Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Brugge: Eens de belangrijkste havenstad

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Brugge: Eens de belangrijkste havenstad

WOL- EN LAKENINDUSTRIE

6 minuten leestijd

Brugge, ,die scone' hoofdstad van de Belgische provincie West-Vlaanderen, die ruim 50.000 inwoners telt, was in de dertiende en veertiende eeuw de belangrijkste havenstad van Noord-Europa en het centrale punt in de graafschap Vlaanderen. Via het brede ,Zwyn' was de stad met de zee verbonden en vooral door de wol en lakennijverheid kwam de stad tot enorme bloei. In de twaalfde eeuw moest het Zwin van sluizen worden voorzien om de weg naar zee bevaarbaar te houden.

De bloei hield stand tot ver in de zestiendie eeuw. Door een sterke verzanding van het Zwin kwijnde daarna de handelsmacht van Brugge. In 1875 werden een zeekanaal en een zeehaven ontworpen, welke plannen in 1896 tot uitvoering kwamen en in 1807 waren haven en kanaal voltooid. 

In de vijftiende eeuw bracht de Bourgondische hofhouding een geweldige opbloei van de kunsten teweeg. Prachtige gebouwen, monumentale kerken en paleizen, gilde- en natiebuizen verrezen in alle stadswijken.

Brugge is dan ook één kolossaal museum. Deze stad heeft een onweerstaanbare bekoorlijkheid door haar gebouwen, schilderachtige bruggen en de reien, welke haar de bijnaam „Venetië van het Noorden" bezorgde, en door het rustvolle "Prinselijke Bagijnhof te Wijngaarden" uit 1245, de musea en de typische straatjes waarin de kantwerksters hun eeuwenoud handwerk uitoefenen.

Belfort

Eén der merkwaardigste praalgebouwen van BeJgië is de Markthalle uit 1248 op de Grote Mamkt, verbanden door een 88 m hoog Belfort, symbool der gemeentelijke vrijheden. Het Belfort werd door brand verniietigd en daarna herbouwd. Boven de uit baksteen opgetrokken verdieping uit 1248, werd in de veertiende eeuw het tweede vierkante gedeelte gebouwd. De achtkantige natuurstenen bovenbouw met de vier hoektorentjes werd in 1482 voltooid. In dit gedeelte hangt de 6.200 kg wegende Zegeklok en het uit 47 klokken bestaande carillon, met een totaal gewicht van 27 ton. Dit carillon is een van de beroemdste van Europa.

Samen met het Belfort, de stoere toren van de St. Salvator en de 122 hoge O.L. Vrouwetoren vormen deze die torens de grootste bouwkolossen, die in het Brugse stadsbeeld domineren en die omhoogstrevend, maar beheerst, met rustige onverzettelij'kheid zonder overdreven gebaar, uitdrukking geven aan een glorierijk verleden.

Tien eeuwen oud

De oudste kerk van Brugge is de St. Salvator, waarvan met de DOUW werd begonnen in 961. Hierin bevinden zich enkele gebrandschilderde ramen, vele schilderijen uit de zeventiende eeuw, een gebeeldhouwd doksaal, met het mooie orgel (1679-1717), praalgraven, grafmonumenten en koorgestoelten met de wapenschilden van de ridders van het Gulden Vlies. Het romaanse gedeelte uit die twaalfde eeuw wend in de toren behouden. In de dertiende eeuw werd de kerk verbouwd in de toen heersende gotische stijl, waarna zij in de vijftiende eeuw met vijf prachtige straalkapellen in Brabantse stijl werd verrijkt. De toren heeft een minder gelukkige bekroning, maar het interieur van de kerk is indrukwekkend.

Van de uniek gelegen O L. Vrouwekeonk, welke een lengte heeft van 73 m, werd omstreeks 1220 de eerste steen gelegd', welk gedeelte wordt teruggevonden in de hoofdbeuk. Aan de bouw van de toren werd omstreeks 1220-1230 begonnen; deze is bekroond met een bakstenen spits.

In de kerk treffen we de praalgraven aan van de jonge hertogin Maria van Bourgondië en haaa- vader Karel de Stoute, uitgevoerd resp. in de jaren 1495-1496 en in 1562 in zwarte leisteen en verguld koper en voorts een prachtig gebeeldhouwde witmarmeren beeld van de Italiaanse kunstenaar Michel Anigelo. Het doksaal is uit 1722  en het koorgestoelte uit 1770. 

Macht

De geschiedenis van deze drie gebouwen is nauw verbonden aan hei ontstaan der stedtelijike vrijheden en die van de burgerij, die wilde dat haar belangrijke gebouwen uiting gaven van haar macht. En hebben de gilden het gevoel van menselijke eigenwaarde niet sterk doen verhogen? Het moet ledere vakman in de gildentijd een gevoel van trots gegeven hebben ertoe te mogen behoren. Elk tijdperk heeft haar verdiensten en zo spreekt de stad Brugge van de macht en de rijkdon, van de gilden en ook nu nog genieten Bruggenairen en haar bezoekers van haar rijke bezit van kostelijke bouwwerken vergaard in vroeger eeuwen.

Stadhuis

Met de bouw van het prachtige stadhuis op De Burg wend in 1376 begonnen; zij werd in 1420 voltooid. In de Gotische zaal waarvan de wanden bescliLlderd zijn, bevindt zich een sierlijk hanggewelf uit 1402. De voongevel is versierd met bijbelse en historische personen. Door een bomaanslag werd o.a. ook deze gevel enkele jaren geleden beschadigd, doch zij is thans weer geheel hersteld.

Naast het stadhuis bevinden zich de oude griffie (1537), het gerechtshof en ook de romaanse crypte van de St. Basetiskapel .(1139). De bovenkapel werd in de vijftiende eeuw verbouwd. Verder bevinden zich op De Burg ook de fundamenten van de vroegere St. Donarskathedraal, een Karolingisch bouwwerk uit rond 900, waarin Karel de Goede in 1127 werd vermoord.

Niet alleen de toerist, ook de kunstliefhebber vindt in Brugge een schat van kunstwerken in vele musea. In het vijftiende eeuwse Gruuthus museum met zijn waardevolle verzameling is in 15 zalen een groot aantal schilderijen ondergebracht van de beroemdste Vlaamse meesters, alsmede prachtige primitieven.

In het St. Janshospitaal tegenover de toren van de O.L. Vrouwekerk is het Menling museum. Hier zijn de onovertroffen meesterwerken van Hans Menling tentoongesteld. Het Brangwijn-museum bevat schdldeirwerken van Frank Brangwijn (1867-1956) door hem zelf aan zijn geboorteland geschonken.

Het geboortehuis van Guido Gezelle is in een museum herschapen waar alles wat op hem en zijn wenk betrekking heeft, is samengebracht. Men kan er in keurig handschrift geschreven verzen lezen, zoals: „Heer mijn hert is boos en schuldig" en „Mij spreekt de blomme een tale". 

Tot slot vermelden wij nog het Potteriemuseum en het Kruispoortmuseum, in een van de nog aanwezige stadspoorten, waarin een overzicht wordt gegeven van de geschiedenis van België (1830-1945). Het ziijn rijke en veelzijdige bezienswaardigheden.

Men zou in Brugge weken kunnen verblijven om alles te zien; het is allemaal mooi en prachtig. En al die pracht wordt omstrengeld door de reien, die op vele plaatsen zijn overspannen door eeuwenoude stenen bruggen. In de zomermaanden zijn de voornaamste monumenten én de reien sprookjesachtig en veelkleurig verlicht.

Behalve de vele r.k. kerken heeft Brugge ook een Evangelisch Hei-vormde Kerk waarin zijn opgenomen de Hervormde Gemeente en de Gereformeerde kerk, Witte Leertouwerstraat 47 en de Evangelische kerk aan de Naaldenstraat. 




Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juni 1973

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Brugge: Eens de belangrijkste havenstad

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juni 1973

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken