Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het vreemdelingschap van Gods volk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het vreemdelingschap van Gods volk

5 minuten leestijd

Uwe inzettingen zijn mij gezangen geweest ter plaatse mijner vreemdelingschappen. Psalm 119 vers 54

Gods volk is door genade een vreemdelingsvolk op aarde. De kinderen des Heeren hebben hier niet hun thuis.

In het Paradijs was het zo gans anders. De Heere leeft Adam en Eva geschapen, opdat zij wonen zouden in de hof van Eden. Uit kracht van Schepping, vanwege het Verbond der 'Werken mocht het eerste mensenpaar verenigd zijn met de Schepper des hemels en der aarde. De geschapen mens kende een thuiskomen in de Drieenige God. 

Door de zonde heeft de mens dat thuiskomen venloren. 

Het is zijn diepe val, dat hij zijn thuis hier op aarde zoekt en meent gevonden te hebben. Hij is uit de aarde aards zijn grondslag is in het stof. Zijn oog richt zich op de begeerlijkheid des vleses, zijn hart gaat uit naar de grootsheid des levens, zijn hand omhelst de drekgoden, zijn voet wandelt op de brede weg des verderfs. En 7.0 !iij slechts altoos leven mocht op deze lage en door de zonde vervloekte aarde, hij zou de begeerte zijns harten hebben verkregen. 

De mens is, krachtens zijn oorsprong, een godsdienstig wezen. Omdat hij weet, dat hij straks sterven moet en alsdan deze aarde verlaten gaat, wenst hij een plaats in c!e hemel te hebben. Ach, hoe blind is de gevallen zondaar. H'ij verstaat niet, dat hij door moed- en vrijwiillige ongehoorzaamheid een slaaf des duivels, een diensknecht en een vijand Gods is geworden.

Als wederbarende genade in het hart van de uitverkoren zondaar verheerlijkt wordt, zoekt hij hier beneden niet langer zijn thuis. Hij wordt met Abraham een gast en vreemdeling op aarde. 

De dichter van dieze Psalm zag zich omringd door hovaardigen, diie hem boven mate zeer hebben bespot. Grote beroering heeft zijn hart bevangen vanwege de goddelozen, die 's Heeren Wet verlieten. 

Hij gevoelde zich een vreemdeling. 

In het midden van zijn diepe zielsellende was dit zijn troost Uw inzettingen zijn mij gezangen geweest, ter plaatse mijner vreemdelingschappen.

De inzettingen, waarvan de dichter spreekt, zijn geen menselijke wetten. Deze kunnen worden veranderd, gewijzigd, herzien, ook al waren ze door Meden en Perzen vervaardigd.

Het zijn de ordiinantiën Gods, welke de dichter beoogt. Uwe inzettingen. 

Het zijn de wetten van de getrouwe Venbonds-Jehova. Bij de Schepping, in de oprichiting van bet Venbond der wenken, heeft de Heere die inzettingen geschreven op de tafelen van 's mensen hart. Door de diepe val en bondsbreuke heeft Adam die Wet verbroken.

Door wederbarende genade brengt de Heere die inzettingen opnieuw in het hart. De dode, doch van eeuwigheid uitverkoren zondaar, wordt door de bediening der Heil,;ge Wet overtuigd van zonde, gerechtigheid en oordeel. Zijn hart wordt verbroken door evangelische genade. Hij wordt getrokken uit de tegenwoordige, boze wereld. In de wereld kan hij niet meer leven. In de zonde kan hij het niet meer uithouden. Hij wordt een vreemdeling op deze aarde gemaakt. Ofschoon do Wet des Heeren hem veroordeelt, nochtans krijgt hij dJe Wet lief. Want hij aanschouwt in die inzettingen de Majesteit van Gods volheerlijke deugden. Ontdekkende genade leert hem, dat hij nooit in staat is één tittel of jota dier Wet te onderhouden. Zo het de hemel behaagt hem Ie brengen onder de geestelijkheid der Wet, zal hij gevoelen niet slechts zijn onvermogen, maar ook zijn vijandschap. Het bedenken des vleses is vijandschap tegen God. Want het onderwerpt zich der Wet Gods niet. Want het kan ook niet. Vanuit het toevallend Recht openbaart Zich de Tweede Persoon. Straks wordt hij in de afsnijding onder dat Goddelijke Recht met God verzoend op zuivere rechtsgronden.

Uwe inzettingen zijn mij gezangen geweest. 

Het zijn eerst klaagzangen geweest, 'k Ben door Uwe Wet te schenden, krom van lenden, vol van druk, benauwd van hart.

Toen zijn het leerzangen geworden. Door dat lieve onderwijs des Geestes heeft de dichter verstand van God en Goddelijke zaken gekregen. Niet alleen heeft hij de Heere leren kennen als een Heilig en Rechtvaardig God, maar ook zichzelf als een vendoemelijk, helwaardiig schepsel, dat de eeuwige dood heeft verdiend. En dan ook is hem geschonken die zalige kennis van de gezegende Verbonds-Middelaar, Dde hem gekocht heeft met Zijn dierbaar hart- en Godebloed.

Tenslotte werden die zangen lofzangen. Daar ligt de grond en Hij heeft een nieuw lied in mijn mond gegeven, een lofzang onzen Gods. De eire Gods is het doel en oogmerk zijns harten geworden. Dat nieuwe deel, dat naar God geschapen is in gerechtigheid en heiligheid, begeert God groot te maken. De Heere is het zo waardig. De inzettingen des Heeren zijn de blijdschap der ziel gewoirden. De Wet verdoemt niet meer. Aan de eisen van Gods Recht is voldaan. De dichter heeft een vermaak in de Weit Gods naar den inwendigen mens.

Maar waar zijn de inzettingen de dichter tot gezangen gewonden? Ter plaatse zijner vreemdelingschappen. 

De meeste Schriftverklaarders nemen aan, dat David van deze Psalm de dichter is. Wat was David een vreemdeling op aarde. Zijn broederen was bij vreemd. Saul vervolgde hem. Een tijd lang woonde hij in Ziklag der Filistijnen. Voor Absalom moest hij vluchten. Maar hij had een thuiskomen bij den Heere. Gij ook? Door wederbarende genade brengt de Heere die inzet- 

Gouderak ds. H. J. C. H. Zwijnenburg

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 14 augustus 1971

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Het vreemdelingschap van Gods volk

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 14 augustus 1971

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken