Bekijk het origineel

C. N. van Dis; ,,Naast goed belegde boterham prettige woonwijken onontbeerlijk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

C. N. van Dis; ,,Naast goed belegde boterham prettige woonwijken onontbeerlijk

Selectief Investeringsbeleid (III)

4 minuten leestijd

De .Staatkundig Gereformeerde Partij heeft de ondernemersvrijheid hoog in het vaandel geschreven. „De overheid bevordere waar mogelijk de vrije ontplooiing van het bedrijfsleven en remme haar activiteiten zo min mogelijk door beperkende wettelijk of verordenende bepalingen", zegt Punten van belang voor beleid — een staatkundig gereformeerde visie uit 1972 — ondubbelzinnig. Toch mag zo'n standpunt voor de overheid geen argument zijn om — met de armen over elkaar — de boel in het honderd te laten lopen. In sommige gevallen is overheidsingrijpen „ronduit onontkoombaar", zo erkennen SGP'ers.

'• (Wri onze pariementsredacteur)

De moeilijkheid is alleen wanneer nu precies van zo'n „uitzonderingsgeval" gesproken kan worden. Rechtvaardigt bijvoorbeeld de opeenstapeling van inwoner.? en industrieën in de Randstad - met alle schaduwzijden van dieri voor het werk-, woon- en leefklimf^t - een ingrijpen van de overheid? Hee# „Dén Haag" wel tot taak de industriële groei in hèt westen af te remmen? Is dit niet veeleer een zaak van het bedrijfsleven?

„Het bedrijfsleven moet echter seen remmen opgelegd worden die niet absoluut noodzakelijk zijn" onderstreept Van. Dis het SGP-standpuntVóg eens duidelijk. de bedrijfsuitbreidingen en -vestigingen afgeremd worden via vergunningen of heffingen? Van Dis: „Hoewel het stelsel/ van heffingen - dat de beslissingsvrijheid van de ondernemer in takt laat - beter in onze • opvattingen over de taak van de overheid past. kleven er verschillende bezwaren aan".

„Heffingen werken globaal: ze gelden voor iedereen. Men kan dus geen rekening houden met de belangen van een bepaalde ondernemer of van een speciale bedrijfstak. Dat is een belangrijk nadeel. Want er zijn nu eenmaal bedrijven die - vanwege een noodzakelijke binding met de Randstad - heel moeilijk naar bijv. het noorden kunnen verhuizen. Terecht blijven dan ook vele van deze plaatsgebonden ondernemingen (zoals bedrijfsgebouwen van land- en tuinbouw) buiten schot, terwijl voor andere (veilingen, entrepots) een aangepast tarief geldt".

„Een tweede bezwaar tegen het stelsel van heffingen is dat het gehele westelijke gebied over één kam gescheerd wordt. De Randstad vormt echter een bont samenraapsel van verschillende regio's die elk hun specifieke problemen hebben. De matevan overconcentratie verschilt van streek tot streek. Op Goeree en Overtlakkee, In de binnensteden en in de omgeving .van Gouda zal de heffing daarom verkeerd uitpakken".

De mogelijkheid om met de verschillen zo^vel tussen de bedrijfstakken als tussen de diverse regio's rekening te houden, schuilt volgens het SGP-kamerlid in een heffingenstelsel met geddfferentieerde tarieven: voor de ene bedrijfstak een lager tarief dan vóór de andere en in gebied A een hogere heffitjg op de bouwkosten dan in streek B.

MAATSTAVEN

Ten grondslag aan zo'n - bijster ingewikkeld - gediffetitieerd heffingenstelsel zou een aantal objectieve maatstaven moeten liggen. Daar zit 'm echter het knelpunt. Want - naar de woorden van Van Dis - „nieniand" is in staat objectieve toetsingscriteria op een rijtje te zetten die de mate van congestiebevordering aangeven".

„Overconcentratie is een zuiver gevoelsmatige zaak. Je kunt niet zeggen: Rijnmond kampt met congestie, omdat er zoveel miljoen mensen wonen, zoveel duizend auto's rijden en zoveel fabrieken staan. De ene mens heeft sneller last van smog of uitlaatgassen dan de andere. Overconcentratie laat zich niet in een schema onderbrengen, waaruit voor iedereen geldende, objectieve conclusies getrokken kunnen worden. Het opstellen van onbevooroordeelde maatstaven, waaraan aanvragen om te mogen investeren getoetst moeten worden, is éerhalve onmogelijk'.

Die onmogelijkheid van objectieve toetsingscriteria is voor de SGP ook de reden om het vergunningsysteem in beginsel van de hand te wijzen. De vergunningen - „jij wel, rnaar jij niet" - openen de deur naar beleidswillekeur. Alleen door het inbouwen van keiharde zekerheden in liet stelsel van vergunningen zou het element van , willekeur in de overheidsbeslissingen binnen de perken gehouden kunnen worden.

Zowel een gediffentieerd heffingenstelsel als een systeem van vergunningen worden door het SGP-kamerlid dus om vrijwel dezelfde reden overboord gezet: een grillige overheid kan als puntje bij paaltje komt niet tegengehouden worden. Blijft over het „globale" heffingensysteem, waaraan echter verschillende grote bezwaren kleven. Geniet deze afremmingsmogelijkheid desondanks de uiteindelijke voorkeur van de SGP?

WERKLOOSHEID

Tot verwondering van Van Dis komt van de 750 „werkgelegenheidsmiljoenen"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 oktober 1973

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

C. N. van Dis; ,,Naast goed belegde boterham prettige woonwijken onontbeerlijk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 oktober 1973

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken