Bekijk het origineel

Nieuwe ouderlingen hebben meer voorbereiding nodig

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Nieuwe ouderlingen hebben meer voorbereiding nodig

Experiment met informatiedagen

6 minuten leestijd

De bureaus van het Dienstencentrum hebben, steeds met andere deelnemers, in Leusden, drie informatie- en oriëntatiedagen voor nieuwe ouderiingen gehouden. Als experiment. Niet alle bureaus konden, doordrukte, op de overeengekomen data een vertegenwoordiger leveren. Ook is het conferentiegedeelte van het Dienstencentrum bijna elke zaterdag bezet voor activiteiten van het Toerustingscentrum. En die ruimte heb je nu eenmaal nodig voor het ontvangen van groepen
Hoe het begon? Niet zo groot van opzet. 'Moeten we niet nog eens een open huis organiseren, zoals vlak na de opening van Leusden?' was de vraag, waarmee het plan geboren werd.
Die werd gesteld in het werkoverieg tussen de bureaus onder 'het ene dak'. Het antwoord was, dat je daarmee dezelfde mensen trekt, die twee jaar geleden de stallen al kwamen bezichtigen. De invalshoek werd anders: zijn er eigenlijk geen onvolkomenheden, zogenaamde 'witte plekken' in onze dienstverlening aan de kerken? De kerkstructuur mag dan onder meer presbyteriaal heten, maar wat doen we voor de ambtsdragers, wiens 'opzienerschap' van dit moeilijke woord is afgeleid: de ouderiing? Diakonieën, zendingsen evangelisatiecommissies hebben hun eigen landelijke bureaus. Voor ouderiingen is zon 'instituut' er niet.

Inspringen
In de vergadering werd dan ook afgesproken: laten we voor nieuwe ouderiingen samen iets doen, dus met de bureaus die vaker de ouderiing bijstaan — want, die zijn er natuurlijk wel: gemeenteopbouw, toerustingscentrum, bijvoorbeeld — èn de bureaus die zich eigenlijk op andere doelgroepen richten: zendingscentrum, evangelisatiecentrum, algemeen diakonaal bureau. Ook het deputaatschap pastoraat werd erbij betrokken.
Afgesproken werd dat we niet aan toerusting zouden doen (we kozen voor de termen: informatie en oriëntatie) en dat het zou gaan om de beleidsaspecten van het ouderling zijn. Als kerkeraadslid moet de ouderiing, samen met predikant en diakenen, het beleid van de plaatselijke kerk bepalen. Pastoraat zou op de informatie- en oriëntatiedagen dus gewoon één van de werksoorten zijn waarop dat beleid betrekking moet hebben. Dat de verwachtingen van de deelnemers in dat opzicht anders gestemd zouden zijn, kon tevoren wel worden vermoed, maar om die reden •was één en ander ook duidelijk naar voren gebracht. Evenwel de behoefte aan pastorale toerusting is kennelijk zó groot, dat sommigen toch teleurgesteld waren dat die in het programma ontbrak.

Verwachtingen overtroffen
We lopen inmiddels op de feiten vooruit.
Want eerst moest nog gepeild worden of er wel belangstelling was. Je weet dat maar nooit als je de doelgroep beperkt tot nieuwe (zojuist bevestigde) ouderiingen en je de dag belegt op de weinig populaire zaterdag — de enige die nog beschikbaar was — van de herfstvakantie. Het aantal aanmeldingen overtrof echter de stoutste verwachtingen: 275 gegadigden.
In allerijl werd op de zalen van het Dienstencentrum beslag gelegd voor nóg twee van die ongelukkige zaterdagen: een week voor Kerst en een week na de jaarwisseling. Afvallers voor de eerste dag werden opnieuw aangeschreven en ondanks deze ongunstige omstandigheden — inclusief de bar slechte berijdbare wegen vanwege ijzel en sneeuw — werden de drie gehouden ontmoetingen tezamen door bijna tweehonderd ouderiingen bezocht.

Goed en zinvol, maar druk
De reacties van de deelnemers en de vijftien functionarissen, die elk van de drie zaterdagen in de weer waren, ontliepen elkaar niet zo veel. Goede en zinvolle ontmoetingen, goed georganiseerd, maar wel erg overdadig in de informatieve sfeer. Zo luidde de algemene indruk. Dat er van een teveel aan informatie gesproken zou worden hadden de organisatoren tevoren al begrepen. Maar wat wil je? Elk bureau maakt graag van de gelegenheid gebruik deze groep — waarvan de geografische spreiding over heel het land opviel — te vertellen in welke gevallen een beroep op landelijke functionarissen zinvol kan zijn. En moetje de mensen naar Leusden laten komen om ze met twee van de elf bureaus in contact te brengen? Bewust was gekozen voor een opzet waarbij iedere deelnemer, zoveel mogelijk naar eigen keuze, met minstens de helft van de bureaus geconfronteerd zou worden.

Kerkleden willen best wat doen, maar. . .
Met de inleider op deze informatie- en oriëntatiedagen voor nieuwe ouderiingen, secretaris J. G. Pekelharing van het deputaatschap gemeenteopbouw, praatten we nog wat na. Eén van zijn indrukken is dat het niet alleen in het landelijk kerkelijk apparaat ontbreekt aan systematische toerusting en begeleiding van ouderiingen. 'Hoe vaak hoorden we de deelnemers niet verzuchten: we zijn zomaar voor de leeuwen gegooid. We werden zonder meer de gemeente ingestuurd en werden ook geacht plotseling over van alles en nog wat te kunnen meebeslissen'.
In zijn inleiding, over 'ouderiing-kerkeraadplan', had de heer Pekelharing al opgemerkt, dat de moeite die het kost om ouderiingen te vinden ook wel eens hiermee kon samenhangen! De ervaringen van drie informatiedagen overdenkend zegt hij nu: 'Na zulke dagen kan ik nog minder geloven dat het probleem is dat de mensen niets meer voor de kerk willen doen. Als ik hoor wat deze mensen, die uiteindelijk wel ouderiing zijn geworden, allemaal willen, dan denk ik dat de vraag veel meer is: zijn de omstandigheden zodanig dat mensen wat ze willen en verwachten ook waar kunnen maken? Ook gereformeerde kerkleden zien tegenwoordig gemakkelijker af van een taak waarvan ze — dikwijls terecht — het idee hebben dat ze niet voor de helft zullen kunnen doen wat er van hen verwacht wordt.
Maar voor taken die duidelijk afgebakend zijn kan je nog altijd genoeg mensen vinden...'

Kaderschool ontbreekt
Naast de al gesignaleerde grote behoefte aan pastorale training viel de secretaris van gemeenteopbouw nog iets anders op: 'Er werden erg veel algemene vragen gesteld. Bijvoorbeeld: hoe beroep je een predikant, of: hoe ontwerp je een werkplan voor de kerkeraad, en: hoe zit die kerkelijke structuur nu precies in elkaar, of: waar moet ik aankloppen met gedetailleerde problemen in het samen-op-weg gaan met hervormden?
Veel van die vragen worden niet zo maar beantwoord in bestaande literatuur. Hier wreekt zich dat de vooroorlogse 'kaderschool' niet meer functioneert, toen een willekeurige JV-er dit soort vragen wist te beantwoorden. Ik vind dat er daarom plaatselijk op nieuwe manieren aan kadervorming gedaan moet worden en onze taak als landelijke functionarissen is het te zorgen dat de benodigde informatie als het ware voor het grijpen ligt', aldus de heer Pekelharing.

De nieuwe ouderlingen die Leusden bezochten konden ook een kijkje nemen in de bibliotheek... waar sommigen de tijd vergaten!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1979

Kerkinformatie | 24 Pagina's

Nieuwe ouderlingen hebben meer voorbereiding nodig

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1979

Kerkinformatie | 24 Pagina's

PDF Bekijken