Bekijk het origineel

Diakenen laten massaal hun stem horen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Diakenen laten massaal hun stem horen

7 minuten leestijd

’De bern sizze: ús mem is folle kristliker wurden sont se yn’e tsjerkerie sit’.*) Het zal je door je kinderen gezegd worden, wanneer je als huismoeder diaken bent. Zij zelf brengt het in op de eerste bijeenkomst van ’Samen beleid maken’, 30 maart in Leeuwarden. De laatste van de veertien bijeenkomsten hebben we net achter de rug, 27 april in Roermond. Een maand lang ’Samen beleid maken’: één geweldige ervaring, die we delen met ruim 1500 deelnemers, voor het overgrote deel diakenen. Twee keer zoveel mensen hebben ’ja’ gezegd op de uitnodiging mee te werken aan het diakonale beleid als er waren verwacht.

’Samen beleid maken’: honderden diakenen in gespreksgroepen bij elkaar, in een kerkzaal, catechisatielokaal, kerkelijk bureau, op een podium met decor, in een consistorie… in alle denkbare kerkelijke ruimten. ’Samen beleid maken’: een project dat nooit had kunnen slagen zonder de inzet en medewerking van de Provinciale Diakonale Commissies met hun medewerkers. Wat een provinciaal kader waard is, blijkt weer eens bij een gelegenheid als deze overduidelijk.

’Samen beleid maken’: tientallen gespreksleiders en rapporteurs, die hebben gezegd: wij willen die klus wel op ons nemen. Predikanten, diakenen zelf, geïnteresseerde ge meenteleden — ze hebben de gesprekken in goede banen geleid en vastgelegd, er ter plekke verslag van gedaan.

’Samen beleid maken’: kosters en beheerders, die niet schrikken van een ’dubbele opkomst’, maar al improviserend hun zaakjes goed regelen.

’Samen beleid maken’: als staflid van de GDR het land doorkruisen, de diakenen leren kennen zonder wie je het niet kunt stellen. Vertellen watje als GDR nodig hebt, beloven dat terug te doen wat in je vermogen ligt.

’Samen beleid maken’: een stukje in een kerkblad zoals dit (hervormde gemeente Ruurlo). ’De GDR is doende een nieuw diakonaal beleidsplan op te stellen… Per provincie worden er vergaderingen belegd… Een goed beleid dient ’vooruit’ te zien.

Waarom wij u dit melden? Och, het is wellicht wel leuk te weten dat diakonaal handelen niet ophoudt bij de collectezak op zondag. Bovendien zijn suggesties van gemeenteleden omtrent te verrichten diakonale taken altijd welkom.’

’Samen beleid maken’: de afgelopen maand was het begin.

Verslagen

Van elke bijeenkomst is een beknopt verslag gemaakt. Iedereen, die een ’hearing’ heeft bijgewoond, krijgt alle verslagen: herinnering aan wat er op de eigen bijeenkomst is gezegd, informatie over de andere plaatsen. Intussen wordt op de GDR al het materiaal geordend, dat wil zeggen de rapportage van zo’n 150 gespreksgroepen, oftewel 450 uitvoerige antwoorden op de gestelde vragen. Het is nog te vroeg — zeker op het tijdstip dat we dit artikel schrijven — om allerlei conclusies te trekken uit de ’hearings’. Wel kunnen we een paar grote lijnen trekken langs die punten die bijna altijd naar voren zijn gekomen.

Toerusting

Diakonaat is een zaak van de hele gemeente en de diaken handelt in naam van die gemeente. Tenminste, zo behoort de situatie er uit te zien. Maar in de praktijk blijkt er vaak een grote afstand te zijn tussen diakonie en gemeente en berust het diakonale werk voornamelijk of uitsluitend bij de diakenen. De gemeente moet zich (weer) bewust worden van haar diakonale taak, is er veelvuldig gezegd. Met onmiddellijk daar achteraan de vraag: hoe doe je dat dan? Bovendien, wil je als diaken de gemeente in gang zetten, dan moetje voor jezelf goed weten:

— waarom je diakonaal bezig bent,

— wat je wil bereiken,

— wat je nodig hebt.

(De bezoekers van de bijeenkomsten zullen deze termen bekend voorkomen.)

Dit alles vraagt om toerusting en vorming, zowel van diakenen zelf als van de gemeente als geheel. Dit is meer dan informatie geven, hoe zinnig die op zichzelf kan zijn. Het gaat er immers niet om wat we weten, maar hoe we die kennis omzetten in ons leven en werken.

Verlegenheid

Veel diakenen verkeren in verlegenheid. Menigeen heeft dit voor zichzelf toegegeven èn tegen anderen uitgesproken. Dat is al heel wat. Je niet groot hoeven te houden, maar in alle eerlijkheid kunnen zeggen: ik weet niet meer wat ik met het diakonaat aan moet. Ik kan het anderen zo moeilijk duidelijk maken wat diakonaat betekent. Ik voel me soms alleen staan. Ik weet dat ik nodig ben, maar hòe speel ik wààr op in? Dit levert een vrij somber beeld op. Maar er is meer gezegd. We denken aan een antwoord op de vraag of we als diakenen nog wel geloofwaardig zijn: om geloofwaardig te zijn moetje zelf geloven. En er waren veel tekenen van dat geloof.

Jongeren

Hoe betrekken we de jongeren bij het diakonale werk? Wat wil zeggen: geen klussen laten opknappen door jongeren, maar ze werkelijk betrekken bij de diakonale beleidsvorming en -uitvoering. Achter de vraag steekt de constatering dat, in het algemeen, jeugd zich afzijdig houdt van het diakonaat — of het diakonaat zich te weinig aan de jeugd gelegen laat liggen. Maar het diakonaat moet ook die jeugd hebben, wil het de toekomst hebben.

Geld

’Op de rand van de gulden moet niet staan ’God zij met ons’, maar ’God zij ons genadig’ als het om de besteding van het geld gaat’.

Een opmerking in Zwolle onder het hoofdstuk: wat doen we met ons geld? Een diakonie mag niet potten, er moet met levend geld worden gewerkt, er zou commercieel gedacht dienen te worden, bezit is een last. Ook hier zien we verlegenheid. Weten of aanvoelen dat ’t anders moet, maar hoe? Nieuwe bestemmingen vaststellen?

Komen we dan niet in politiek vaarwater terecht? Omwille van de lieve vrede in de gemeente worden veranderingen vaak niet doorgezet, of wordt de discussie al niet aangegaan.

Werelddiakonaat

We hebben het over noodzakelijke vorming gehad. Dat heeft ook betrekking op het werelddiakonaat. Er waren duidelijk signalen van een nieuwe benadering: ons eigen levenspatroon kritisch bekijken, ons metter daad laten gezeggen door mensen uit de ontwikkelingslanden, werelddiakonaat niet alleen met een project bedrijven. Maar er zijn versterkers nodig om die signalen door te laten klinken.

Dit beeld is erg onvolledig, ook omdat er over één thema nog niets gezegd kan worden: rekenschap, de kern van de zaak waarnaar we toe hebben gewerkt in de veertien bijeenkomsten. De zomerconferentie zal de antwoorden opleveren op de vragen, die we daarvoor aan elkaar stellen.

Visie en werk

En dan? Algemeen secretaris dr. Douwes heeft steeds gewaarschuwd voor te hoge verwachtingen: een kerk, een diakonie, nog minder een leven verander je van de ene dag op de andere, nog niet van het ene jaar op het volgende. Er ontwikkelt zich nu een visie op de toekomst, die stelselmatig ’vertaald’ zal moeten worden in het diakonale werk op alle niveaus — gemeente, provincie, land.

Vandaar dat ’Samen beleid maken’ doorgaat, ook na de aanbieding van het diakonale beleidsplan aan de kerk op de synodevergadering in november.

In Leeuwarden kwam dr. Douwes terug op de opmerking ’ús mem is kristliker wurden’. Hij noemde die bemoedigend, ’een bevestiging van de hoop en de wetenschap, dat deze dienst jezelf rijker maakt’.


*) Voor wie geen Fries verstaat: ’De kinderen zeggen: moeder is veel christelijker geworden sinds ze in een kerkeraad zit.’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Diakonia | 32 Pagina's

Diakenen laten massaal hun stem horen

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Diakonia | 32 Pagina's

PDF Bekijken