Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Free Pretbyt.-synode over verval van godsdienst en morele waarden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Free Pretbyt.-synode over verval van godsdienst en morele waarden

Bericht uit Schotland-V

9 minuten leestijd

INVERNESS, mei — Toen de nieuwe moderator was benoemd en diverse kleine zaken waren afgehandeld stond de algemene synode van de Free Presbyterian Church of Scotland te Inverness voor de taak, een aantal „zware", dus belangrijke, rapporten te bespreken. Uit de veelheid van materiaal, dat behandeld moest worden — er waren zo'n 28, meestal niet omvangrijke, rapporten — doen wij hier en daar een greep. Zo was één van de voornaamste onderwerpen, waarover men zich vorige week boog, het rapport over Godsdienst en Moraal, terwijl op dezelfde dag ook het stuk van de synodecommissie tot handhaving van de Dag des Heeren werd besproken.

Dat laatste rapport kreeg bovendien een uitstekende toelichtins van de heer F, W. J. Legerton F. C. A. uit Londen, secretaris-fieneraal van de Lord's Day Observance Society, de Engelse Vereniging tot Handhaving van de Dag des Heeren. Hoewel de Free Presbyterian Church of Scotland niet officieel als kerk vertegenwoordigd is in dit genootschap, steunt men het werk van deze LDOS volgaarne, wat o.m. hierin tot uiting kwam, dat de kerk niet alleen reis- en verblijfkosten van mr. Legerton droeg, maar hem ook een persoonlijke gift overhandigde terwijl daarenboven nog eens honderd pond Sterling (plm. 750 gulden) werd geschonken aan deze interkerkelijke instantie, waarvan de Free Church-hoogleraar prof, dr. G, N. M. Collins president is. In ander verband komen wij nader op de LDOS, haar secretaris en haar Schotse afdeling terug

EPISCOPALISME ?

Zoals gezegd. Religie en Moraal vormden een voornaam thema van de synode. Vóór men zich aan deze zaak kon wUden, was er eerst echter een vri.J scherp debat over het nut en de eventuele afschaffing van de zogeheten „standing committees", synodale commissies dus, die .laren achtereen door dezelfde personen worden „bemand", omdat zij langzaamaan veel ervaring met hun specifieke onderdeel van het kerkewerk hebben opgedaan. Fr was verzet gerezen tegen deze „committees", omdat zij - naar het inzicht van sommige synodeleden - zo een veel te grote macht gekregen hebben. „Te weinigen hebben teveel te zeggen", zo vertolkte de voormalige zendeling uit Rhodesië ds. Alfred F, W. MacDonald, thans ie Gairloch, het gevoelen van de bezwaarden. Hij pleitte voor vierjaarlijkse wisseling en bovendien een beter systeem van vertegenwoordiging: uit elk der presbytereis (classes) moet één predikant en één ouderling zitting hebben in deze commissies.

BEST SYSTEEM

Dat was ds. Oonald MacLean van St. jude's IJerk in Gl^gow helemaal _ niet met zijn ambtsbrdSdëf eeiis; 'Hii "tê^e nog eens de voorgeschiedenis van de „staüdiilij* committees?' uit en betoogde, daï'ifle huidige procedure al '9e\e jaren tot volle tevredenlleid wordt gehanteerd en dat het verreweg het beste systeem is. Immers, die commissieleden hebben veel ei^aring> opgedaan en bij al te vaak wisselen moeten telkens nieuwe predikanten zich In een bepaalde materie inwerken. Nee. ds. MacLean (die dit jaar nog In Utrecht de grote zendingsdag van de Ned. Stichting Mbumazending bijwoonde) voelde niets voor verandering van een nu al weer bijna twintig jaar gangbare procedure,, ondanks de verwijten van één zijner  medebroeders (ik meen, dat het ds. John Tallach was, die part-time ook in Italië het Evangelie verkondigt) dat er een groot aantal synodeleden in geen enkele commissie zitting hebben.

Een broeder-ouderling (de aanspraak der synodeleden was: „vaders en broederen") meende dat er bovendien veel te veel commissies waren. Hij vond het ook wel veel te duur, dat er bijv. commissieleden naar Canada gestuurd wórden, die naderhand met een klein rapportje komen Kortom, heh was een zeer uitvoerig debat, dat ondanks het onderwerp vrij levendig werd gevoerd door o.m. ds. Alfred MacDonald, assistent-scriba mr. James P.H. Mackay en anderen. Het 'gevaar van episcopalisme (bisschoppelijke tendenzen in het kerkbestuur van deze presbyteriale kerk) 'werd opgemerkt, maar uiteindelijk bleef alles bij het oude. voorzover wij konden nagaan.

GEESTELIJK VERVAL

In de avondzitting van dezelfde dag, door moderator ds. Donald B. MacLeod geopend met het lezen van 2 Petrus 3, kwam dan het aangekohdigde moraalen religie-stuk aan de orde. De samenroeper van de commissie, die dit rapport heeft opgesteld, was dezelfde ds. MacLeod, die zijn uitvoerig werkstuk zelf verdedigde. De vergadering werd derhalve tijdelijk gepresideerd door de afgetreden moderator, ds, John A. MacDonald.

In het commissierapport (dat men moet vergelijken met deputatenrapoorten van de Nederlandse synoden, „committees" zijn eigenlijk deputaatschappen) werd sterke nadruk gelegd, op het geestelijk en zedelijk verval van onze dagen. De toetreding tot de EEG van Groot-Brittannië wordt een keerpunt in het leven van de Britse natie genoemd, waarvan de gevolgen in goede of kwade zin pas in latere historiebladen kunnen worden opgetekend. De teneur van het stuk is echter wel, dat Engeland voor de opheffing uit zijn geestelijk verval niet op hulp uit de EFG-wereld hoeft te rekenen.

VERANTWOORDELIJK

Wat de kerken in Schotland betreft; hoe gaarne had men melding willen maken van een waarachtig door de Hemel gezonden reveil Maar l.p.v. opleving en ontwaken zien we verdergaand geestelijk verval, aldus het rapport, dat daarvan voorbeelden opsomt in de (Established) Kerk van Schotland, (de oorspronkelijke kerk der Schotse Reformatie); in de Episcopaalse kerk, (de Schotse tegenhanger van de Anglikaanse staatskerk) en ook in de Free Church, die geweigerd heeft een motie van een hunner predilcanten te aanvaarden, welke inhield, dat hun predikanten niet de sabbath zouden ontheiligen door gebruik te maken van het openbaar vervoer.Maar ook de eigen kerk wordt niet vergeten.

Ds. MacLeod ziet destemeer verantwoordelijkheid op de schouders van zijn kerk liggen naarmate zij het unieke getuigenis der waarheid in haar land heeft te handhaven. Als wij onze plicht verzuimen, staan wij des te erger schuldig, zo verklaart hij, tcrwöS hU öe grote gevaren die met name de jeugd bedreigen, nadert typeert. Een ervan is de tijdgeest, die geest-dodend is, zoals ook Gods volk zich telkens weer bewust wordt. In afzonderlijke hoofdslukken wordt dan nader ingegaan op de gevaren van Oecumenisme, het Roomse pausdom, allerlei sekten en stromingen, de massamedia en de toename van criminaliteit, alcohol en drug-gebruik en goklust.

„ONZE BISSCHOP"

Scherp keert het rapport zich tegen de Wereldraad van Kerken en met name tegen de eenzijdige benadering van Zuid-Afrika, waarbij men zich niet ontziet allerlei economische sancties tegen dit land te ondernemen. Ook de vorig jaar september in Engeland gevormde Verenigde Hervortnde Kerk, ontstaan uit een fusie van de Congrenationalistische en de Presbyteriaanse kerken, kan de goedkeuring van dit rapport niet wegdragen, temeer niet, daar de eerste moderator van de nieuwe kerk de Anglikaanse aartsbisschop van Canterbury, de Michael Ramsey, „onze aartsbisschop" noemde.

Ook de naam van dr. J. I. Packer, bekend voorman uit de kringen der Evangelicals en der Inter Varsity Fellowship, wordt met droeflieid gememoreerd; hij heeft zich steeds meer ontpopt als voorstander van kerkeenheid, waarbij Methodisten, R.K. en Baptisten op de duur in een grotere eenheid zouden moeten worden ondergebracht.

SEKTEN

De ontwikkelingen binnen de R.K. Kerk en met name de toenadering door o. a de Kerk van Schotland vervult de Free Presbyterian synode met toenemende zorg. Dat geldt ook voor de diverse secten die tegenwoordig het hoofd opsteken. De Kinderen van God, hier een afscheiding van de Jezus- beweging genoemd, worden nauwkeurig gadegeslagen en hun afkeer van elke vorm van keitaijn, is r«den tot weinig positieve waardering voor deze groepen. De invloed van de Jehova's Getuigen en die van Christelijke oostersmystieke leraars als Krishna en Shri „Gum" Maharaji Ji neemt toe, de laatsten vooral op de jongeren.

Verheugend daarentegen is dat via de radio het Evangelie kan worden verspreid onder mensen in cammunistische landen. Ook de Bjjbelverspreiding in de Sovjet-Unie en elders gaat door hoewel er in het Oeganda van generaal Amin in het afgelopen jaar grote problemen zijn geweest voor de zending. (Overigens niet voor die van de Free Presbyterian Church,, want die heeft hier geen werkterein). 

DRANK EN DRUGS

Het rapport keert zich ook tegen de uitwassen van de moderne media als t.v. en radio en pers, zonder overigens de media als zodaindg te willen veroordelen. Wat het stuk van ds. MacLeod wel veroordeelt is de grote toename van misdadigheid, drank- en drug-gebruik en het gokken. (Met name het alcohol-misbruik konden wij in Edinburgh en Inverness zelf constateren; het aantal dronkaards was naar onze mening vooral op vrijdag- en zaterdagavonden ontstellend hoog en men blijft in een dergelijke staat kennelijk minder binnenskamerss dan bij ons het geval is; red. kemieuws).

Een pleidooi voert het rapport ook voor het weer invoeren vgn de doodstraf in bepaalde gevallen en het spreekt uit, dat de landswetten in het algemeen geheel niet overeenstemmen met de wetten van de Goddelijke Wetgever. Dat is het duidelijke gevolg van het feit dat God ons overgeeft aan een regering die niet de vreze des Heeren heeft. Er volgde een debat over dit rapport en een lid deed het voorstel, een resolutie over-drugs e.d. naar het Lagerhuis te zenden, via een parlementslid Namen van-Enoch Powell en Ed-., ward Taylor worden genoemd; jje laatste heeft al meer zaken van Free Presbyt. Church bepleit.

DOODSTRAF

Ds. Donald MacLean uit Glasgow, een vurig spreker, die men oneerbiedig wel eens de „paus van de Free Presbyt. Church" heeft genoemd, komt met een lijvige resolutie over het herinvoeren van de doodstraf en tegen de plannen tot afschaffing ervan in Noord-Ierland. Het argument Genesis 6 ("wie iemands bloed vergiet, diens bloed zal vergoten worden") geldt ook voor de tijd van het Nieuwe Testament, zo betoogt hij.

Even later komt dezelfde predikant ook met een resolutie over homosexualiteit. Hij wijst erop, dat de Anglikaanse aartsbisschop van York verklaart, dat er predikanten in de Kerk van Engeland homosexueel zijn en dat scholieren wordt voorgehouden, dat het hier om een wettige manier van sexualltelt gaat Beide resoluties worden aanvaard en gaan naar het Lagerhuis via parlementslid Edward Taylor.

Daarmee is de discussie rond dit stuk der zedelijkheid geëindigd en draagt ds. Fraser MacDonald M. A. uit Portree zijn rapport over over de Sabbathsheiliging. Daarover later. 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 mei 1973

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Free Pretbyt.-synode over verval van godsdienst en morele waarden

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 mei 1973

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken