Bekijk het origineel

Mijn discussie-interview is - geen filter of trechter, maar - een onbekend instrument

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Mijn discussie-interview is - geen filter of trechter, maar - een onbekend instrument

Rik Valkenburg

13 minuten leestijd

Dezer dagen zal van de bekende Veenendaalse publicist en journalist Rik Valkenburg het vijfentwintigste boek op de markt verschijnen. Een jubileum dus. Welk boek zijn 25ste zal worden, weet Rik Valkenburg evenwel nauwelijks. Het zal er een van de zes zijn die momenteel op stapel staan. Dat betekent dat hij in negen jaar tijds zo'n 30 werken op zijn naam heeft gebracht en als hij in dit tempo doorgaat, kan hij nog net voor zijn pensioen de 100 volmaken. Een aantal dat medescribenten met eerbied vervult. Nietwaar, vele mensen hebben zo'n aantal niet eens op de boekenplank staan, daargelaten, dat men ze zelf schrijft.

Je zou bijna denken dat hij van vroege ochtend tot de late avond zijn vingers blauw schrijft. Dat heeft hij ook wel gedaan, maar tegenwoordig verricht een typiste zijn schrijfwerk en houdt weer een ander zijn uitgedijd archief bij.
De "rest" doet hij zelf. Die „rest" bestaat dan uit het uitkiezen van interessante persoonlijkheden, die genoeg hebben meegemaakt om wat te kunnen vertellen en die dan op Valkenburg's onnavolgbare wijze worden „uitgeperst" in de welbekende discussieinterviews. Die verschijnen meestal in „Koers", in regionale kranten en als ze meer dan actuele waarde hebben, in boekvorm.

Dikke 200
Het is een ietwat vreemde gewaarwording iemand te interviewen die er zelf zo'n dikke tweehonderd achter de rug heeft. Bij wijze van spreken had hij ook zelf zijn eigen interview kunnen schrijven! Zo ver kwam het uiteraard niet.
Men moet ook niet denken dat deze fors gebouwde figuur briesend rondgaat door het land, zoekende wie hij zou interviewen, zoals een bevriend journalist eens schreef. Geenszins, in alle vriendelijkheid probeert hij na te gaan wat iemand het meest drijft. Zijn methode is , mede door een uitermate fatsoenlijke, edoch dringende vraagstelling, omlijst met een tegemoetkomende mimiek, af te tasten of de geïnterviewde, die boodschap dan wel Bijbels of etisch kan verdedigen. Daarbij hanteert hij de gebruikelijke manier van tegenovergestelde of alternatieve meningen om zo iemand uit zijn tent te lokken.
Nooit heeft hij in dit werk ruzie gehad; is er ook nimmer na vijf minuten uitgegooid. Alhoewel, glimlacht Valkenburg vergenoegd terugdenkend, hij en prof. dr. Berkhof elkaar etisch correct met van alles om de oren sloegen. Bij de Amsterdamse rabbijn dr. J. Soetendorp kreeg niet Rik ruzie, maar wel de Rabbi, bijna met zijn vrouw en secretaresse, omdat het etensuur steeds maar werd verschoven. In dat gesprek rees de Rabbi soms als een boom overeind, maar, zo vertelt Valkenburg, „dan rees ik ook als een boom overeind. We waren het toen oneens over Jesajd 53, wat de exeges betreft.
Een kleine greep uit zijn vele interviews willen we onze lezers niet onthouden. Valkenburg sprak o.a. met: ds. R. Kok, ds. F. Mallan. ds. Joh. van der Poel, ir. J. van der Graaf, de hoogleraren Kuitert, Van Niftrik, Berkhof, C. Veenhof, burgemeester J. J. O. Boot, oud-minister Roolvink, pater Kotte, J. J. Frinsel, prinses Irene, P. Jongeling, Nel Benschop, Cornells Lambregtse, Feike Asma. Een rijke verscheidenheid. 
   Bent u nooit wat bedeesd of , zenuwachtig als u naar zulke
   knappe koppen moet?
Alleen voor het gesprek met prinses Irene was ik een tikkeltje zenuwachtig. Maar dat spreekt eigenlijk vanzelf, want je weet nooit hoe zoiets uitvalt.
  Ziet u er dan niet tegenop een man als Kuitert of Berkhof te interviewen? Het zijn
  toch geen kleine jongens?
Helemaal niet. Ik bereid me grondig voor. Lees krantenartikelen e.d. en bestudeer hun levensloop. En tijdens het gesprek val ik ze aan. Na het gesprek met Kuitert was ik wel een paar dagen piekerig. Maar meteen daarna ben ik welbewust naar de nu overleden ds. L. Vroegindeweij gegaan. (Om weer in evenwicht te komen? Brede lach!)
  Welke auteurs leest u veel?
Wel. de Ersklnes, Boston, Bunyan, Smijtegelt.
  Jawel, maar in het algemeen?
Nou, Bomans. Kijk, ik studeer meer dan ik lees. Vaak ben ik gedwongen veel te lezen, waar ik het niet mee eens ben. Soms vermijd ik het om boeken van mijn geïnterviewden te lezen omdat ik liever origineel en fris van de lever wil interviewen. Het gaat mij niet altijd om wat ik van ze lees, maar wat ze Bijbels kunnen volhouden.

U was SGPer?
   U was SGPer. U komt uit de Geref. Gemeenten. U was toen ook voorstander van
   de SGP. Dat is nu veranderd? Hoe "ziet u dat thans zelf?
Ik heb geïnterviewd ds. G. H, Abma (SGP), ir. H. van Rossum (SGP), drs. G. van Leyenhorst (CHU), Ad Schouten (AR), mr. M. W. Schakel (AR), J. W. Pier (CHU), C. J. Smits (NEV), G. van de Berg (SGP), Roolvink (AR), P. Jongeling (GPV), J. J. O. Boot (AR), prof. dr. C. J. Drogendijk (AR), op deze allen zou ik willen en kunnen stemmen. En wat zou ik blij zijn als ze allemaal in één partij zaten.—Maar ik weet wel dat dit een vrome wens zal blijven.
     Allemaal rechtse figuren?....
Rechts in de politiek is niet voldoende. Ze moeten betrouwbaar reformatorisch zijn en ook sociaal voelend vanuit Bijbelse noties. Bij alle gebrek, dacht ik dat ik ook bij deze figuren meer aandacht voor de sociale zijde van het Evangeie komt. Maar primair acht ik de gehoorzaamheid aan de Schrift.
      U komt veel in aanraking met allerlei theologen. Bent u na al die gesprekken
      niet wat teleurgesteld in hen, als u daarbij bedenkt dat vele kerkgangers hen
      wel een zekere verering toedragen?
De ethiek van de theologen is dezelfde als die van de kerkmensen. Die komt daar niet onder en ook niet boven uit. Dat doet mij ook niet zoveel omdat ik besef dat ook zij slechts aarden vaten zijn die God belieft te gebruiken. Ik heb wel respect voor theologen omdat zij vaak een moeilijke strijd moeten voeren en daarbij behept zijn met dezelfde belemmeringen die elk normaal mens heeft. Nee, na al die interviews is mijn respect eerder toe- dan afgenomen.

Kleinburgerlijk
Na enig gediscussieer voegt Valkenburg daar aan toe. Ik mag niet generaliseren, maar soms zie ik wel een bepaalde kleinburgerlijkheid bij hen als ze zich niet breed genoeg tegenover hun naasten kunnen opstellen. Veel theologen weten ook niet wat er in het groot aan de hand is. Met naasten bedoel ik dan de theologen, die hen eigenlijk het naast zijn. Waar ze dan heel dicht bij staan. Hierbij doel ik op de toenemende invloed van het neo-marxisme. En dan besef ik dat, we aan de ene kant niet aan de sociale nood voorbij kunnen, dat we horizontalistisch moeten leren zijn, maar dat het unieke van de Bijbel niet alleen in ethische waarden is uit te drukken. Een vooraanstaande marxist zei onlangs: „Wij hebben niet met de kerk van doen, maar de kerk heeft alles met ons van doen". Hij doelde er op dat de kerk nu wel coquetteert met het communisme, maar dat zij, communisten, van de kerk nog steeds niets moeten hebben. Dit moet dus voor de kerk en zeker voor de Wereldraad van Kerken een waarschuwing zijn. Dit betekent niet dat we neo-marxisten en progressieve theologen van alles in de schoenen moeten schuiven. We hebben als kerk ook terdege een taak, ook een politieke en sociale, voor de wereld. Ik denk dan aan milieu, ontwikkelingssamenwerking e.d. Dat mag niet verwaarloosd worden.

Klakkeloos
Maar aan de andere kant houdt dat zeker niet in dat we klakkeloos, als sommige horizontalisten, uitspraken van Jezus Christus mogen verbinden met actuele wereldnoden en daar zodoende de hoogste ethische waarden en prioriteiten aan verlenen. In Nederland is nu een heilstaat aangebroken, maar die staat lijkt soms heillozer dan ooit. Het doel van Christus was de aarde te vervullen met de Naam van Zijn Vader en niet primair om overal welvaart te brengen.
     U vindt het optreden van de arbeidersbeweging onjuist.
Er moest wel een arbeidersbeweging komen. Het heeft zijn dienst gedaan. Alleen als we daar ons heil van verwachten, zullen we nog nooit zo teleurgesteld zijn uitgekomen. Het verloren paradijs wordt op aarde niet hersteld als een produkt van menselijk streven.
Valkenburg zegt over het eigenlijke journalistieke werk dat hij geen „filter" en ook geen „trechter" van de opinies is. Hij zift de meningen niet en het valt er ook niet zomaar door. Zijn discussie-interview is een onbekend instrument. Voorlopig gaat hij door met zijn dicussies waarin hij de Evangelische boodschap vanuit de theologie en de dogmatiek poogt te distilleren. Daarbij wil hij duidelijk stellen dat het ten diepste gaat om de eenvoudige,Bijbelse boodschap.
Met de aangenaamste herinneringen denkt hij terug aan zijn boek „Frontale botsing", een levensecht verhaal over het laatste oorlogshalfjaar dat binnenkort opnieuw verschijnt.

Psalm 139
  Geheel in de stijl van Valkenburg vragen wij tenslotte. Hebt nog een
  slotopmerking, bijv. over het uur van het eindoordeel?

Ik kan daar niets zinnigs over zeggen. Alleen de Vader weet in welke ure Zijn Christus zal wederkomen. Wel meen ik dat het eschaton mij het meest drijft in mijn leven. Er zijn perioden geweest dat ik niet dacht nog een dag te zullen leven. Toen kwam zeer sterk op mij af de zin van het leven. We kunnen het wenden en keren zoveel als we willen, maar als we aan het eind van ons leven niet op wat psalm 139 „de eeuwige weg" noemt, terecht zijn gekomen, moet ons leven voor onszelf als mislukt worden beschouwd. Ten diepste gaat het erom onszelf en anderen - in alle gebrek en tekortkomingen - voor te bereiden op de komst van Jezus Christus; op de grote Dag des Heeren, tot heil van onszelf en tot eer van de Grote Koning. Dit kost een grote strijd in je leven, we zijn helaas maar al te zeer geneigd God en onze naaste te haten vanuit onze eigen natuur, dus ook onszelf. Het is altijd weer een uitzien naar kracht van Boven, om daar bovenuit te mogen komen.

    Dat lijkt wel een preek.
Mag het?"'

______________________________________________________________

Het is de bekende Veenendaalse publicist en journalist Rik Valkenburg niet altijd van een leien dakje gegaan. Daarvan getuigt zijn levensloop. Geboren op 20 november 1923 in één van de armste gedeelten van Veenendaal, werd hij gedoopt door de toen en thans nog bekende ds. H. Kieviet en groeide hij op in de sfeer van de Geref. Gemeenten. Later was hij een jeugdig voorvechter van de SGP. Na de lagere school, bezocht hij een jaar en drie maanden de MULO maar moet dit afbreken om, in de toenmalige crisistijd via een loontje van twee gulden per week bij een sigarenfabriek geld in het (ouderlijk) laadje te brengen. In de tweede wereldoorlog vermeed hij de ,,arbeidsdienst" in Duitsland door bij zijn broer als kapper te gaan werken. Middenstanders vierden immers voorlopig vrijgesteld! Tot 1970 bleef hij kapper; daarna knipt hij alleen nog zijn broer. In 1961 begon Valkenburg met schrijven. Zijn eerste boekje, het kerstverhaal "De autorit van Jan en Willy", liep goed. Een volgend werkje stuurde de uitgever evenwel terug. Enkele jaren later bracht ,,Frontale botsing" hem echter grotere bekendheid en een stroom van opdrachten. Dat was ook wel nodig, want een bromfietongeluk maakte hem een jaar invalide en het kappersvak zou hij van lieverlede vaarwel moeten zeggen. De gevolgen van o.m. een gebroken heup beletten hem het langdurige staan. Enfin, hij kan nu al terugzien op een aardige reeks van kinderverhalen, oorlogsboeken, interviewboeken, kerstverhalen, enz. Daarnaast is Valkenburg hoofdleider van een (reformatorische) zondagsschool in Veenendaal (met veel Chr. Geref. kinderen), houdt hij lezingen voor bejaarden, leidt hij een muziekclubje, is hij bibliothecaris van het Chr. Geref. boekenbezit 3.000 in Veenendaal, organiseert hij niet-commerciële zomerreizen en is hij tenslotte vrijgezel. Binnenkort zullen de volgende werken uitkomen: Wedloop met de dood. De kerkelijke smaakmakers, Leren hoe hij wandelen moet. Een mens in haatuniform. Kerstfeest in de oude boshut en SGP'ers over brandpunten. In dit laatste boek heeft Valkenburg de volgende prominenten geinterviewd: burgemeester G. van den Berg (Geref. Gem.), ds. P. J. Dorsman (Herv.), ds. E. du Marchie van Voorthuijsen (Oud Geref.). ds. H. Rijksen (Geref. Gem), L. M. P. Scholten (Geref. Gem. in Ned.) en ir. H. van Rossum (Geref. Gem.). Als deze boeken zijn uitgekomen, heeft Valkenburg zeker nog stof voor zeven volgende boeken. Volgend jaar hoopt hij Israël te bezoeken, na dit jaar in Denemarken als journalist te hebben rondgekeken. En tenslotte: Valkenburg scoorde met zijn discussie-interviews in het reformatorisch opinieblad ,,Koers" waarvan hij redacteur algemene zaken is, één van de hoogste cijfers bij een enquête die dit blad kortgeleden onder lezers instelde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 11 september 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Mijn discussie-interview is - geen filter of trechter, maar - een onbekend instrument

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 11 september 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken