Bekijk het origineel

Geloofsgetuigenis maakte veel los

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Geloofsgetuigenis maakte veel los

Deputaten: proces kanaliseren in catecheseproject

5 minuten leestijd

Met de proeve voor een eenparig geloofsgetuigenis, die de hoogleraren dr. G. C. Berkouwer en dr. Herman N. Ridderbos op verzoek van de synode van Dordrecht (71/73) hebben opgesteld, zijn velen in onze kerken en ook sommigen daarbuiten heel intensief bezig geweest. In totaal kwamen er niet minder dan 136 reacties op binnen, variërend van kernachtige brieven tot hele boekwerken. Uit de eigen kerken is de kritiek over het algemeen vrij gematigd en vermengd met lof.
Reacties van oecumenische relaties, zoals de hervormde kerk, het contactorgaan van de gereformeerde gezindte, de Zuidafrikaanse Dopperkerk, zijn, hoewel in alleriei gradaties, afwijzend. Dit zeggen deputaten die de reacties op waarde moesten schatten (evalueren) om vervolgens na te gaan of de proeve en eventueel de reacties daarop een weg zouden kunnen zijn tot het formuleren van een nieuw kerkelijk belijdenisgeschrift.
In dat laatste zien deputaten "evaluatie eenparig geloofsgetuigenis", zoals ze officieel heten, geen heil, zo blijkt uit hun omvangrijke rapport dat ze de synode hebben aangeboden. Uit de reacties werd namelijk duidelijk, dat men de proeve geen kerkelijke status wil geven. Maar aan de andere kant is gebleken, dat de poging als zodanig veelal is toegejuicht. Er bestaat, aldus deputaten, blijkbaar behoefte met het belijden bezig te zijn. En dat roept weer de vraag op of aan de gemeente in dat verband geen actuele handreikingen moeten worden gegeven.
In hun toelichting zeggen deputaten onder meer, dat het ondoenlijk was de reacties te 'wegen'. Want ook al heeft een respectabel aantal kerken, groepen en personen gereageerd, daaruit kunnen geen conclusies worden getrokken over de vraag in hoeverre de reacties representatief voor de kerken kunnen worden geacht. In de reacties zijn dikwijls de eigen vragen en zorgen verwerkt, wat niet onjuist is. Alleriei mogelijkheden en verwachtingen komen daardoor naar voren, zoals: kan er via een geloofsgetuigenis als dit een einde komen aan kerkelijke en theologische meningsverschillen en onhelderheden?
Kan er via de proeve een koppeling komen van het oude belijden naarde vragen inclusief de dwaalleer van onze tijd? (voor velen komt het 'nu' in de proeve onvoldoende of helemaal niet naar voren).

Samen zeggen
Sommigen hebben geprobeerd de proeve in kerkdienst en catechese te testen. Over het algemeen was de conclusie, dat de proeve te weinig vanuit de catechese geschreven is om daarvoor te kunnen dienen. Maar weinigen hebben het hele geschrift gelezen met de leidende vraag: Wat kunnen, moeten en mogen wij als gereformeerden samen nu zeggen over ons geloven, terwijl dat in de proeve toch niet weinig werd gedaan!
Moet uit de reacties nu de conclusie worden getrokken, dat de tijd blijkbaar nog niet rijp is voor een nieuw belijden? Deputaten vinden dat niet zonder meer juist. Je kunt namelijk ook de conclusie trekken, 'dat de route die werd ingeslagen: het verwoorden van de proeve en deze aan de kerken voor te leggen, wel tot het voor ons liggende resultaat moest leiden', ook al was die route volgens de kerkorde helemaal juist. Anders gezegd: als in het (verre) verieden belijdenissen op deze manier aan de kerken zouden zijn voorgelegd, zou vermoedelijk precies hetzelfde zijn gebeurd!
Maar al hebben deputaten niet de vrijmoedigheid de synode te adviseren tot 'invoering' of 'herschrijving' over te gaan, er is wel een alternatief. En dat zou dan kunnen zijn dat de synode, op grond van haar pastorale verantwoordelijkheid, de proeve aan de kerken aanbiedt als een handreiking bij het belijden.
Zowel de inhoud als de ontvangst van de proeve wettigen die stap, temeer, daar het op de proeve gevolgde proces dat in de gemeenten op gang kwam, zo waardevol is gebleken.
Deputaten zijn niet zoveel vooriaeelden bekend, dat zóveel groepen van alleriei variatie en samenstelling zich op zo'n manier met het belijden van de kerk hebben beziggehouden.
Iets van een parallel is te zien bij het project 'Rekenschap van de hoop' (het geloof) dat door de Wereldraad van Kerken werd opgezet en dat ook in ons land werd uitgevoerd.
Daarbij bleek ook, dat het meest waardevolle niet zat in de 'eindtekst' die tot stand kwam, maar in het proces-zelf: zoveel mensen en groepen, die onder woorden trachtten te brengen wat voor hen de kem is van hun geloof en hoop.
Deputaten stellen daarom de synode voor de proeve van een eenparig geloofsgetuigenis, zonder die nu direct een status te geven als belijdenisgeschrift in de zin van de kerkorde, te beschouwen als een kerkelijke handreiking tot het belijden en deze aan de kerken aan te bevelen als een samenvatting van de hoofdzaken van ons kerkelijk belijden. Verder wordt onder meer voorgesteld te gaan overwegen en onderzoeken of het niet gewenst is, als een vervolg op het proces dat de proeve heeft losgemaakt, te komen tot een catecheseproject voor heel de gemeente. Als doelstelling zou daarbij centraal kunnen staan het vernieuwen van de vertrouwensband met de belijdenis en het in de praktijk brengen daarvan, wat alleen maar heilzaam kan zijn om de gemeente tot een betere leeren geloofsgemeenschap toe te rusten.


Fotobijschriften
Berkouwer
Ridderbos

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 oktober 1978

Kerkinformatie | 32 Pagina's

Geloofsgetuigenis maakte veel los

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 oktober 1978

Kerkinformatie | 32 Pagina's

PDF Bekijken