Bekijk het origineel

Een diakonaal reveil

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een diakonaal reveil

4 minuten leestijd

Iemand, die vandaag 1) niet kon komen, heeft mij geschreven: ‘Ik heb altijd geres-pecteerd, dat je niet greep naar de kerkorde voor wissewasjes, maar de kerkorde als structuur van de kerk, zoals die bedoeld is, serieus nam en leven probeerde te geven als representant van de grote kerk.’

Het was of het zo moest zijn, want vlak er achteraan kwam een brief van een vriend van mij, die lid is van de Gereformeerde Bond en schreef: ‘Bedankt voor de breedheid waarmee je in de kerk gestaan hebt, ook naar onze sector toe.’ Dat accepteer ik, want het geeft helemaal weer wat uitgangspunt van het beleid en het handelen van de GDR is geweest.

Ik voeg er nog iets aan toe. Het diakonaat van de ‘grote kerk’ is niet gepolariseerd en niet opgesplitst, maar het is tevens de roeping van die kerk. Daar moeten we niet al te voornaam over doen. Als we het diakonaat opdiepen uit het Oude Testament, zoals Karres dat in zijn boek ‘De gemeente en haar diakonaat’ heeft gedaan, weten we dat het een richtlijn is, die de gemeente een nieuwe dimensie geeft boven zich zelf uit.

Ook nu nog is het diakonaat immers voor een groot deel zelfbevestiging. Bevestiging namelijk van de gemeente in haar belijden, haar levensstijl, haar verbondenheid met bepaalde politieke standpunten.

Daar hoort het geloof in God de Vader en Jezus Christus bij. En toch ontworstelt het diakonaat zich niet aan de beperkingen van de gemeente. Het blijft erbinnen. En daarbinnen wordt bepaald wat er wel en niet kan.

Wie is mijn naaste?

De vraag van de schriftgeleerde: ja maar, wie is mijn naaste?, blijft voorlopig de grootste moeilijkheid in het diakonaat. Daarom is er voortdurend strijd nodig. Strijd, als ik nog een ander woord mag gebruiken, voor een diakonaal reveil.

Zo’n reveil zal de gemeente moeten leren om van zichzelf uit en tegelijk boven zichzelf uit de navolging van Christus te zoeken. Dat is het tegendeel van zelfbevestiging, namelijk: zelf negatie, zelfontlediging. Daar willen mensen meestal niet direet aan. Toch zal het dáárom moeten gaan.

Uit het platte vlak

De nieuwe dimensie, die het diakonaat in de gemeente wil brengen, dient ook de kerk. Daardoor wordt de kerk opgeheven uit het platte vlak, waarin we telkens tegen elkaar opbotsen. Met onze ‘scholen’, onze belijdenissen, onze levensstijlen, onze verbondenheden, onze politieke acties. Als de diakonale dimensie ons daaruit óptrekt, ontmoeten we elkaar in het licht, dat ‘boven’ schijnt. Dat zeg ik niet alleen met het oog op de spanningen binnen de Hervormde Kerk. Ik denk ook aan de samenwerking tussen verschillende kerken, met name die tussen de Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken.

Daar zijn nog twee dingen aan toe te voegen.

Allereerst: diakonaat als een extra dimensie toegevoegd aan het gemeente-zijn is werelddiakonaat. Zonder dat is het in het geheel geen diakonaat. De eigen dimensie van het diakonaat geeft het vleugels, waardoor het ook van zichzelf weg-vliegt. Naar de weg, die ligt tussen Jeruzalem en Jericho, waar wordt gevraagd: wie is de naaste van de man, die onder de handen van rovers is gevallen?

Maar ook naar Zuid Afrika of Zuid-Amerika, waar niet gevraagd wordt om onze zelfbevestiging, maar om onze zelf-ontlediging, in de gehoorzaamheid aan Christus.

Het lijkt een anti climax, maar een tweede aspect van de extra dimensie van het diakonaat is dat er in onze gemeenten als vanzelf meer begrip komt voor de nood-zaak diakonale middelen te gebruiken voor diakonaal werk. Zo worden ze in het meer-dimensionale vlak geplaatst, terwille van hen, die ze nodig hebben.

Ik eindig zoals ik ben begonnen: u allen hartelijk dank, in het bijzonder voor het vorstelijk cadeau van een reis naar het beloofde land. Ik kan het haast niet bevatten dat het moest en dat het kon. We hopen het te gebruiken zoals u wenst dat wij het gebruiken. Hartelijk dank.


1) De tekst van dit artikel is ontleend aan het dankwoord van ds. Alons op de receptie, die 7 januari in het F. D. Roosevelthuis werd gehouden ter gelegenheid van zijn afscheid als algemeen secretaris van de Generale Diakonale Raad. Zie over dat afscheid ook: Diakonia van november/december 1976 (pag. 329) en van januari 1977 (pag. 8). Een impressie van de afscheidsreceptie en een citaat uit ‘Woord & Dienst’ over ds. Alons vindt u in de Kroniek van dit nummer.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 februari 1977

Diakonia | 36 Pagina's

Een diakonaal reveil

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 februari 1977

Diakonia | 36 Pagina's

PDF Bekijken