Bekijk het origineel

Van oude naar nieuwe levensstijl

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Van oude naar nieuwe levensstijl

Kunnen wij dat meemaken?

6 minuten leestijd

U — of jij — zou kunnen denken, dat nieuwe levensstijl vooral een kwestie is van lezen. Je moet ontzettend veel lezen — kranten, tijdschriften, brochures, boekjes. Nu ook dit geschrift . . . De bijbel ligt natuuriijk al heel lang op tafel.
Je moet er maar zin in hebben. Tijd ervoor hebben. Je moet het ook maar kunnen. Natuuriijk, iedereen kan lezen (hoewel...?).
Maar het behoort lang niet tot ieders dagelijks werk. En dan in je vrije tijd al die betogen en redeneringen lezen, — dat moet je wel willen.
Je hoort dan ook weleens zeggen, dat nieuwe levensstijl de zoveelste luxe is voor een kleine bevoorrechte groep. Voor de mensen die van lezen hun werk hebben kunnen maken en in hun vrije tijd daar gewoon mee doorgaan, voor wie dat geen moeite kost.

Beroep op de bijbelse boodschap
Het is ook de enige moeite nog niet. Want ik denk nu aan — laten we maar zeggen — de beschuldiging die ons in de schoenen geschoven wordt, dat onze stijl van leven niet goed'ts. In ieder geval 'oud' is. De bedoeling is immers een 'nieuwe' — nieuwe levensstijl.
De spanning stijgt nog, wanneer blijkt dat dit niet alleen maar een kwestie is van smaak; de één houdt van antiek, de ander van modern. De kwestie ligt moeilijker. Het hoge woord moet er maar uit: nieuwe levensstijl beroept zich op de boodschap van de bijbel. Deden we dat, of doen we dat, in onze oude levensstijl dan niet?*
We horen al in zon vraag, dat we hier makkelijk ruzie over zouden kunnen krijgen. En dat gebeurt ook wel. Maar dat is natuuriijk niet de bedoeling. Dit is ook niet het nieuwe, waardoor nieuwe levensstijl zich onderscheiden wil van onze oude. Elkaar beschuldigen en verwijten maken is zo aftands als deze oude wereld.
Het is wel zo, dat wij ons door nieuwe levensstijl geraakt kunnen voelen op een aantal gevoelige punten. En het is goed om dat tegen elkaar te zeggen.
Het gevoeligste punt lijkt mij nog niet eens, dat 'nieuwe levensstijl' als beweging aan ons sjort en trekt om ons mee te krijgen in een andere manier van omgaan met geld, goederen, aarde, mensen, arbeid, tijd, samenleving (dit is het rijtje). We gingen immers toch al wel begrijpen, dat we op de oude manier niet door konden blijven gaan. Niet alleen uit 'welbegrepen' eigenbelang. Maar ook omdat behalve de televisiebeelden over honger en armoede in de wereld, eveneens wel iets tot ons is doorgedrongen van wat de bijbel altijd al gezegd heeft over rechtvaardigheid-en opkomen voor onderdrukten.

Moeten we vooruit komen?
Nee, de pijnlijkheid van de operatie zit voor velen van ons hierin, dat wij ons gestoken kunnen voelen doordat ons nu wordt kwalijk genomen en bestreden wat ons vroeger werd aangeprezen en zelfs verkondigd. Namelijk: dat geloven in God en gehoorzaamheid aan zijn geboden een prikkel is en energie geeft aan mensen om in deze wereld vooruit te komen.
Vooruitkomen — niet direct in de zin van veel verdienen en in een mooi huis wonen.
Zo is het niet begonnen. En daar was het ook niet om begonnen. Maar wel op de manier van Abraham Kuyper (om een naam te noemen), die met het klokketouw in de ene hand en de bijbel in de andere 'de kleine luyden' heeft wakker geroepen. Zij moesten zich niet langer laten kleineren maar woekeren met de hun door God gegeven talenten. Zij moesten groeien in aantal en invloed in kerk, staat en maatschappij. Er was immers geen duimbreed van het wereldrond waarvan de Here niet zei 'deze is Mijn'.
En wij hebben ze gekregen — onze christelijke scholen, inclusief een universiteit op G.G. (gereformeerde grondslag), een politieke partij, een vakbond, woningbouwverenigingen. Op den duur ook christelijke werkgevers, want we groeiden inderdaad door naar de betere maatschappelijke posities. Zelfs naar sleutelposities in de politiek, in de geldhandel en in het hele welzijnsbestel.
Natuuriijk groeiden onze inkomens mee. We konden ons meer veroorioven. Dankzij de wat ruimere armslag konden wij ons gemakkelijker gaan bewegen, in de betere buurten en de betere kringen.
Hier moet direct bij gezegd worden, dat dit niet gelijkelijk voor allemaal gold. Achteraf moeten we de pijnlijke constatering doen, dat de gesloten gereformeerde gelederen toch ook vatbaar bleken te zijn voor het verschijnsel van — in sociaal opzicht — de 'achterblijvers', de 'kansarmen'. Wij stegen wel op de maatschappelijke ladder maar niet allemaal even hard. Waar nog bij kwam dat dit klimwerk het niet toeliet om al te veel naar beneden te kijken. Het is dus heel goed mogelijk dat de ondersten ongemerkt zijn afgevallen.
Maar — toen dan zij die wèl mee hadden kunnen komen, er net aan toe waren om eens rustig te gaan genieten van het ruimere uitzicht van cultuur en recreatie, van de daarbij passende uitjes, hapjes en drankjes, toen begon het beroep dat dit voor christenen geen stijl was. En waarom niet? Omdat we uit de bijbel toch konden weten, dat God een God is der armen en dat Hij gerechtigheid wil en bevrijding. Niet slechts in het hiernamaals maar ook al in het hiernumaals. En niet alleen in het persoonlijk leven maar ook in de structuren.

Elkaar ernstig nemen . . .
Het lijkt me noodzakelijk, dat we eeriijk voor elkaar uitspreken, dat in heel deze gang van zaken gelovige mensen terecht de grievende gewaarwording kunnen hebben gekregen van een onverhoedse aanval in de rug. En dan nog wel met een wapen — namelijk bijbelse noties — waardoor wij ons eerst hadden laten leiden als door een lamp voor onze voet en een licht op ons pad op weg naar een leven en een maatschappij tot meerdere glorie van God.
Om misverstanden te voorkomen: het kan ons nu niet erom te doen zijn meelij op te wekken met goedgelovige gelovigen die ineens zielig genoeg van hun lauweren worden beroofd. Noch ook om boze leidslieden aan te wijzen die gereformeerde volksstammen om de tuin hebben geleid.
De bedoeling van deze inleiding mag wel zijn, dat wij elkaar in de lezing van dit geschrift kunnen ontmoeten — niet gewapend met 'oude' of 'nieuwe' opvattingen. Dat wij elkaar ernstig nemen in onze echte verontwaardigingen en teleurstellingen, ook in onze hoopvolle verwachting dat de Geest van Jezus Christus onweerstaanbaar werkt om mensen te brengen (ja, ook tot 'nieuwe' inzichten, maar eerder nog) tot een nieuw doen en leven. Dit is de bedoeling van dit hele geschrift — de moeite van het lezen waard.


* Uitvoeriger over ons beroep op de bijbel schrijft drs. C. M. Boerma in zijn artikel 'Nieuwe levensstijl en de bijbel', zie pag. 17.


Bijschrift
Aanval in de rug?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1979

Kerkinformatie | 36 Pagina's

Van oude naar nieuwe levensstijl

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1979

Kerkinformatie | 36 Pagina's

PDF Bekijken