Bekijk het origineel

door HUGO KIN6MANS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

door HUGO KIN6MANS

1 minuut leestijd

En toen lachten zij allen. „Konden jullie weg, jongens?" vroeg Arends opgewekt.

Het verheugde hem zo, zijn jongen» gezond en wel thuis te zien. En in zijn hart dankte h'j God, dat zij niet verruwden in het leger, waar van alles bij elkaar verenigd was.

„o ja, vader, ik denk, dat wij over een paar maanden thuis komen".

„Geloof het niet, jongens. Geloof hel niet", zei moeder Arends bedachtzaam. „Stellig, moeder. Wie helemaal vrijwillig gekomen is, dus voor de oproep der staten, mag spoedig naar huis. „En de Fransen dan?" vroeg de boet. Ar'e lachte. „Die worden als het mooi weer wordl het land uitgejaagd".

„Spreek nu niet in raadselen, Arie!' zei Aal, die tegen hem aanleunde. „Jullie hebben nieuws".

„Ik zal het vertellen", zei Andries, „maar er Biet over spreken hoor Ik heb het gehoord van luitenant Beekman, u weet wel. Zo nu en dan spreken wij hem nog wel eens".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 september 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

door HUGO KIN6MANS

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 september 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken