Bekijk het origineel

In en om het Diakonaat

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

In en om het Diakonaat

10 minuten leestijd

Over onszelf

Is er iets saaiers denkbaar dan een blad, dat een “referaat” op een vergadering uitgesproken nog eens in zijn geheel afdrukt? Antwoord: nee. Maar intussen: de acht pagina’s in het juni/juli-nummer van Diakonia, die de lezing op de laatste zomerconferentie van ds. A. Romein bevatten, hebben hun weg wel gevonden! Trouw nam er passages uit over, die het diakonaal huisbezoek en de suggestie van een diakonaal jaar voor de hele kerk betroffen. Ook De Waarheidsvriend citeerde uitvoerig.

In een tweetal plaatselijke kerkbladen kwam ik al eveneens de ontboezemingen van ds. Romein tegen. In het ene geval hadden de diakenen er een verhaaltje van gemaakt, handelend over “mijn neef Jan de diaken” (!), die met het artikel van ds. Romein in zijn gemeente aan de slag ging. Kerkepad van de Hervormde Gemeente van Ruurlo drukte zelfs het hele artikel af met de opmerking erbij dat wat ds. Romein over diakenen zegt, evengoed voor alle ambtsdragers en gemeenteleden opgaat.

Ook Diakonia van augustus had over belangstelling niet te klagen. U herinnert zich het artikel, dat ik zelf schreef over de opvang na radio- en televisieprogramma’s, die de NCRV wil gaan uitvoeren in samenwerking met onder meer de diakonale organen van de kerken?

De NCRV heeft het wèl geweten, want de “stafgroep RTV-opvang” van vier landelijke welzijnsorganisaties, die deze plannen met lede ogen aanziet, schreef een boze brief aan de christelijke omroep en bracht die brief vervolgens in de publiciteit.

De stafgroep bestrijdt de mening van de NCRV dat in de opvang, die de welzijnsorganisaties hebben opgezet, het pastorale en diakonale element ontbreekt. Zij merkt ook op dat het maatschappelijk werk, in de hulpteams van deze welzijnsorganisaties vertegenwoordigt, uit het diakonaat is voortgekomen. En zij vindt dat versnippering in de hulpverlening moet worden voorkomen.

De NCRV heeft daar pp zijn beurt op gereageerd. Het komt erop neer dat deze omroep géén hulporganisatie in het leven wil roepen, maar reacties op de eigen programma’s wil opvangen in een bij die programma’s passende sfeer. De NCRV wil daarbij samenwerken met “gekwalificeerde mensen uit het achterland”, zoals Trouw van 8 september optekende uit de mond van Rien van der Scheer, de verantwoordelijke man op dit gebied.

Het Friesch Dagblad deed er nog een schepje bovenop. Op 9 september verscheen een hoofdartikel, waarin de hand van de nieuwe hoofdredacteur, ds. Ype Schaaf, was te herkennen. Een citaat daaruit: “De programmamakers helpen voorzover dat hun taak is en voorzover ze dat kunnen. Ze beseffen dat dit niet voldoende is. Dus is een programmamaakster met een maatschappelijk-werk-opleiding door de NCRV aangesteld om ervoor te zorgen dat de beller die hulp krijgt die hij of zij vraagt: pastorale hulp, diakonale hulp, sociale hulp. En de NCRV doet dit in samenwerking met de diakonale instellingen van de kerken. Een logische zaak voor een christelijke omroep. Het is grote onzin, als de professionele hulpverleners daartegen plotseling in het geweer komen, aldus het Friesch Dagblad.

Andere kranten en het Welzijnsweekblad mengden zich al evenzeer in de door Diakonia veroorzaakte opwinding, een opwinding die zich ook aan andere omroepen schijnt te hebben meegedeeld. En dat allemaal omdat de NCRV iets wil met het diakonaat van de kerken: een mooie gedachte, waarop andere opvangers en nazorgers nog niet eerder zijn gekomen. Nu de NCRV op het idee komt, is er schrik en ontsteltenis alom.

Kunt u uitrekenen hoe belangrijk u bent en dat Diakonia gelezen wordt.

Over anderen

Terwijl zich dat allemaal afspeelde zaten mijn vrouw en ik met vakantie in Duitsland, aan de noordkant van de Harz, om precies te zijn. Nou ja, vakantie: het woord Diakonie kwamen wij nogal eens tegen, op straat werd voor “Das Diakonische Werk” gecollecteerd en in de Lutherse kerk preekte de dominee over de barmhartige Samaritaan. Zo blijf je in de sfeer!

Het was in elk geval bijzonder leerzaam om te zien hoe het diakonaat zich bij onze oosterburen presenteert. Wij stuitten b.v. op allerlei affichemateriaal over problemen van groepen, zoals gehandicapten en eenzamen. Het was knap uitgevoerd, al heb ik enig bezwaar tegen een appèl op het geweten, dat niet gepaard gaat met een suggestie om op een bepaalde manier helpend bezig te zijn.

In Göttingen vond ik exemplaren van de Evangelische Zeitung met uitvoerige informatie over “Die Kirche und ihr Geld”. Verder gemeenteblaadjes, brochures over projecten van de hulporganisatie Diakonische Werk (of: Innere Mission), en folders van de instantie voor werelddiakonaat Brot für die Welt. En zo voort. Alles zó mee te nemen voor een door-de-weekse bezoeker van de kerk.

Ergens anders zocht men het meer in uitgaven met meditatieve teksten en bijbelfragmenten à la Jörg Zink, maar ook in folders, waarin bekende televisiesprekers levensvragen als “Waar is God te vinden?” beantwoordden. Het viel mij op hoe uitstekend al dit materiaal was verzorgd. Dat zal wel samenhangen met de andere organisatie van de kerk in Duitsland en met het kerkelijke karakter van heel veel hulpverlening daarginds. Maar toch: men heeft kennelijk oog voor het belang van een goede presentatie, die tevens ertoe dient mensen op te wekken tot dienstbetoon.

Over geld

Terug naar Nederland, en opnieuw het Kerkepad op van de Ruurlose hervormde gemeente. In het septembernummer bracht de diakonie verslag uit over 1976. Aan het eind wordt opgemerkt: “Over samenwerking met onze eigen colleges mogen wij echt niet mopperen. Op onze voorgangers doen wij nimmer tevergeefs een beroep, bij de ouderlingen treffen wij alle belangstelling aan en dankbaar zijn wij voor de sympathie en medewerking van de ouderling-kerkvoogden. De taken mogen verschillend gericht zijn, telkens blijkt weer dat wij met elkaar één Heer dienen”. Zo’n goede sfeer, waag ik te veronderstellen, zal ook in de praktijk van het werk te merken zijn. Niet voor niets wordt gewezen op toenemende samenwerking met de kerkvoogdij en op twee nieuwe taken, die in 1977 hun beslag hebben gekregen: hulpverlening onder de naam “Tafeltje dek je” en het jeugdwerk, dat onder verantwoordelijkheid kwam van de Ruurlose diakenen. Invloed van “Naar een verantwoord beleid”? Je zou het wel denken. Diakenen zijn geen jeugdleiders, aldus het verslag. Het zijn soms wel duizendpoters, doch zij staan met beide benen op de grond. Zij verbeelden zich niets en laten het gaande werk gaarne over aan de jeugdouderlingen en de jeugdleiding. Wat de diakenen wel willen, is: dit werk zoveel als in hun vermogen ligt, te stimuleren. Want jeugdwerk is in onze gemeente bijzonder belangrijk. En als u als gemeentelid meent hieraan te kunnen meewerken, doen wij hierbij gaarne een beroep op u”.

Die twee nieuwe activiteiten in 1977 gaan dus op de diakoniebegroting drukken.

“Als er een tekort zou komen, zou dit komen omdat wij meer diakonaal deden. Met recht zullen wij ons dan ook tot u durven wenden. Want wij fungeren niet als spaarbank, maar dienen de pomp te zijn voor geleiding van de geldstroom”.

Over geld (2)

Over geld wordt ook geschreven in het augustus-nummer van Contact, uitgave van de Diakonale Raad, de Zendingsraad en het Fonds Ontwikkelingssamenwerking van de Evangelisch-Lutherse Kerk, en bestemd voor het kader van deze kerk.

Een zekere T.Z. wijst op het feit dat in sommige gemeenten maar af en toe voor de diakonie wordt gecollecteerd. In Edam gebeurt het al helemaal niet meer tijdens de kerkdienst, in Amstelveen wordt maar 6% van de inkomsten voor diakonale doeleinden bestemd.

Zijn commentaar: “Dat het diakonaat nog elke dag broodnodig is, daarvan zijn de doden door honger en andere oorzaken ook vandaag een gruwelijk teken en bewijs. Zij waren onder ons, hun lijden is zichtbaar aan ons eigen oog voorbij gegaan… en dan gaan we weer over tot de orde van de dag. We hebben er mee leren leven, zeggen we dan…

Is dat christelijk? Wie de dienst van de kerk aan de wereld ter harte gaat — en het is toch immers een onlosmakelijk geheel met ons geloof in een Barmhartige God heeft het tegenwoordig erg moeilijk met de wijze, waarop die dienst In de kerkbesturen leeft en wordt behartigd. (…). Ook al is de taak van de diakonie de laatste jaren veranderd, of beter: aangepast aan de ontwikkelingen op sociaal terrein in ons eigen land, daarmee is nog niet gezegd dat er geen redenen meer zouden bestaan om de diakonie vanuit de gemeente niet krachtig te blijven steunen! M.i. verdubbelen of vertienvoudigen! Dat is christelijk!”

Over geld (3)

Via dat “vertienvoudigen” kom ik op de “tienden”. Er zijn groepen in ons land, die experimenteren met acties om 10% van ieders inkomen te bestemnmen voor de dienst aan de wereld. In West-Duitsland is er een “meneer Tienprocent”, die al een aantal jaren bezig is om mensen bereid te vinden, mèt hem 10 procent van hun inkomen te geven voor het werelddiakonaat. Zou het nuttig zijn in Nederland een gecoördineerde actie te voeren voor zulke 10%-bijdragen?

Die vraag wordt gesteld in het tweede nummer van de Nieuwsbrief van de landelijke werkgroep “Nieuwe levensstijl”, die zijn werk, zoals u weet, op een andere, meer regionale wijze gaat organiseren. De werkgroep vraagt de plaatselijke groepen rond de “nieuwe levensstijl”, of een toekomstige landelijke coördinatiegroep zich met zo’n actie moet bezighouden.

In de Nieuwsbrief treft u verder diverse wetenswaardigheden aan, enkele gedachten over de thema’s “energie” en “inkomen”, de voornaamste inhoud van een brief, die de sectie Sociale Vragen van de Raad van Kerken schreef aan de kabinets(in)formateur Den Uyl, en de nieuwe opzet van de “nieuwe levensstijl” -organisatie, met de contactadressen per regio. Het landelijke secretariaat vindt u op het bureau van onze synode, Carnegielaan 9, Den Haag.

Over kilo’s en grammen

In De Waarheidsvriend van 22 september neemt eindredacteur ir. J. van der Graaf, zoals van een blad met deze naam verwacht mag worden, geen blad voor de mond.

De priester en de leviet gingen ter tempel, belijdend hun rechtzinnigheid, maar de man aan de weg werd opgeraapt door de barmhartige Samaritaan. Zo kunnen er ook wat woorden gewisseld worden bij kerkelijke overgangen. Die lijken soms dieper in te snijden dan gevallen van vervreemding van de kerk. Ik denk niet dat gegeneraliseerd mag worden, maar het komt voor dat het kerkelijk grensverkëer kilo’s weegt en vervreemding van het Woord grammen. Quis non fleret, wie zou dan niet wenen?

Rijdt men door de Amsterdamse Bijlmer, dan ontwaart men in deze stad van de mens slechts torenhoge huizenblokken.

Het snijdt door je heen, ais dan de vraag je bevangt: hoeveel kennen God nog? Zijn de meesten geen zonen van de verloren zoon, die al niet meer weten dat er nog een vader is? Hoeveel procent van de mensen in de steden voegt zich nog bij de gemeente? Bij het licht van deze vragen verbleken veel kerkelijke porobleempjes.

Goed om ermee te besluiten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 oktober 1977

Diakonia | 36 Pagina's

In en om het Diakonaat

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 oktober 1977

Diakonia | 36 Pagina's

PDF Bekijken