Woord van God in Openbaring 3 : 7 - 13 ,,En schrijf aan de engel der gemeente te Filadélfia: Dit zegt de Heilige, de Waarachtige, die de sleutel Davids heeft, die opent en niemand zal sluiten, en Hij sluit en niemand opent. Ik weet uw werken: zie. Ik heb een geopende deur voor uw aangezicht gegeven, die niemand kan sluiten; want gij hebt kleine kracht, maar gij hebt mijn woord bewaard en mijn naam niet verloochend." (. . .) Wie overwint, hem zal ik maken tot een zuil in de tempel mijns Gods en hij zal niet meer daaruit gaan. (. . .) Wie een oor heeft, die hore wat de Geest tot de gemeenten zegt."


Fotobijschrift

Cadeau voor kaoloog prof. dr. J. Plomp
Dit was het afscheidscadeau van de Maastrichter synode aan pré-adviseur prof. dr. J. Plomp. Kampen, die geen zitting heeft overgeslagen omdat een specialist kerkordezaken in Lunteren nu eenmaal niet kan worden gemist. De titel van het 'boekwerk' spreekt voor zichzelf. Natuurlijk ging dit cadeau gepaard met een écht stoffelijk blijk van waardering voor deze bekwame, rustige en sympathieke hoogleraar, wiens vak voortaan als kaologie zou kunnen worden aangeduid. . .

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1977

Kerkinformatie | 32 Pagina's

't Komt altijd aan op het gewone: die ene mens

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1977

Kerkinformatie | 32 Pagina's

PDF Bekijken