Bekijk het origineel

''Schutsluis'' voor werkers overzee

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

''Schutsluis'' voor werkers overzee

Hendrik Kraemer Instituut te Oegstgeest:

6 minuten leestijd

"Ik ga werken bij een kerk in een ander land.
Maar: Wat is dat voor land?
Wat is dat voor kerk?
Waarom ga ik dat doen?
Hoe ga ik dat doen?"
Aan het woord is een technicus die in dienst van de zending van de Gereformeerde Kerken in Nederiand zou gaan werken op het eiland Soemba in Indonesië. Om met deze vragen aan de slag te gaan kwam hij naar het Hendrik Kraemer Instituut te Oegstgeest, samen met zijn gezin. Hij was er enige maanden intern en bezon zich op zijn werksituatie straks.
Reeds vele jaren lang bestond er een nauwe samenwerking tussen de zendingsopleidingen aan de zendingshogeschool van de Nederlandse Hervormde Kerk te Oegstgeest en aan het zendingsseminarie van de Gereformeerde Kerken in Nederland te Baarn. In 1971 werden volgens synode-besluit van zowel de hervormde als de gereformeerde kerken beide opleidingen samengevoegd en werd aan dit nieuwe gemeenschappelijke instituut de naam gegeven van één van de meest inspirerende pioniers van zending en oecumene in deze bewogen twintigste eeuw.
Dit instituut legt zich toe op de opleiding en vorming van werkers, die zich willen inzetten in de zogenaamde "Derde Wereld ".
Deze werkers komen déér in dienst van kerken, regeringen of particuliere instanties. Het Hendrik Kraemer Instituut zendt zelf niemand uit. Het ontvangt van uitzendende en bemiddelende instanties cursisten, om hen vervolgens gedurende kortere of langere tijd voor te bereiden op een bepaalde taak.

Wat is dat voor land?
Deze eerste vraag van de aanstaande zendingsarbeider brengt ons direct al bij één van de aanstaande zendingsarbeider brengt ons direct al bi] één van de vier sporen waarover de opleiding zich beweegt: de bestudering van land, volk en cultuur. Het is ondenkbaar met de mensen in een andere wereld te kunnen omgaan, wanneer je je niet hebt verdiept in hun denk- en leefwereld, en hebt geprobeerd er achter te komen waaróm ze zo doen en zo leven. Hierbij komt natuuriijk direct het tweede spoor van de taal. Wil men de ander van hart tot hart ontmoeten, dan zal men de taal van die ander ook moeten leren gaan gebruiken.

Wat is dat voor kerk?
Het derde spoor waarover de opleiding zich begeeft gaat over de kerk in de wereld, over de missiologie. Natuurlijk komt daarbij de bijbelse grondslag van de zending ter sprake; verder ook de zendingsgeschiedenis, de plaats van de zendingsarbeider, het moratorium, de dialoog met andere godsdiensten, wederzijdse assistentie, ontwikkelingssamenwerking en werelddiakonaat, medische zending en nog veel meer. Het gaat allemaal terug op de opdracht die Jezus Christus eens aan zijn volgelingen gaf en die telkens weer in wisselende situaties om nieuwe vertalingen en toepassingen vraagt. Daarin kunnen we van elkaar en van andere volgelingen in de wereld veel leren.

Waarom en hoe ga ik dat doen?
Het vierde spoor hangt nauw met het voorgaande samen. Het gaat om de vraag van de eigen opstelling. Je moet goed weten waarom je het doet en je moet je daarna ook bezinnen op de vraag op wat voor manier je het gaat doen. De attitude (houding, gedragslijn) is erg bepalend. Met name in het begin is het van beslissende betekenis of men in staat zal zijn een goede relatie op te bouwen. Een arts zei aan het eind van een cursus: "Een juiste attitude lijkt me belangrijker dan een enorme dosis feitenkennis. Het is belangrijker hoe je tegen nieuwe dingen aan gaat kijken, dan dat je bij voorbaat tot in details van deze nieuwe dingen op de hoogte bent."
Het samen bezig zijn met dit soort vragen en de daarmee samenhangende processen valt binnen de werkzaamheden van de andragoog.

Huisgemeenschap
Gedurende de vier maanden dat men de basiscursus volgt is men met z'n gezin opgenomen in de huisgemeenschap. Dit heeft het voordeel van vrouwen van zendingsarbeiders ook geheel aan de cursus kunnen deelnemen. Er wordt voor de gezinnen gezorgd en gekookt en er is voor de kinderen kinder-oppas. Een ander voordeel is dat men ongedwongen in contact komt met verlofgangers en gasten uit de "Derde Wereld", van wie men allerlei practische en ook fundamentele wenken kan ontvangen voor het leven in het toekomstige werkterrein. Uiteraard levert zulk een huisgemeenschap ook problemen op.
Men moet een stuk "privacy" missen, men moet leren omgaan met mensen die men zelf niet uitgekozen heeft. Het blijkt echter, dat wie aanvankelijk met veel aarzelingen binnenkwam, naderhand erkende veel geleerd te hebben juist in deze "schutsluis" naar een andere leefsituatie straks.

Specialisatie
Zendingspredikanten moeten zich na de basiscursus nog een maand of vijf verder verdiepen in taal, cultuur en godsdienst van het land waar ze gaan werken. Zo proberen ze hun inzicht te verdiepen met het oog op hun taak als docent aan een theologische opleiding of als toerustingspredikant in een kerkelijk programma ergens in de wereld. Anderen, zoals bijvoorbeeld artsen, doen hun specialisatie elders op in door anderen georganiseerde tropencursussen of andere bijscholingsactiviteiten.

Een getal
Terugziende op het begin in 1970 verbaast het ons eigenlijk dat we in de afgelopen zeven jaar meer dan 250 mannen en vrouwen konden begeleiden bij hun voorbereiding op een werkkring in dienst van kerk en werelddiakonaat. Het was een bonte rij van mensen, velen met soms nog heel kleine kinderen. Ze vertrokken naar Indonesië, Pakistan, Kenya, Zuid-Afrika, Zambia, Rwanda, Kameroen, Nigeria, Ghana, Suriname, Brazilië en Argentinië.

Andere cursussen
Een ongeveer evengroot aantal cursisten ontvingen we daarnaast op de drieweekse cursussen voor Dienst Over Grenzen.
Dienst Over Grenzen wordt gedragen door de protestantse kerken en bemiddelt voor functies in het onderwijs, het bedrijfsleven, in de landbouw en in de medische sector en ook in kerkelijke projecten.
Naast concrete informatie over het toekomstige werkgebied wordt vooral aandacht gegeven aan achtergrondsvragen en aan de motivatie. In deze cursussen worden geen talen onderwezen. Maar wèl is er voor studenten van alle faculteiten en voor jonge leraren een cursus over het thema " D e rol van kerken en christenen in de twee-derde wereld". Wij willen daarbij deze generatie in kennis stellen van wat zending en oecumene vandaag bezig houdt. Ook organiseerden we in overleg met de commissie Kerk Overzee van de Nederlandse Zendingsraad in het afgelopen jaar vier weekends voor hen die voor het bedrijfsleven willen uitgaan. Het thema "Hoe neem je jezelf mee overzee?" duidt aan dat het ging om bezinning op motivatie.
Kortom, er gaat nogal wat om in dit levende en levendige Instituut!

Dr. D. Bakker is conrector van het Hendrik Kraemer Instituut te Oegstgeest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1977

Kerkinformatie | 32 Pagina's

''Schutsluis'' voor werkers overzee

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1977

Kerkinformatie | 32 Pagina's

PDF Bekijken