Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gewestvorming

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Gewestvorming

Stand van zaken

10 minuten leestijd

Onze bestuurlijke organisatie is in het midden van de 19e eeuw door de grote liberale staatsman Thorbecke op poten gezet. Ze is gebaseerd op spreiding van het bestuur over rijk, provincie en gemeente. Een indeling die voor die tijd zonder meer voldeed. Elke gemeentelijke samenleving regelde haar eigen zaken zelfstandig, er was enig financieel en bestuurlijk toezicht van de provincie, en het rijk nam de grote problemen voor zijn rekening. Kortom, een stelsel dat heel goed te overzien en te doorzien was.

Het is echter zo niet gebleven. De maatschappelijke stroomversnelling èn het — vrijwel — ongewijzigd blijven van ons bestuurlijk apparaat zijn er sindsdien „schuldig" aan dat zowel plaats als taak van de overheid in de samenleving veranderd zijn. Dermate veranderd zijn zelfs, dat in steeds sterkere mate de behoefte gevoeld wordt de organisatie ingrijpend te herzien en aan de ontwikkelingen'die zich reeds hebben voltrokken en zich nog altijd voltrekken aan te passen.

Hoewel dit aanpassingsproces niet zonder horten of stoten verloopt, is men het over één ding roerend met elkaar eens: het locaal bestuur moet langs democratische weg versterkt worden. Hierbij staan — volgens de in april '71 bij de Tweede Kamer ingediende wet op de gewesten — twee mogelijkheid open: vorming van sterkere gemeenten dan we nu dikwijls hebben — sterk in financieel en deskundig opzicht — en vorming van gewesten. Beide mogelijkheden moeten naar het oordeel van de minister van binnenlandse zaken worden gebruikt. Gewesten zullen niet goed kunnen functioneren als ze niet lijn opgebouwd uit sterke gemeenten; de gemeenten zullen voor de uitvoering van allerlei gemeentelijke en bovengemeentelijke taken zijn aangewezen op samenwerking in gewestverband.

Structuurschets

De momenteel nog steeds bij de Tweede Kamer liggende gewestwet zal de wettelijke basis moeten zijn voor de gewestvorming. In artikel 1 van deze ontwerp-wet staat — en daar gaat het ons om — dat de Kroon een structuurschets voor de bestuurlijke indeling vaststelt, waarin in beginsel de gebieden worden aangegeven, waarvoor een  eenheid van locaal bestuur op gewestelijke schaal kan worden gevormd. Aan de totstandkoming van deze structuurschets wordt meegewerkt door de provinciale besturen en — via deze — door de gemeentebesturen.

Omdat we ons momenteel midden in deze — nogal moeizaam verlopende voorbereidingsfase bevinden, lijkt het ons nuttig de stand van zaken eens op te maken. Hoe ver zijn we feitelijk al gevorderd? Wat vinden de elf provincies nu zelf van de gewestvorming? En wat is de omvang van de door de provinciale besturen voorgestelde gewestelijke eenheden? Dit zijn enkele vragen, waar we — wil de huidige situatie in een aantal grove lijnen geschetst worden — niet onderuit kunnen. Laten we daartoe de provincies stuk voor stuk bekijken.

Provincies

Gedeputeerde staten van Groningen geloven dat er in deze provincie plaats is voor een drietal gewesten: Centraal Groningen (waarin een deel van Drenthe opgeslokt is) met 344.(HP0 inwoners, Eemsmond met 80.000 inwoners en Oost-Groningen, dat 157.000 inwoners zal gaan tellen. Hoewel provinciale staten zich over het vraagstuk van de bestuurlijke herindeling nog niet hebben uitgelaten, menen gedeputeerde staten dat het alleen zin heeft tot gewestvorming over te gaan, als het een wezenlijke bijdrage tot de bestuurbaarheid levert.

Zowel het college van gedeputeerde staten als dat van provinciale staten zijn van oordeel dat voor gewestelijke eenheden in Friesland geen plaats is. GS hebben derhalve — na overleg met provinciale staten — besloten om geen concept-structuurschets voor de bestuurlijke indeling van deze provincie aan de minister van binnenlandse zaken toe te zenden.

„Gewestvorming is voor Drenthe een  volstrekt ongewenste zaak", zo lieten gedeputeerde staten weten. Indien het — ondanks dit ondubbelzinnige antwoord van Drenthes gedeputeerden — toch tot een indeling in gewesten mocht komen, dan voor deze provincie drie gewesten, nl. Noord- en Midden-Drenthe (134.000 inwoners), Zuidwest-Drenthe (96.000 inwoners) en Zuidoost-Drenthe (143.000 inwoners). Provinciale staten moeten echter nog een uitspraak over de wenselijkheid van gewestvorming doen.

Het gedeputeerd college van Overijssel stelt voor — ofschoon behandeling in provinciale staten nog moet plaatshebben — deze provincie in een drietal gewesten op te splitsen: een gewest Zwolle (314.000 inwoners), een gewest Twente (552.000 inwoners) en een gewest Deventer (153.000 inwoners).

Versterking

Versterking van het locaal bestuur is een dringende noodzaak, aldus GS. Wil het bestuur op locale schaal aan de eisen des tijds kunnen blijven beantwoorden, dan zal de maatschappelijke schaalvergroting gevolgd moeten worden door een bestuurlijke. Gewestvorming ziet het college van GS als een goed middel om deze schaalvergroting van het locale bestuur te realiseren. Gewesten bieden een leader voor de vervulling van die locaal-bestuurlijke taken, die de kracht van de afzonderlijke gemeenten te l>oven gaan.

Het provinciaal bestuur van Gelderland geeft de voorkeur aan 8 a 7 kleine boven een viertal grote gewesten. Het denkt hierbij aan gewesten rond Arnhem, Nijmegen, Apeldoorn, Harderwijk, Ede-Wageningen-Veenendaal, Tiel, Doetinchem' en Zutphen. Voor een afzonderlijk gewest Zutphen is alleen plaats al voor dat gewest een inwonertal van ca. 85.000 aanvaardbaar wordt geacht. Anders moet het maar bij „Deventer" worden ingedeeld.

Statencommissie

Ofschoon het college van GS nog geen uitspraak gedaan heeft over een eventuele gewestelijke indeling, heeft wél de statencommissie voor de bestuurlijke organisatie zich over het probleem gebogen. Deze commissie stelt o.m. de vorming van een zo beperkt mogelijk aantal regionale eenheden voor, die echter groter zijn dan welke thans door GS gesuggereerd worden. Zij denkt in dit verband aan zo'n twintig „grote gewesten" of „provincietjes". Een voorstel echter, dat zich beslist niet in de sympathie van Gelderlands gedeputeerden verheugen mag.

Gedeputeerde staten van Utrecht stellen zich op het standpunt dat een indeling van Nederlands kleinste provincie in drie gewesten het meest wenselijk is. Zij denken hierbij aan de volgende gewestelijke eenheden: West-Utrecht (185.000 inwoners), Midden-Utrecht (485.400 inwoners) en Oost-Utrecht (293.000 inwoners). De gewesten West- en Oost-Utrecht dienen, volgens het college van GS, gefaseerd tot stand te komen. Wat het voorgestelde gewest West-Utrecht betreft, menen gedeputeerden dat het beter is eerst een gewest „Plassengebied" tot stand te brengen. Om „West-Utrecht" te completeren voegt men „Weidegebied" er in een later stadium bij. Het wordt voorts van belang geacht, dat — met als einddoel een gewest Oost-Utrecht — wordt gestart met afzonderlijke gewesten Eemland en Vallei.

Positief

Gedeputeerde staten van Utrecht beoordelen gewestvorming positief. Zij zien de gewesten als bestuurlijke organisatie- en referentiekaders op regionaal niveau, waaraan — vanwege de complexe problematiek waarvoor de gemeenten in toenemende mate komen te staan — grote behoefte bestaat. Overigens, behandeling in het college van GS moet nog plaats hebben.

Met betrekking tot de gewestelijke indeling van Noord-Holland (inclusief Flevoland) spreken gedeputeerde staten van deze provincie de voorkeur uit voor een relatief groot aantal — negen — qua grondgebied betrekkelijk kleine gewesten. Als alternatief hebben zij de volgende suggestie aan de hand gedaan: instelling van een zestal gewestelijke eenheden van middelgrote omvang.

Een spoedige totstandkoming van een gewestwet (die echter meer inhoud zal moeten hebben dan het huidige wetsontwerp) wordt zonder meer noodzakelijk geacht. Provinciale staten van Noord-Holland beraden zich 22 januari a.s. over het probleem van de gewestelijke indeling. 

Te weinig bekend

Van de zijde van gedeputeerde staten van Zuid-Holland zullen geen voorstellen met betrekking tot de bestuurlijke indeling van Nederlands dichtbevolkte provincie aan de minister worden toegezonden. GS zijn van mening dat te weinig bekend is over het takenpakket van de toekomstige gewesten. Provinciale sta-ten hebben — in een motie van de KVP-er Bakker — eveneens te kennen gegeven geen advies over deze zaak (in dit stadium althans) uit te brengen.

Een ambtelijke werkgroep, onder leiding van gedeputeerde prof. dr. J. P. van Praag, stelde in de loop van vorig jaar voor het noordelijk deel van Zuid-Holland de volgende twee gewesten voor:
• een gewest Den Haag;
• een gewest Alphen-Gouda-Woerden.

Voor het zuidelijk deel dacht de werkgroep aan drie gewestelijke eenheden:
 • een gewest Rijnmond (met Hoeksche Waard en Goeree en Overflakkee);
 • een gewest Drechtsteden;
 • een gewest Alblasserwaard en Vijfheerenlanden (inclusief het Land van Heusden en Altena).

Bij twee 'van deze laatste gewesten deden zij een alternatief aan de hand:
 • een gewest Rijnmond (met Hoeksche Waard, Goeree en Overflakkee èn de Drechtsteden) en een gewest dat de Alblasserwaard, de Vijfheerenlanden en het Land van Heusden en Altena omvat;
• een gewest Rijnmond zonder de Drechtsteden en samenvoeging van de Drechtsteden en de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden tot één gewest.

Uitholling

Het gevaar is volgens gedeputeerde staten van Zeeland reëel, dat gewestvorming een uitholling van de bestuurskracht op locaal en provinciaal niveau, alsmede een onvoldoende afbakening van bestuurstaken, tot gevolg kan hebben. Het is, naar de mening van het college van GS, zeer de vraag of met de vorming van gewesten de door de minister voorgestelde doorzichtigheid van het bestuur in Zeeland — met zijn kleine draagvlak — zal worden bevorderd. Het tegendeel wordt gevreesd. Gewestvorming is een zaak die in het bijzonder speelt in de sterk geürbaniseerde gebieden. Hiertoe kan Zeeland niet worden gerekend, menen gedeputeerden. Mocht het echter toch tot gewestelijke indeling komen, dan prefereren GS:

1. een Westerscheldegewest (266.700  inwoners) en een centraal Deltagewest  (84.700 inwoners)

2. een gewest Zeeuwsch-Vlaanderen (103.600 inwoners) en een de Bevelanden en het eiland Schouwen-Duiveland omvattend gewest Walcheren (193.800). Bij deze laatste variant worden Tholen en St.-Philipsland bij een gewest West-Brabant ingedeeld. Provinciale staten doen deze week nog een uitspraak.

Hulpmiddel

Gedeputeerde staten van Noord-Brabant zien het gewest als een noodzakelijk hulpmiddel voor het oplossen van de vele problemen die zich in het verband met de maatschappelijke ontwikkelingen in het bestuurlijk kader voordoen. Provinciale staten — die met de voorstellen van GS instemmen — zijn nagenoeg algemeen van oordeel dat als gevolg van de verruiming van de samenlevingsverbanden aan een herstructurering van het bestuurlijk stelsel niet valt te ontkomen. Naast de herindeling van gemeenten zal met name de vorming van ge'westen moeten worden bevorderd om aan de vraagstukken, waarvoor de bestuurlijke organisatie zich gesteld ziet, het hoofd te kunnen bieden.

Voorgesteld wordt dan ook om te komen tot zeven gewesten, nl. West-Brabant (512.000 Inwoners), Midden-Brabant (314.000 inwoners), 's-Hertogen bosch (262.000 inwoners), Eindhoven (481.000 inwoners), Helmond (150.000 inwoners), Oss (147,000 inwoners) en Land van Cuijk (67.000 Inwoners).

Bij een voortgaande schaalvergroting wordt het wenselijk geacht rekening te houden met een uiteindelijke ontwikkeling vier gewesten, t.w. Noordoost-Brabant, Zuidoost-Brabant, Midden-Brabant en West-Brabant.

Het is niet uitgesloten dat in dit laatste geval zowel het Land van Cuijk als de (Gelderse) Bommelerwaard bij het gewest Noordoost-Brabant worden ingedeeld. Brabantse gedeputeerden hebben deze mogelijkheid nadrukkelijk open gehouden. Zij beklemtonen dat de ontwikkeling in de richting van deze vier gewesten zich langs de weg der geleidelijkheid zal dienen te voltrekken.

Twee keuzemogelijkheden

Indien de wetgever zich voor kleine gewesten zou uitspreken, dan zouden in Limburg zeven gewesten kunnen worden gecreëerd, namelijk Maastricht, Heerlen, Sittard, Roermond, Weert, Venlo en Venray (met inwonertallen van rond respectievelijk 200.000, 250.000, 150.000, 71.000, 145.000 en 85.000), ZO 'Vindt het Limburgs college van gedeputeerde staten. Valt de keuze daarentegen op grote gewesten, geen nood, Limburg heeft al een andere oplossing voor de hand. Er is dan slechts plaats voor een drietal gewesten: Noord-Limburg (230.000 inwoners). Midden-Limburg (196.000 inwoners) en Zuid-Limburg (600.000 inwoners). Over de wenselijkheid van de gewestvorming doet het dagelijks bestuur van de provincie Limburg geen uitspraak, terwijl behandeling in provinciale staten nog moet plaatshebben.

Dat waren ze dan, de elf Nederlandse provincies met hun visie op het vraagstuk van de bestuurlijke indeling van ons land. Een visie die In feite heel moeilijk te verkopen is. De provinciale besturen kunnen immers alleen maar een uitspraak doen over de omvang van de gewesten en niét over de aan hen toe te vertrouwen taken en bevoegdheden. Net alsof een duidelijk omlijnde taakafbakening niet meebepalend is voor de territoriale grootte van de gewesten.

Het wachten is echter voorlopig nog op de minister, want zolang de memorie van antwoord op de nota van onderzoek naar aanleiding van de ontwerp-gewestwet niet klaar is, zal er over deze — meest essentiële — zaken van de gewestvorming niets zinnigs ie zeggen zijn. Ook voor de provincies niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 17 januari 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Gewestvorming

Bekijk de hele uitgave van woensdag 17 januari 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken