Bekijk het origineel

Ruwe stormen op Binnenhof gingen tenslotte liggen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ruwe stormen op Binnenhof gingen tenslotte liggen

Een les in welzijnsstructuren . . .

5 minuten leestijd

De afgelopen weken is er in de kranten heel wat geschreven over het rumoer rondom de behandeling van de Kaderwet specifiek welzijn in de Tweede Kamer. Soms stonden er boven de artikelen koppen als: "De schoolstrijd herleeft" of: "Levensbeschouwing bedreigd". Waar gaat dat gekissebis eigenlijk over? En wat is die Kaderwet nou precies?

De Kaderwet is een eerste poging om tot een brede samenhangende welzijnswetgeving te komen. Het woord "kaderwet"" geeft aan, dat het hierbij niet gaat om tot in details uitgewerkte regelingen, maar om hoofdlijnen die op alleriei deelterreinen nader moeten worden ingevuld.
De behoefte aan een dergelijke Kaderwet is er al heel lang. Je zou kunnen zeggen, dat naarmate het welzijnswerk in omvang toenam die behoefte aan wettelijke regeling steeds sterker werd.
De in 1973 verschenen Knelpuntennota gaf een aardig beeld van wat er in de loop van de jaren gegroeid was aan voorzieningen, werksoorten, organisaties, regelingen, en . . . hoe onoverzichtelijk het welzijnsveld geworden was! Eén ding stond als een paal boven water: de burger voor wie dat welzijn allemaal was bestemd, wist in die wirwar van werksoorten en organisaties nauwelijks de weg, had er geen zeggenschap over, en werd ook niet gehoord als het ging om vaststelling van het welzijnsbeleid. Niet de burgers, de consument, maar de welzijnspróducenten (organisaties, professionals, overheid) bepaalden voornamelijk hoe het welzijn voor de burgers eruit moest zien. Harmonisatie en decentralisatie van het welzijnsbeleid werden de sleutelwoorden.

Wat houdt het in?
Met harmonisatie van het welzijnswerk wordt bedoeld, het aanbrengen van meer samenhang tussen de verschillende, verbrokkelde onderdelen van dat beleid en dus ook tussen de verschillende departementen en lagere bestuurlijke organen, teneinde ook de samenhang bij de uitvoering van het werk in de verschillende sectoren te vergroten. Kortom: meer samenhang in beleidsvoorbereiding, beleidsbepaling en uitvoering.
Deze beleidsvoorbereiding en -bepaling dient bovendien tot stand te komen in overieg met de burgers en de belanghebbende instellingen. Daarom moet de besluitvorming over het welzijnsbeleid zo dicht mogelijk bij de burgers plaats vinden, d.w.z. tji'j de gemeente. Decentralisatie van het welzijnsbeleid doelt dan ook op het overdragen van een aantal bevoegdheden van de centrale overheid naar de provinciale en (vooral) de gemeentelijke overheid. Dit houdt tegelijkertijd in, dat de landelijke overheid ook gelden overdraagt aan de provinciale en gemeentelijke overheden teneinde de welzijnsvoorzieningen te kunnen financieren.
De wijze waarop en de voorwaarden waaronder de financiering (zeg: subsidiëring) gebeurt, wordt geregeld in zogenaamde rijksbijdrageregelingen. Hiervan zijn er al een aantal ingevoerd; andere zijn nog in voorbereiding.
De Kaderwet nu is ervoor om decentralisatie en rijksbijdrageregelingen een wettelijke basis te geven. Het proces van decentralisatie is namelijk al aan de gang, rijksbijdrageregelingen zijn al van kracht, maar het wettelijk kader daarvoor ontbrak. Daarom wilde men in de Tweede Kamer ook vaart zetten achter het van kracht worden van deze Kaderwet.

Waarom rumoer?
Tot zover ziet het er allemaal dus nogal redelijk uit. Iedereen is het erover eens, dat er geherstructureerd moet worden in welzijnsland, dat decentralisatie in principe een goede zaak is, en dat de burgers meer invloed moeten hebben op de beslissingen over het eigen welzijn. Waarom dan dat rumoer?
Aanleiding daarvan vormde "n zinsnede in diezelfde Kadenwet, waarin uitdrukkelijk wordt uitgesproken, dat bij het tot stand brengen en instand houden van welzijnsvoorzieningen het particulier initiatief voorrang heeft boven het overheidsinitiatief. Deze zin zou echter ook zo uitgelegd kunnen worden (en in de praktijk zo gehanteerd), dat bestaand particulier initiatief per definitie in aanmerking zou komen voor subsidiëring. En tegen deze mogelijke uitleg van de wet is verzet gerezen, met name van de kant van de WD en de PvdA.
Argumenten? Allereerst dat dan wéér de burgers die mede moeten bepalen of zij een bepaalde welzijnsvoorziening wel of niet willlen, gepasseerd worden. De gelegenheid om kritisch te bekijken of een bepaalde welzijnsvoorziening i.e. instelling wel voorziet in een behoefte (wiens behoefte?), wèl efficiënt werkt en democratisch ge-organiseerd is, wordt niet benut. Het bestaande particuliere initiatief slokt op deze wijze onmiddellijk de grootste financiële ruimte op, ten koste van nieuw particulier initiatief.
Daar bovenop werd gesteld, dat het bestaande particuliere initiatief meestal op christelijke basis zou zijn georganiseerd. Daarom werd de minister verweten dat zij via deze zinsnede in de Kaderwet levensbeschouwelijke instellingen zou willen beschermen en bevoorrechten! Dit verwijt was met name voor het CDA weer aanleiding tot verzet, omdat die kritiek erop gericht zou zijn het levensbeschouwelijk particulier initiatief om zeep te brengen. Vandaar de geladen krantekoppen, de gespierde taal soms en de dreiging van intrekking van de hele Kaderwet.

Gelukkig zijn die stormen nu gaan liggen. Zoals redelijk geacht mag worden is er een compromistekst uitgeknobbeld, waarin de gemeenten enerzijds wordt gewezen op het belang van het eigen initiatief van de burgers en waarin anderzijds een voorkeursbehandeling voor "het" particuliere initiatief is uitgesloten. En nu maar kijken hoe het allemaal in de praktijk gaat uitpakken. Maar we kunnen nu tenminste wettelijk gekaderd ons eigen welzijn meebepalen.


Ans Brandsma is stafmedewerkster bij de stichting landelijke gereformeerde raad voor samenlevingsaangelegenheden (GSA) te Leusden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1981

Kerkinformatie | 24 Pagina's

Ruwe stormen op Binnenhof gingen tenslotte liggen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1981

Kerkinformatie | 24 Pagina's

PDF Bekijken