Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De Egyptische oliepijp in gedrang

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De Egyptische oliepijp in gedrang

2 minuten leestijd

CAIRO, maandag — Over de grote nieuwe oliebuisleiding die in Egypte gaat worden aangelegd is zaterdag nogal wat te doen geweest in het parlement. Zo iiebben enige politici het bezwaar naar voren gebracht dat een niet nader genoemde Zwitserse bank voor het aanleggen van de leiding een krediet op lange termijn heeft verstrekt „en dat dit de soevereiniteit van Egypte zou kunnen aantasten net zoals dit indertijd was gegaan met de Suezkanaal-maatschappij".

Deze maatschappij, Frans en Brits elgendom, had door middel van een contract geldig voor 99 jaar het beheer en de revenuen van het kanaal in handen gehad. Dit was van 1875, toen de Egyptische koning het aandeel van zijn land aan de maatschappij verkocht, tot 1956 toen de maatschappij door president Gamal Abdul Nasser werd genaast. De minister van petroleumzaken Jachja el MoeUa verzekerde dat geen enkele bank een dergelijke concessie heeft gekregen en dat het beheer van de onderneming geheel in Egyptische handen zal zijn.

De leiding die langs de linkeroever van het Suezkanaal naar de Middellandse Zee zal lopen gaat 270 miljoen dollar kosten die bijeen zijn gebracht door een Frans consortium. Egypte draagt 90 miljoen dollar mee. De andere deenlemende landen zijn Frankrijk, Groot-Brittannië, West-Duitsland, België, Nederland, Griekenland, Japan, Koeweit en Saoedi-Arabië plus nog de oliemaatschappij Anioco, een dochterondernemiriig van de Standard Gil of Indiana.

Als gevolg van verschil van mening tussen Egypte en de geldgevers is het Oindertekenen van het laatste contract en dus het begin van het werk al jaren uitgesteld. Naar men zegt vormt de voornaamste steen des aanstoots de generatie die Egypte moet geven voor het terugbetalen van zijn schudten aan de geldschieters.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 21 maart 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

De Egyptische oliepijp in gedrang

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 21 maart 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken