Bekijk het origineel

Dit zijn de mensen om wie het gaat

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Dit zijn de mensen om wie het gaat

11 minuten leestijd

Het werelddiakonaat draagt via de Raad voor de Zending bij in de kosten van vormingswerk in Irian Jaya (voormalig Nieuw Guinea). Het vormingscentrum van de evangelische christelijke kerk staat in Abepura op 40 kilometer van de hoofdstad Jayapura. De laatste jaren berust de leiding van het werk bij mevrouw Werimon en mevrouw Ans Meijer.

Enige weken geleden kregen alle ”Oegstgeest mensen” in Jayapura een brief van de afdeling Publiciteit van het zendingsbureau. Een beroepsfotograaf, die een reis naar Indonesia maakte, zou op verzoek van de Raad voor de zending Jayapura aandoen en van onze werkzaamheden een serie foto’s of dia’s maken. Dit ter aanvulling van de serie die het zendingsbureau ter beschikking van belangstellenden stelt voor voorlichtings-avonden, enz. Een goed initiatief, dat door ons met instemming werd begroet. Hoe dui-delijker de voorlichting in Nederland, hoe beter dat is voor het werk in de kerk hier.

’t Is hier altijd hollen of stilstaan, dat bleek nu ook, want diezelfde dag arriveerde de fo-tograaf al. Hij had ruim een week de tijd en wilde graag ons allen om beurten bezoeken. Dus ging ik eens aan het denken hoe ik dat met het internaat zou kunnen inkleden. On-gelukkigerwijs viel echter ook zijn bezoek samen met de paasvakantie, zodat heel wat meisjes afwezig waren. En de dag dat hij bij ons kwam, tweede paasdag in de namiddag, hadden we met een groep gepiknikt aan het strand en waren dus niet op ons voordeligst. Ook het weer was niet zo helder meer. Al met al is de serie over het meisjesinternaat Jayapura volgens mij niet om over naar huis te schrijven.

Piekerend over deze teleurstelling gingen mijn gedachten ongeveer als volgt: stel eens dat er wel genoeg licht was geweest, dat alle meisjes er geweest waren en zich hadden la-ten fotograferen in de eetzaal, de keuken, de slaapkamers, de recreatieruimte, bij het naambord, bij de auto: wat voor spectaculairs was daar eigenlijk aan geweest? Meisjes aan een eettafel, bij een petroleumkomfoor, op een stapelbed vind je in heel Indonesia, in de hele wereld. Het eigenlijke van dit soort werk valt niet te fotograferen. Een gesprek met een meisje, een terechtwijzing, een uitloting kun je niet op een moment vastleggen. Op de momenten datje samen plezier of verdriet hebt, is er geen fotograaf aanwezig.

En nu wil ik als voortzetting van die fotoserie, als aanvulling of toelichting graag een paar close-ups maken, waarmee dit soort werk meer benaderd wordt. En ik wil u als meelevende classis of werkgroep of vrienden even een doorkijkje geven naar datgene wat de beste beroepsfotograaf met de modernste apparatuur niet kan vastleggen.

Een paar meisjes haal ik eens wat dichterbij.

Man naar haar keuze.

Atha. Afkorting van Martha. Slank figuur, mooie grote ogen, een beetje melancholiek, vrij blanke huidskleur. Studente aan de faculteit voor opvoedkunde. Eerste deel van de studie met goed gevolg afgemaakt, bezig aan het laatste deel van haar scriptie. Bij ons sinds eind 1973. Het laatste jaar als assistente, mijn rechterhand mag je wel zeggen. Haar ouders wonen in Sorong, vader is gepensioneerd employé van de grote petroleummaatschappij. Atha is in 1974 voor het laatst thuis geweest.

Ze heeft een vriend, net klaargekomen aan de universiteit, waar ze al jaren mee omgaat, al vanaf haar Sorongse schooljaren. Maar deze vriend is een Islamiet. Een bijzonder aardige en beschaafde jongen.

Atha’s ouders zijn echter niet zo met de keus van hun dochter ingenomen. Toestemming voor een huwelijk geven ze alleen als hij Christen wil worden. En dat wil hij niet. Dus nu is Atha het internaat uitgegaan en woont met hem ergens in een onvoorstelbaar klein huisje, zonder keuken, badkamer of w.c. Voor water zijn ze afhankelijk van een riviertje waar ieder in de buurt zijn sanitaire behoeften doet. Maar ze kan het wel aan, want ze is samen met de man van haar keuze.

Makkelijk is het leven niet, er komt een baby in juli, maar ik heb hoop dat ze het wel redden zal, ze is handig, intelligent en ze heeft steun aan haar geloof, want zij is een welbewust Christen.

Voor mij blijft de vraag: had ik haar moeten tegenhouden?

Haar de vriendschap met deze man moeten afraden? Had ik — als ik dat al gekund had — haar los moeten maken van deze vriendschap? En misschien de weg geopend voor een vriendschap met een ander, die wellicht minder van haar houdt, haar niet trouw is, of een losbol, of een dronkaard, zoals zo vaak gebeurt. Zij kiest dit leven zelf, heeft er een breuk met haar ouders voor over. We blijven in de verte met haar en haar gezin meeleven en hopen dat de band een officiële bevestiging krijgt.

Stem voor de kerk.

Willy, klein, mager, vriendelijk. Vierdejaarsstudente, ook al aan de faculteit opvoedkunde. Haar ouders zijn ”gewone” kampongmensen. Willy kon en wilde verder leren. Opleiding voor godsdienstlerares, daarna naar de universiteit. Geld voor studie, boeken, internaat, kleding, heeft ze niet, krijgt ze ook niet van thuis. Familie in de stad spijkert af en toe wat bij. De eerste jaren hier in ’t internaat — ze is al drie jaar bij ons — verdiende ze haar maandgeld met het naaien van kinderbroekjes en klamboes. Nu is ze ook assistente, hoeft dus geen internaatsgeld meer te betalen.

Ze is verloofd met een jonge predikant, die twee jaar geleden klaar kwam en nu in een afgelegen classis werkt. Die jongen boft dat hij haar straks als vrouw krijgt, een flinke meid, goed opgeleid, met een warm hart en vaardige handen. Hij is zelf ook een flinke vent. Straks een steunpilaar in de kerk, dit echtpaar.

De laan uit…

Paulina, groot, dik, vrolijke knappe snuit, l eerlinge van de pedagogische academie tweede klas. Werd na de vakantie terugbezorgd met de boodschap dat er extra op haar gepast moest worden. Want ze had betrekkingen met een jongeman waar haar vader bezwaar tegen had. Alleen naar huis als pa haar komt halen, opletten als ze alleen uitgaat, dat ze op tijd terug is, enz. Het gevolg was, dat ze zich vastgespijkerd ging voelen, terwijl haar vriendinnen onbekommerd overal heen mochten. Ze deed pa een brief toekomen, waarin ze hem voor een gesprek met mij uitnodigde en kwam dat bezoek bij mij aankondigen. Open en eerlijk ging dat. Een leuk gesprek had ik eerst met haar en later met haar vader. Toch ging ze smoesjes bedenken om met die vriend samen te zijn. Ze kwam steeds later thuis en had dan altijd wel een uitvlucht. Tot ze zelfs beweerde malaria gekregen te hebben en in slaap gevallen te zijn. Nu, zei ik, als je malaria hebt, mag je morgen helemaal niet weg, je slikt maar pillen en blijft in bed. Maar de volgende dag bleek ze toch naar een basketbalwedstrijd te zijn gegaan. Woedend was ik. Gelukkig kwam haar vader, zodat ik stoom kon afblazen, ik verzekerde hem dat ik haar de laan uitstuur als zoiets nog eens gebeurt. Met deze vader kan je rechtstreeks contact hebben en dat heeft zijn voordelen.

Radde Tong.

Oppie, afkorting van Oktofina. Flinke meid om te zien, kaarsrechte gestalte, heersersblik, radde tong. Te rad soms, want ze raakt er wel eens mee in conflict met anderen.

Vond een steentje in de rijst en verweet de kokkieploeg dat ze haar varkensvoer te eten gaven. Huilpartijen aan tafel. Zelf is ze ook gauw in tranen want ze kan niet hebben dat een ander haar een standje geeft. Tweedejaarsstudente aan de faculteit voor rechten en handelswetenschappen. Onbetwist een leidster van haar kamer. Aanpakken met stevige hand en een grapje op zijn tijd.

Hartgebrek

Ina, lief gezichtje, grote bos haar. Dochter van een onderwijzer in het binnenland. Zit nog op de eerste middelbare school. Ina werd eind vorig jaar ziek en klaagde over pijn in haar borst. We gaven eerst obat tegen malaria, maar dat hielp niet genoeg.

Brechtje stuurde haar met een briefje naar de dokter. Die constateerde een hartgebrek, vermoedelijk door rheuma opgelopen.

Ze mag nu geen zout meer hebben en moet elke dag een pil slikken om geen malaria meer te krijgen. Want alle inspanning, en dus ook een malaria-aanval, kan fataal voor Ina zijn.

Eens kreeg ze toch malaria. En toen kwam ’t hoge woord eruit: die pillen had ze maar vergeten. Mag ik even boos worden?

Ze mag geen tuinwerk doen, dat is wel eens een beetje moeilijk om aan de andere meisjes te ”verkopen”. Moest ik een speciale toespraak voor houden. Sindsdien kookt de keukenploeg altijd een zoutloos potje voor haar apart. Wat wordt de toekomst voor Ina? Kinderen krijgen zal een bezwaar voor haar zijn. Een eigen huishouding met alle inspanning vandien ook. Dus zal ze zich goed moeten ontwikkelen in het intellectuele vlak om de strijd in het leven met hoofdarbeid te kunnen leveren. Van haar ouders is alle begrip en medewerking te verwachten.

Aanpakken met zachte doch besliste hand, want ze mag ondanks alles niet lui worden.

Huwelijk regelen.

Ruth. Oud leerlinge van de PLPS, het sociaal centrum aan de overkant. Doet sociaal werk in Padang Bulan. Klein en dik, mooie ogen, mooi gebit. Ze leidt een meisjesclub, naait met zwangere vrouwen, houdt zondagsschool en helpt op de polikliniek, verzorgt op andere dagen ook kinderen met wonden.

Haar moeder kwam plotseling te overlijden. (Haar vader leefde al een tijd gescheiden van haar moeder.) De broer van haar moeder vond het tijd om een huwelijk voor haar te regelen. Dat ging als volgt.

Een dochter van die oom was beloofd aan een man in een naburig dorp, een man waar weinig vanuit gaat, die niet werkt of studeert, maar op de zak van zijn familie leeft. Het meisje werd op de gestelde tijd naar het dorp van de man gebracht en de bruidsschat werd gedeeltelijk betaald. Maar het meisje bleek niet gezond en kon dus niet aan de echtelijke plichten voldoen. Reden voor de familie van de man om de bruid terug te sturen en een ander te eisen. U snapt het al: dat is onze Ruth. Dat ze daar geen zin in heeft, is meer dan duidelijk. Ze heeft bovendien al een andere uitverkorene. Haar vader is het gelukkig ook niet eens met de gang van zaken, zoals die door de familie van haar moeder wordt bekonkeld en heeft zeker ook zijn zegje te doen over de toekomst van zijn dochter. Hij geeft zijn toestemming niet. Voorlopig is alles weer van de baan, maar onzeker blijft het voor Ruth, want als pa plotseling een andere mening krijgt? Hij heeft geëist dat ze hem alle kosten die hij ooit gemaakt heeft voor haar opleiding voordat ze haar uithuwelijken, moeten terugbetalen. Hij is er vrijwel zeker van dat ze dat toch nooit kunnen betalen. Maar het moet voor Ruth wel een dreiging op de achtergrond van haar bestaan zijn. Veiligheid moet ze dus vinden in het internaat.

Meetellen…

Zo zou er over alle 58 meisjes uit het internaat wel wat te vertellen zijn. Ik heb maar een greep gedaan. Maar weest u ervan overtuigd dat alle Johanna’s en Elizabeths, Maria’s en Selfiana’s hun eigen inbreng hebben in het grote geheel dat ”Wisma Pdt. Yan Mamoribo” heet.

Denkt u eens aan ze? Als vrouw in een land waar de vrouw nog maar net begint mee te tellen, hebben ze het moeilijk om zich waar te maken. Als studentes aan een universiteit waar meisjes ver in de minderheid zijn zijn hebben ze problemen om zich gelijk-op met de jongens te ontwikkelen. Wij helpen een handje mee, weinig spectaculair, ik zei het al, met kleine dingen, een praatje hier, een duwtje daar. We hopen dat ze in de jaren dat ze bij ons wonen in ons internaat iets merken van de christelijke naastenliefde, verantwoordelijkheid voor elkaar en zichzelf. Zo hopen we mee te doen aan de vorming van de toekomstige toplaag van deze maatschappij.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juni 1978

Diakonia | 28 Pagina's

Dit zijn de mensen om wie het gaat

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juni 1978

Diakonia | 28 Pagina's

PDF Bekijken