Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Tendens naar grotere binnenschepen op Friese wateren

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Tendens naar grotere binnenschepen op Friese wateren

RECORD PASSAGE DOOR LEMSTER SLUIZEN

4 minuten leestijd

Het aantal binnenvaartschepen, kleiner dan 400 ton, neemt steeds verder af op de Friese kanalen. Dit is de algemene tendens van het rapport van de provinciale waterstaat van Friesland over de scheepvaartbevteging op het Prinses Margrietkanaal, het Van Harinxmakanaal en enkele andere provinciale vaarwegen in 1971. Van de grootscheepsvaarwaters boekte het Prinses Margrietkanaal, de hoofdvaarweg vanaf het IJsselmeer. door Friesland naar Groningen, in 1971 na twee jaren van teruggang een toename van het totaal gepasseerde laadvermogen. Deze toename bedroeg te Lemmer (Prinses Margrjetsluis en Nieuwe Lemstersluis) 15 pet. en steeg daardoor tot 15,85 miljoen ton. Te Schuilenburg bedroeg de toename 7,2 pet., een stijging tot 11,45 miljoen ton

Deze toename komt geheel op rekeBing van de Nederlandse schepen, met na-me de categorie binnenschepen boven de 400 ton.

RECORD
Het totaal van 15,85 miljoen ton laadvermogen, dat de beide sluizen te Lemmer passeerde betekent een record. Dit cijfer werd nog niet eerder gehaald. Het gemiddelde tonnage van de beide sluizen te Lemmer nam toe tot 444 ton. Te Schuilenburg steeg het gemiddelde tonnage tot 460 ton. '

De verhouding tussen dag— en nachtvaart bleef practisch gelijk. Door de Prinses Margrietsluis passeerde 's nachts 12,8 pet. van het totale laadvermogen, te Schuilenburg 9,8 pet., een geringe stijging ten opzichte van 1970. 'Gerekend naar de aantallen schepen waren deze percentages 10,5 en 8,1 pet. Zowel bij Lemmer als te Schuilenburg nam het aantal schepen kleiner dan 200 ton aanzienlijk af, terwijl in de groep tussen 400 en 1.000 tot de sterkste groei te zien was. Het aandeel van de kleine schepen beneden 200 ton daalde bij Lemmer tot slechts 5 pet. van het gepasseerde laadvermogen en te Schuilenburg zelfs tot 4 pet.

KUSTVAART

De totale vaart met kustvaartuigen op het Prinses Margrietkanaal is verder afgenomen en bedroeg in 1971 nog slechts 0,18 miljoen ton te Lemmer en 0.19 miljoen ton te Schuilenburg. De gemiddelde grootte van de kustvaartuigen neemt echter nog steeds toe, door de sterke afname van de vaart met kleine vaartuigen beneden de 250 BRT (375 ton). De gemiddelde grootte van de kustvaartuigen is te Lemmer 321 ton en te Schuilenburg 342 ton. Het aandeel van de kustvaartuigen in het, tq|ale geklasseerde tonnage te'Lemmer is sedert 1961 voortdurend gedaald van 5,3 pet. in 1961 tot 1,1 pet. in 1971. De auto en het grotere binnenschip namen een deel van het vervoer van de kustvaarders over, onder andere wegens de minder zware wettelijke eisen, die aan de bemanning van een binnen -schip worden gesteld.

Het totaal gepasseerd^ laadvermogen op het van Harinxmakanaal (2,68 miljoen ton) gaf een daling te zien in 1971. Die daling bedroeg ten opzichte van 1970 zelfs 25,5 pet.. Ook de totale in- en uitvoer van de haven van Harlingen daalde in 1971 ten opzichte van 1970.

Ook op het van Harinxmakanaal nam het gemiddelde tonnage toe.n.l. van 347 ton in 1970 tot 408 ton in 1971. Hier bedroeg het percentage van de kustvaart in het totaal gepasseerde laadvermogen 5,4 pet.

Ook op de overige vaarwegen in Friesland liep de scheepvaart met binnenschepen kleiner dan 400 ton terug. Enkele cijfers: Helomavaart 238.000 ton gepasseerd laadvermogen (daling 18.5 pet.), Johan Frisokanaal te Warns 176.000 (daling (stijging 11 pet.) en Johan Frisosluls 176.000 (daling meer dan 50 pet). Dokkumer Ee 166.000 ton (daling 8,2 pet.), Dokkumer Grootdiep 158.000 ton (stijging 40 pet.), Heerensloot 84.000 ton (gelijk gebleven), Engelenvaart 72.000 ton (daling 6 pet.). Op de overige vaarwegen, met een vervoer van mtoder dan 50.000 ton was het beeld overheersend afname.

BRVGOPENINGEN
Het aantal brugopeningen nam op het Prinses Margrietkanaal en het Johan Frisokanaal op alle punten toe, behalve Spannenburg, waarop een geringe daling optrad. ' ,

Het grootste aantal brugopeningen op het Prinses Margrietkanaal was van de lage brug te Schuilenburg: 18.163 brugopeningen voor 24.933 binnenschepen en kustvaartuigen, 1269 sleepboten en 4537 pleziervaartuigen. Dit betekent gemiddeld per werikdag 58 1/2 brugopeningen, -waartiij per opening 1,45 beroepsschip en 0,25 pleziervaartuig passeert. Langs het Harinxmakanaal nam het aantal brugopeningen overal af of bleef gelijk, door de daling van het aantal door beide sluizen te Harlingen gepasseerde schepen van 10.362 naar 6.566, ondanks de stijging van de pleziervaart door de Tsjerk Hiddesluis van 2.115 tot 2.767.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 3 mei 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Tendens naar grotere binnenschepen op Friese wateren

Bekijk de hele uitgave van woensdag 3 mei 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken