Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Gewestvorming kan geen uitstel lijden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Gewestvorming kan geen uitstel lijden"

Ged. Staten van Utrecht:

5 minuten leestijd

In het midden latend of de Gedeputeerde Staten voor openstaande gewestelijke indeling van Nederlands kleine provincie (in drie gewesten: west-, midden- en oost-Utrecht) de meest wenselijke is of met, hebben Provinciale Staten van Utrecht er minister Geertsema (binnenlandse zaken) met klem op gewezen dat de vorming van de gewesten Midden-Utrecht en Eemland geen verder uitstel meer kan lijden.

Belangrijke reorganisatie van bestuurlijk bestel

Als hun mening schoven de staten naar voren dat gewestvorming een onlosmakelijk deel vormt van de reorganisatie van het bestuurlijk bestel van ons land, waarbij ook provincies en gemeenten betrokken zijn.' Zij erkenden namelijk dat - naast de herindeling van de gemeenten — ook de vorming van de gewesten een belangrijke rol zou kunnen spelen bij de oplossing van de almaar groeiende bestuurlijke vraagstukken.

Provinciale staten uitten hun onbehagen over de gang van zaken door nog eens in een door de KVP-er Middelweerd ingediende motie - aanvaard met 28 tegen 19 stemmen - te beklemtonen, dat:
• Een duidelijk omschreven takenpakket aan gewesten dienen te worden gegeven;
• Een eigen financieel statuut ten behoeve van gewestelijke eenheden noodzakelijk is;
• Een vierde bestuurslaag zowel uit overwegingen van doelmatigheid als van democratie, in hoge mate onwenselijk geacht wordt.

Inzet van het gisteren gevoerde statendebat was de door college van GS opgestelde structuurschets voor de bestuurlijke indeling van de centrumprovincie. Voor de aanvang van de discussies stond reeds als een paal boven water dat Provinciale Staten aan het door GS uitgebrachte advies (van drie gewesten) niets meer konden veranderen.

SCHETSEN

De minister van Binnenlandse Zaken had alleen de dagelijkse besturen van de provincie gevraagd te helpen bij het opstellen van een landelijke schets, waarop de toekomstige gewesten aangegeven zullen worden. Wanneer de staten wilden tonen het in dit opzicht niet met de Gedeputeerden eens te zijn, konden zij dat gisteren in moties duidelijk maken. Nu, van dat recht is overvloedig gebruik gemaakt:' het regende moties. Zoveel zelfs, dat mep bijna kon spreken van „zoveel fracties, zoveel moties".

In de debatten over de gewestvorming tekende zich in de provinciale staten van Utrecht drie groepen af: een groep die haar goedkeuring niet aan de schets wilde hechten (hiertoe behoren het SGP-statenlid Nagtegaal, de GPV-er Smits en Schreuders-CPN), een groep die gewestvorming broodnodig vond (jhr. mr. De Geer van Oudegein-CHU) en een groep die de noodzaak om gewesten tot stand te brengen onderschreef maar de gevolgde procedure om welke reden dan ook niet kon billijken (de Wilde-PAK).

De laatste diende een motie in waarin hij tot uitdrukking bracht dat het eigenlijk nog veel te vroeg was voor gewestvorming. Een „zinvolle uitspraak" was naar het oordeel van het PAK-statenlid slechts mogelijk op basis van een min of meer vastomlijnde voorstelling over plaats, functie, taken en bevoegdheden van de te creëren gewesten. Een beslissing over de structuurschets van GS - met haar concrete voorstellen leek hem voorbarig, zolang de raad voor de territoriale decentralisatie haar studie over gewestvorming nog niet had afgerond en niet boven twijfel verheven was wat de wetgever nu precies met gewestvorming voor ogen stond. Een dergelijke uitspraak was reeds eerder gedaan door Provinciale Staten van Zuid-Holland en Gelderland. De Utrechtse motie haalde de eindstreep echter niet: met 25 tegen 22 stemmen wezen de staten haar van de hand. Voor stemden behalve het PAK, ook de fracties van de WD, D'66 en de CPN.

NAGTEGAAL

Een van de tegenstemmers was het SGP-statenlid Nagtegaal, die vreesde dat er van het bij de gemeenten gedecentraliseerde lokale bestuur niet veel zal overblijven, als er gewesten in het leven werden geroepen. In plaats van aan te geven in hoeveel gewesten Utrecht het beste zou kunnen worden verdeeld, leek het hem zinvoller de minister een kaart van de provincie Utrecht met daarop Ingetekend alle bestaande regionale samenwerkingsverbanden. Zoals bijvoorbeeld de Kring Midden-Utrecht, het Eemland, de Utrechtse Heuvelrug en de werkgroep Abcoude. De gemeenten zonder gemeenschappelijke regelingen moeten op de kaart wit gelaten worden, aldus de heer Nagtegaal.

WERKWIJZE

Een groot voordeel van deze werkwijze was, naar de mening van de SGP-er dat je als provincie de gemeenten dan niet tegen je in het harnas joeg door indeling bij gewesten, waar ze zich met hand en tand tegen verzet hadden.

Hoewel gedeputeerde, mevr. Haars de Suggestie van de heer Nagtegaal naast zich neerlegde, bleek het door de SGP-er geschetste gevaar zeer reëel. Onder leiding van de liberalen, mevr. 's Jacobs des Bouvrie en Van der Burg, werd een motie ingediend, waarin de structuurschets werd afgewezen, omdat De Bilt, Zeist en Driebergen ingedeeld werden bij het (overwegend stedelijke) gewest Midden-Utrecht. Zeer tegen hun zin en die van de VVD-ers. Deze plaatsen, plus een zestal andere Heuvelruggemeenten, claimden het recht om een „eigen" gewest Zuidoost-Utrecht te Heuvelrug centraal moest staan,

ZUID-OOST UTRECHT

Een gedachte, die door gedeputeerde Haars te vuur en te zwaard bestreden  werd. Wil de aan de opdringende verstedelijking van Utrecht en omgeving paal en perk gesteld worden, dan moest haars inziens een scherpe lijn getrokken worden tussen de gemeenten die nog geen stedelijk karakter dragen en de gemeenten die deel uitmaken van het reeds verstedelijkte gebied van Midden-Utrecht, zoals Zeist en de Bilt, Zij wist een meerderheid in de staten achter zich te krijgen; tegen de VVD-motie stemden dan ook 25 leden en ervoor 21 leden.

Een motie die de eindstreep wel haalde was er een van de D'66-er Allard. Hierin werd het college van GS verzocht in eendrachtige samenwerking met de besturen van de buurprovincies een studie ter hand te nemen over de herindeling, taak en financiering van de provincies. Het D'66-statenlid meende dat gewestvorming niet alleen zou leiden tot herindeling van de gemeenten, maar ook tot herverkaveling van de provincies. Het verdiende op grond daarvan naar zijn stellige mening aanbeveling om als provincie zelf stappen te ondernemen op zoek naar nieuwe bestuursvormen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

„Gewestvorming kan geen uitstel lijden

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken