Bekijk het origineel

Vloeken is soms gebed

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vloeken is soms gebed

5 minuten leestijd

Het was in het najaar van 1976 de classis Hoogeveen die in de synode de zaak van het 'vloeken' aan de orde stelde. Voor radio en televisie worden steeds vaker vloeken vernomen. Kan de synode daartegen iets doen? Ook ging Hoogeveen in op de vraag waar het vloeken vandaan komt.
Komt het door de verwereldlijking dat er vaker gevloekt wordt? Of door polarisatie?
De commissie die de brief van de classis Hoogeveen had te beoordelen betrok nog andere zaken bij het onderwerp. Rapporteur prof. dr. G. Th. Rothuizen wees er op dat ook Gods Naam gelasterd wordt door de bedreiging van de menselijkheid. Bovendien — en in dat verband noemde hij de Evangelische Omroep — wordt de Naam ook wel eens gebruikt om gewichtige problemen één-twee-drie op te lossen (waarmee je Gods Naam in feite gebruikt om problemen niet op te lossen, en dat is misbruik — betoogde de Kampense hoogleraar ethiek).
De kwestie kreeg onlangs een staartje — of eigenlijk twee. In Hoogeveen zelf is op zondag 8 januari 1978 in bijna alle kerken — een oecumenisch gebeuren dus — gepreekt onder het motto 'Gebruik Gods Naam niet als een stopwoord'. Medewerking was verkregen van de 'Bond tegen het vloeken'.

Raad van Kerken
Een ander gevolg was de aandacht die de Raad van Kerken onlangs schonk aan het misbruik van Gods Naam. De generale synode meende immers ruim een jaar geleden dat de zaak van de bestrijding van het vloeken veel beter interkerkelijk aangepakt zou kunnen worden. De Raad van Kerken benoemde een commissie, bestaande uit de hoogleraren Berkhof, Van Goudoever en Rothuizen en mevr. mr. Van Ruler. Deze commissie kwam met de overwegingen die hier volgen en die gepopulariseerd zullen worden om ze voor iedereen bespreekbaar te maken.

Inventarisatie
Allereerst wordt geï'nventariseerd welke soort vloeken er zijn. Eén stellingname tegenover wat mensen soms uit zeer uiteenlopende motieven doen, is namelijk niet mogelijk.
1. Door sommige mensen wordt gemeenzamer met God omgegaan dan door anderen. Het spreken van deze mensen kan wel eens overkomen als vloeken.
2. Juist in ons 'christelijke' land kennen mensen nogal eens een magische kracht toe aan de goddelijke namen en woorden. Het betreft hier het bezwerende gebruik, bedoeld tot eigen machtsvergroting.
3. De gelijkschakeling van de taal speelt ook een rol. De cultuur is onderhevig aan een democratiseringsproces; wat vroeger 'algemeen beschaafd' heette, geldt nu als elitair. Ook het verschil tussen schrijftaal en spreektaal vervaagt ten gunste van het laatste. In die situatie wordt het vloeken gebruikt om zich ook van de laatste taaitaboes te ontdoen.
4. Ook het gebruik van Gods Naam in uitingen van verontwaardiging, woede en verdriet of juist intense vreugde wordt wel eens voor vloeken aangezien, terwijl men soms juist van een opperste vorm van bidden zou kunnen spreken.
5. In het verlengde van 3 en 4 ligt meestal het misbruik op radio en televisie. Maar dikwijls gebeurt het dan bewust op een schokkende, kwetsende manier. De vloekende wil zich op die manier ontdoen van een kerkelijk of gelovig verleden. De taal wordt het middel om de laatste resten van christelijke gevoelens en waarden op te ruimen. Dit verschijnsel doet zich waarschijnlijk vooral voor in de overgangsfase tussen een christelijke en een geseculariseerde cultuur.
"De naam 'God' is als aanduiding van een werkelijkheid bijna geheel uit ons maatschappelijk verkeer verdwenen. En toch paart zich aan toenemend ongebruik een toenemend gebruik in de zin van misbruik. Het lijkt er op dat de godsleegte toch weer roept om de godsnaam" aldus de conclusie van dit deel van de overwegingen.

Christelijke houding
Het andere deel is gewijd aan de vraag wat de houding van de christenheid dient te zijn. Geconstateerd wordt dat christenen in een seculariserende cultuur zwijgzamer worden over God. Christenen bevestigen — door Gods Naam niet meer te noemen — de godsleegte. Er zijn groepen — onder andere jongerengroeperingen — die daartegen in opstand komen. Maar bij hen is het gevaar dan weer groot dat het ene misbruik met het andere — zie de aanhef van dit artikel — wordt bestreden.
De vijf vormen van vloeken vragen om verschillende reacties. Bij het gemeenzame omgaan met het heilige kan niet in objectieve zin van misbruik worden gesproken. Het magische misbruik van de godsnaam kan men bestrijden door mensen bewust te maken van de motieven waardoor ze zich laten leiden en van de draagwijdte van wat ze zeggen. De mens moet inzien dat dit soort vloeken alleen maar de eigen onmacht demonstreert. Bestrijding van dit soort vloeken is dus een kwestie van opvoeding. De derde soort vloeken vormt een symptoom van een wijdverbreide kwaal: het slordige taalgebruik. Dat symptoom moet niet geïsoleerd bestreden worden, hoewel de pogingen van de Bond tegen het vloeken om mensen tot nadenken te brengen, gewaardeerd moeten worden.
De uitingen van wanhoop of vreugde, door sommigen als een vloek gezien en door anderen als een gebed, vragen in elk geval om de poging van gelovigen om deze nog beter te verstaan en verstaanbaar te maken.

Verontwaardiging helpt niet
Tenslotte de laatste, zeer opzettelijke vorm van vloeken, waaraan radio- en televisie- presentatoren zich nogal eens schuldig maken. De raad van kerken meent dat wie domweg verontwaardigd protesteert z'n tegenstanders het bewijs verschaft dat hun optreden doel getroffen heeft.
Naar de rechter stappen is ook nog niet zo eenvoudig. We leven in een democratisch geordende samenleving, niet in een theocratie. Dat betekent dat de wetgever niet 'religieus' kan straffen. Voor de rechter geldt als norm de gekwetstheid van de burger. Maar dan moeten gelovigen zich de bijbeltekst in herinnering roepen: zegent wie u vervolgen, zegent en vervloekt niet.
Ons tegenwicht bestaat dus voornamelijk in het getuigenis, onze levenswandel. We moeten metterdaad doen wat we van de ander verwachten: het heiligen van Gods Naam. Dan moeten we wel bedenken dat bidden 'Uw Naam worde geheiligd' van ons vraagt, dat we vrijmoedig over deze God en Zijn heil spreken, doortocht gaven aan Zijn liefde voor de schuldige en verdrukte, weerstand bieden aan zelfrechtvaardiging, afgoderij, onrecht en onverzoenlijkheid. (hjv)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 februari 1978

Kerkinformatie | 24 Pagina's

Vloeken is soms gebed

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 februari 1978

Kerkinformatie | 24 Pagina's

PDF Bekijken