Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Dopersen bemoeilijkten doorgang Reformatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Dopersen bemoeilijkten doorgang Reformatie

Proefschrift dr. W. Balke:

6 minuten leestijd

Vandaag is de Hervormde predikant van Bodegraven, drs. W. Balke, aan de Rijksuniversiteit van Utrecht gepromoveerd tot doctor in de theologie op het proefschrift „Calvijn en de Doperse Radicalen". Daarmee heeft hij een periode van veel bronnenonderzoek afgesloten en is een leemte in de kerkgeschiedenis opgevuld.

Een van de motto's die aan het proefschrift is meegegeven, is ontleend aan O. Noordmans: „Steeds heb ik de overtuiging gehad en ook uitgesproken dat de Gereformeerde de tweelingbroer is van de Doopsgezinde". De familiebetrekking, vanuit het gezichtspunt van Calvijn, is drs. Balke in een lijvig boekwerk van 388 pagina's nagegaan. De promotor, prof. dr. S. van der Linde, is zelf óok reeds op Calvijn gepromoveerd nl. op „De leer van den Heiligen Geest bij Calvijn" (Wageningen, 1943).

ECHEC

De korte inhoud van de dissertatie die door uitgeverij Ton Bolland te Amsterdam is uitgegeven, is als volgt. Toen Calvijn zich van een jonge humanistische geleerde ontwikkelde tot Reformator, werd zijn theologische politie duidelijk gemarkeerd naar twee kanten, nl. naar Rome en naar de Radicalen. Onder Radicalen werden stromingen verstaan als Spiritualisten, Dwepers en Antitrinitariërs. Opvallend daarbij is dat Calvijn zich juist zo fel uitlaat tegenover de Dopersen omdat zij de positie van de Gereformeerden aantasten; werden Gereformeerden en radicalen op een hoop gegooid en werden de zwakheden van de laatsten ook aan de Gereformeerden toegerekend. Vandaar ook dat Calvijn een scherpe grens gaat trekken om de Gsreformeerden van onjuiste beschuldigen te zuiveren. Zijn optreden valt samen met het echec van het Doperse Rijk in Munster waar men het Koninkrijk Gods naar beneden wilde trekken en het 1000-jarig vrederijk een handje wilde toesteken.

Calvijn legde een voorkeur voor orde en gezag aan de dag en had een afkeer van sectarisme en schismatisme. Dit blijkt uit de opeenvolgende edities van de „Institutie" waarin hij elementen van het Doperdom overneemt, maar hen nog meer bestrijdt. In de uit twee delen besfaande dissertatie is dr. Balke de levensloop van Calvijn nagegaan in zoverre hij in contact kwam met Dopersen (in Straatsburg en via Bucer en zijn echtgenote Idelette van Buren) en in het tweede deel is dr. Balke toegekomen aan een systematische beschrijving die voornamelijk steunt op traktaten en commentaren. 

Achtereenvolgens gaat hij in op thema's als de kinderdoop, de tucht jn de kerk, het recht van Afscheiding, het ambt en het streven naar een volmaakte kerk. Naast deze kerkelijke aspecten komen dan ook maatschappelijke en politieke strijdvragen aan de orde: de eedsweigering ten aanzien van de overheidsambten maatschappijkrltlek, communisme, wereldmijding, anarchisme, pacifisme, revolutie en verzet tegen tirannie en de verwachting van het 1000-jarig rijk. 

BLAMAGE

Hoewel zowel Calvijn als de Dopersen uitgaan van de H. Schrift, gaan beider wegen uiteen als het om het rechte verstaan van de Schrift gaat. Dr. Balke geeft daarvan voorbeelden uit Oude en Nieuwe Testament, de Bergrede en de relatie van Woord en Geest. Calvijn maakt de Dopersen niet voor mensen van het inwendig licht uit; maar als bij hem de heiliging voortvloeit uit de rechtvaardiging, wordt de heiliging bij de Dopersen verzelfstandigd en geperfectioneerd. Calvijn wil de overheid niet mijden, want de overheid is een door God gegeven middel om de orde te bewapen en een afglijden in de chaos te voorkomen. Daarom verwijt hij de Dopers dat zij de kerk verscheuren en de evangelische kerk bij de overheid door hun optreden blameren. Zij vormen een gevaar voor de doorwerking van de Reformatie. De Dopers halen allerlei dingen door elkaar. Hun aanvankelijke weerloosheid slaat soms in het tegendeel van fanatiek radikalisme over (vgl het nieuwe „Sion" in de Doperse stadstaat Munster).

Nog wat personalia van dr. Balke. Geboren in 1933 te Baarn, l«gde hij in 1957 zijn kerkelijk examen af en diende achtereenvolgens de Hervormde gemeenten Langerak bezuiden de Lek en Bodegraven, (vanaf '62). In 1964 legde hij doctoraal examen af waarbij het hoofdaccent vooral op Gunning en de ethische theologie lag. In overleg met de promotor (hoogleraar in de geschiedenis van het Gereformeerd protestantisme) koos hij zich een onderwerp uit de zestiende eeuw. Veel archiefonderzoek verrichtte hij in Geneve. Als predikant werd hij praeses van de classis Gouda, nam deel aan de Hervormde bezinning inzake het ambt en aan oecumenische contacten namens de Hervormde Kerk.

DOPERSE TREKKEN

In het persgesprek waarin dfs. Balke een dag voor zijn promotie zijn proef.schrift introduceerde, accentueerde hij o.a. de actualiteit van zijn historisch onderzoek. Zo zijn er thans zowel bij de maatschappij-kritische theologen als bij de zgn „zwartekousenkerken" Doperse trekken aan te treffen, hoewel daarbij uiteraard de saecularisatie een sterke rol heeft gespeeld. Drs. Balke noemde voorbeelden inzake de opvattingen over de leer der kerk waarbij Calvijn het seperatisme sterk veroordeelde. Hij hekelde het gemak waarmee de Dopersen zich afscheidden. Ook een soort heiligenverering voor krachtige voorgangers bij seperatisten keurde hij af.

Reeds Augustinus die eertijds evenals Calvijn tegen twee fronten streed (de Pelagianen en de Donatisten), zei 'het een en ander over de wereldmijding. Er is wPl degelijk een politieke opdracht en een staan in de wereld, hoewel men niet van de wereld behoort te zijn.

Drs. Balke die zichzelf als „kritisch ten opzichte van de Geref. Bond" omschreef, beklemtoonde dat Calvijn zeer oecumehisch bewogen was, maar als de leerstukken van het Christelijk geloof werden aangetast, eindigde die bewogenheid en begon zijn polemiek. Zo keurde hi.j seperatisme af, maar ook partijvorming binnen de gemeente. Ook modaliteiten? We moeten Calvijn niet in deze tijd laten buikspreken, vond drs. Balke, hoewel in zijn tijd binnen Geneve geen georganiseerde vereniging van vrijzinnigen door hem zou worden geduld.

Calvijn, aldus drs. Balke. koos zich een middenweg tussen individualisme en communisme. Communisme beschouwde, hij als een irreële leer, als een georganiseerde vorm van hebzucht. Uitgangspunt voor de Geneefse hervormer was de Christlijke barmhartigheid als hij een standpunt in het sociale leven innam. Vandaar ook dat drs. Balke tot de uitspraak kwam dat Calvijn nimmer zou hebben goedgekeurd dat de kerken rechtstreeks bevrijdingsbewegingen in Afrika steunen. Geen revolutionair fanatisme en radicalisme.

STELLINGEN

Tenslotte nog enkele stellingen. De divergentie met de Doperse en andere Radikalen heeft Calvijns positie even wezenlijk bepaald als zijn conflikt met Rome (1); Aan het tweede gebod kan men geen bezwaren ontlenen tegen Bach's Mattheuspassion. (9); Waar de Samenhangen in de leer van het Oude en Nieuwe Testament worden losgelaten gaat de deur open voor geestdrijverij. (10); De voorkeur voor de werkdag voor de bevestiging en intrede van een predikant komt zowel voort uit het misverstaan van het karakter van deze diensten als uit onderschatting van het karakter van de zondag. (15)

Het is een illusie te menen dat experimenten van gemeente-opbouw de prediking, de catechese en het pastoraat kunnen vervangen. (17); Eerste voorwaarde voor maatschappij-vernieuwing is theologische bezinning op de bijbelse ascese. Alle initiatieven die hieraan voorbijgaan zijn zonder nut. (18); De zorg voipr het milieu dient het teri-ein *ah''de nétuur everfals het rijk van dé menselijke geest te omvatten, (21); Evenmin als de verkondiging en het pastoraat zich lenen voor politisering, kan dit het geval zijn met het diaconaat. (22); De ekklesiologie v an de Confessio Belgica bevat een schijnbaar separatisme voor wie deze artikelen niet kan verstaan tegen de achtergrond van de polemiek met Rome. Men kan hieraan geen argument voor isolering of afscheiding ontlenen. (23).

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Dopersen bemoeilijkten doorgang Reformatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken